'Het onmogelijke duurt altijd iets langer'
John Elkington, bedenker van de termen sustainability en de drie duurzame P's - People, Planet, Profit - heeft na een halve eeuw advies- en denkwerk rondom duurzaamheid nog maar een boodschap: we moeten terug naar nul.
Max Christern
| Ode-bijlage bij NRC mei 2012 issue
Kort voor zijn optreden in
de Arnhemse Eusebiuskerk,
waar hij eind april een gezelschap
genodigden op
zijn duurzaamheidsvisies
mag trakteren, vertelt John
Elkington in een kleine
groep over zijn vader. Hij
roemt diens spirit: 91 jaar is
Elkington senior inmiddels,
vertelt hij, en onlangs vloog
hij nog vrolijk mee in een
Spitfire, het toestel waarin
zijn vader als piloot furore
maakte tijdens de Tweede
Wereldoorlog in de befaamde Battle of Britain.
Als er een eigenschap is die zijn vader rechtstreeks
heeft overgedragen op zijn zoon John, dan is het precies
die spirit. Want de 'jonge' Elkington â 62 jaar oud inmiddels
â lijkt net zoân sprankelende geest en levenskracht
te hebben als zijn vader. Hij is inmiddels bijna een halve
eeuw bezig met het onderwerp duurzaamheid en van enige
sleetsheid in zijn visies heeft hij nooit last gehad. Pessimisme
of cynisme is hem al helemaal vreemd.
Zijn allereerste actie is symbolisch geweest voor het hart
dat hij heeft voor een betere planeet: als 11-jarig jongetje
zamelde hij geld in voor het toen net opgerichte Wereld
Natuur Fonds. Later lanceerde hij het woord sustainability,
en gaf hij die naam aan de denktank en consultancy
die hij in 1987 oprichtte. Hij bedacht halverwege de jaren
negentig ook de drie P's â People, Planet, Profit â die
sindsdien het denkkader van alle duurzaamheidsgedachten
wereldwijd vormen.
Inmiddels heeft hij zeventien boeken geschreven. En
dezer dagen presenteert hij zijn achttiende, The Zeronauts
â breaking the sustainability barrier. Dat boek bevat de visie die
John Elkington na al die jaren met de meeste overtuiging
aanhangt: we moeten terug naar een economie die alleen
nog groei kent als die groei geen impact heeft op de planeet:
zero impact growth.'
Hoe blijft u gemotiveerd om de wereld steeds weer
uit te leggen dat we anders moeten leven en werken
om de planeet goed over te dragen aan volgende
generaties?
'Dat komt vooral doordat ik steeds weer opgewekt word
van de dingen die gebeuren. Kijk nu naar Unilever, dat
met zijn ambitieuze duurzaamheidsplan de hele keten
van toeleveranciers meeneemt en in tien jaar tijd de totale
CO2-uitstoot wil halveren terwijl toch de omzet moet
verdubbelen. Of kijk naar Puma, dat als eerste concern
een echt duurzame verlies- en winstrekening heeft geïntroduceerd,
die laat zien welke impact de activiteiten van
het bedrijf hebben op het milieu. Dat zijn allebei prachtige
voorbeelden, en er zijn er nog meer. Het is alleen niet voldoende.
Er moet nog veel meer gebeuren, zowel vanuit
het bedrijfsleven als vanuit de politiek, want bedrijven
kunnen dit niet alleen. Deze zomer is de VN-conferentie
over duurzame ontwikkeling in Rio de Janeiro, Rio+20.
Daar zul je zien dat er te weinig van de echt belangrijke
spelers rