www.odemagazine.com

Christopher Shaw | 6 januari/februari 1996 issue

Gestolen spiritualiteit

Bezoekers van boekwinkels in de Verenigde Staten werden onlangs geconfronteerd met een boos pamflet: ‘Stop de uitbuiting van Indiaanse tradities! Wij zijn woedend over de schaamteloze manier waarop onze gewijde, religieuze tradities door namaak-Indianen en zogenaamde goeroes in de New Age-beweging worden uitgebuit en nagebootst. Dankzij deze heilige rituelen heeft ons volk vijf eeuwen van volkerenmoord overleefd. Wij staan niet toe dat deze heilige gaven worden geschonden en misbruikt. Onze gewijde spirituele gebruiken zijn niet te koop, en wie probeert ze van ons te stelen, maakt zich schuldig aan spirituele volkerenmoord.’

Je hoeft niet ver te kijken om te zien op wie de woede van de Indianen zich richt. Tegenwoordig worden door leraren met uiteenlopende bevoegdheden – zowel Indianen als niet-Indianen – aanzienlijke bedragen in rekening gebracht voor zogenaamde Indiaanse zweethutceremoniën, zonnedansen en sjamanistische healings. Dat er van Indiaanse rituelen en ceremoniën een dergelijke aantrekkingskracht uitgaat is in deze tijd – waarin velen op zoek zijn naar het spirituele – niet verrassend. Traditionele Indiaanse ideeën – zoals respect voor de aarde en de erkenning dat alles wat leeft met elkaar is verbonden – spreken tot de verbeelding van mensen die proberen een ecologisch bewustzijn te kweken. Maar in het licht van de lange geschiedenis van kolonisatie van Indianen en hun langdurige strijd om culturele erkenning, die tot op de dag van vandaag voortduurt, ervaren Indianen de nieuwsgierigheid van vaak welgestelde blanken naar een vaag soort spirituele ‘Indiaansheid’ als een grove belediging. Zij spreken van ‘de eindfase van de genocide’. ‘Eerst namen de blanken ons alle land en bezittingen af, nu willen ze ook nog ons immateriële bezit’, heet het. ‘Deze gekunstelde pseudo-Indiaanse activiteiten zijn te vergelijken met een ongelovige die de gedaanten van de communie als een snack aan toevallige voorbijgangers uitdeelt. Stel dat hij met niet meer aan dan mocassins en een lendendoek een kathedraal zou binnenlopen en zou proberen de plaats van de priester in te nemen? Of dat hij op Jom Kippoer een synagoge binnen zou gaan en in de plaats van de cantor het Kol Nidre zou zingen? Zelfs als hij de juiste dingen zou zeggen en doen, dan heeft hij daar nog niet het recht toe, en de kans is groot dat hij de gevoelens van de respectieve religieuze gemeenschappen ernstig zou kwetsen.’

Hoewel niemand de verdraaiing en het misbruik van de Indiaanse leringen verdedigt, zijn er mensen die vinden dat de Indiaanse spiritualiteit op een goede manier met niet-Indianen kan worden gedeeld. Dorothy Blackcrow Mack, een blanke vrouw die met een Indiaanse man is gehuwd en die toezichthoudster is geweest van een origineel Indiaans zonnedansterrein, erkent dat als niet-Indianen niet elke dag ‘leven’ met de Indiaanse spiritualiteit ze deze niet kunnen bevatten. Velen denken echter dat ze met de rituelen en ceremoniën kunnen spelen. Toch, zegt ze, kan niemand verering in een wet vastleggen; het Grote Mysterie is er voor iedereen die gelooft. ‘Ik heb Indianen aan niet-Indianen horen vertellen dat ze niet kunnen trommelen, ratels van hertenagels kunnen gebruiken of de gewijde pijp kunnen vasthouden’, schrijft Mack, die tegenwoordig Indiaanse literatuur doceert. ‘In Greengrass zei een Dakota mij eens dat ik er niet mocht bidden, maar ik keek hem recht in zijn blauwe ogen en glimlachte: niemand kan een ander ervan weerhouden waar dan ook te bidden.’ ‘Zo kan ook niemand een ander zeggen dat hij moet vasten, of dit nu een hanbleceya wordt genoemd of niet. We hebben bezoekers vaak gezegd dat ze niet konden zonnedansen bij de Backcrow, maar niet dat ze niet mochten zonnedansen – als ze zo dom waren om het te proberen zonder enig begrip van de krachten die ze daarmee oproepen. Dezepogingen om de spiritualiteit van de Indianen voor de Indianen te houden is begrijpelijk. Ze zijn gebaseerd op angst – de angst dat hun spiritualiteit hun afgenomen kan worden. Dat kan echter niet. Er is niemand die een ander zijn geloof kan afnemen.’

Sommige Indianen die de traditionele gebruiken volgen, zijn blij met de belangstelling van blanken voor hun cultuur en zien het als teken van een tijd van genezing. Wijlen het opperhoofd Frank Fools Crow – een heilige man van de Dakota die heeft bijgedragen tot het herstel van de zonnedans en die een van de spirituele grondleggers was van de Amerikaanse Indianenbeweging – was van mening dat de Indianen sommige wijsheden die ze gedurende eeuwen op hun land hadden opgedaan aan de wereld verschuldigd waren. ‘De kracht en gebruiken zijn ons gegeven om aan anderen over te dragen’, zei opperhoofd Fools Crow. ‘Wie anders denkt of handelt laat zich leiden door egoïsme.’ Maar zelfs degenen die het eens zijn met opperhoofd Fools Crow zijn het vaak weer oneens over welke lessen mogen worden gedeeld en welke manier zich daarvoor het beste leent. Er moet een aantal moeilijke vragen worden beantwoord: kan een spirituele traditie die zo nauw verweven is met een cultuur haar betekenis buiten die context behouden? En zo ja, hoe kunnen die lessen dan zodanig worden overgebracht op buitenstaanders dat daarbij de traditie niet in gevaar wordt gebracht?

Doug George is Mohawk en columnist bij een krant. Hij zegt: ‘We hebben een aantal slechte ervaringen gehad met mensen aan wie we onze kennis hebben toevertrouwd. Mensen die een slaatje hebben geslagen uit wat we hun hebben verteld.’ George is betrokken bij de organisatie van congressen over ‘traditionele kennis’. De congressen zijn bedoeld om Indianen uit heel Noord-Amerika samen te brengen om te bespreken wat die traditionele kennis inhoudt en hoe deze het beste bewaard kan blijven. ‘Het is een manier om terug te kijken naar wat we vroeger hadden en dat mee te nemen naar de toekomst’, zegt George. De congressen staan vooralsnog niet open voor niet-Indianen. George legt uit dat mensen zich veilig moeten voelen wanneer ze kennis uitwisselen die specifiek is voor bepaalde volken en gebieden, kennis die in sommige gevallen als gewijd wordt beschouwd en die als zodanig moet worden beschermd. ‘Indianen geloven dat wanneer je een “cirkelceremonie” ingaat, iedereen in de cirkel gelijk van geest moet zijn. De spreker staat op en spreekt een dankwoord uit waarbij hij verwijst naar het samenkomen van geesten: al onze geesten zijn samen als één. Als dat niet je overtuiging is, is het moeilijk om je intellectuele vragen en je nieuwsgierigheid even te vergeten en spiritueel en emotioneel samen te smelten met de groep. Als je op intuïtief niveau begrijpt wat er gebeurt, als je wezen ervan doordrongen wordt, dan is er geen probleem. Als iemand het om de een of andere reden niet begrijpt, ongeacht of hij een Indiaan is of niet, dan werkt dat verstorend.’

Tijdens Indiaanse bijeenkomsten wordt volgens George regelmatig gesproken over de nieuwgierigheid naar Indiaanse spiritualiteit bij New Age-mensen. Hij gelooft dat als Indianen allerlei soorten kennis, waaronder spirituele kennis, wereldkundig maken, dit zekere voordelen kan bieden. ‘Ik juich het idee toe dat mensen vragen stellen bij wat er om hen heen gebeurt en proberen om alternatieven te vinden. Indianen hebben een bepaalde kijk op de wereld die iedereen zou moeten aannemen, namelijk dat de mens onderdeel uitmaakt van de schepping en er niet los van staat vanwege zijn intellect of de rede.’ Maar hij onderstreept dat wie vandaag de dag het leven en de spiritualiteit van de Indianen onderzoekt, ook de complexe problematiek waar deze bevolkingsgroep mee te maken heeft – de geschiedenis, landeisen, interne stammenstrijd, de teruggave van gewijde voorwerpen en Indiaanse overblijfselen, economische omstandigheden, enzovoorts – onder ogen moet zien. Wie dat niet doet, loopt het risico de cultuur te romantiseren. ‘Leven in een idealistische samenleving die vrij is van de gewoonlijke beperkingen van de technologische wereld heeft iets aantrekkelijks’, zegt George. ‘De mensen zouden graag in een eenvoudigere tijd willen leven. Wie kan het ze kwalijk nemen? Indianen willen dat net zo goed.’ Hij moedigt Amerikanen van Europese afkomst aan op zoek te gaan naar hun eigen achtergrond. ‘Als je ver genoeg teruggaat, zul je zien dat de Kelten, de Angelsaksen, de Saksen en de Juten allemaal vergelijkbare dankbaarheidsrituelen hadden op basis van de fasen van de maan en de groeiseizoenen van de aarde. Die moet nieuw leven in worden geblazen. Misschien kunnen we dit beschouwen als een soort spirituele judo. Wanneer mensen naar je toekomen met een wanhopige honger naar kennis, hoef je dat alleen maar om te draaien en te zeggen dat de oplossing in henzelf ligt. De oplossing ligt in je eigen gemeenschap.’

Het omgaan met de Indiaanse cultuur vraagt bovenal respect en verantwoordelijkheid voor de rituelen en discipline voor het spirituele pad. In de woorden van een Dakota-oudste: ‘Als je deze manier van leven niet begrijpt, wordt het moeilijk. Als je het wel begrijpt, wordt het ook moeilijk.’ Mensen die beginnen met lesgeven voordat ze de leerperiode helemaal hebben doorlopen, zorgen er uiteindelijk voor dat de kennis steeds verder afbrokkelt: de zonnedans kan niet half worden gedanst. Het is een doorlopend proces dat zichzelf in stand houdt, een verkenningstocht van het ‘andere’, zowel geografisch als psychologisch. De prijs is hoog, maar komt niet uit je portemonnee. ‘Iemand die een gebed prevelt, iemand die een oud ritueel uitvoert zonder discipline, inzicht en diep geloof heeft geen kracht’, schrijft Dorothy Blackcrow Mack. ‘Mensen die bewust op zoek zijn naar dergelijke krachten, zullen ze niet vinden. Mensen die betalen voor medicijnen, die geloven dat ze de Geest kunnen kopen, zijn dwazen.’ Maar ze voegt eraan toe: ‘We dorsten naar toegangswegen tot de Geest, om te leren dat alles en elke dag heilig is. Geestelijke leiders moeten iedereen aanmoedigen om hun gebeden en hun spirituele pad te verdiepen. Omdat wij – niet-Indianen – eerst moeten leren in ons denken een omslag te maken van “ik” naar “wij”, een concept dat in veel Indianentalen is ingebouwd.’


© Ode Magazine USA, Inc. and Ode Luxembourg 2009 (further information in Privacy & Copyright)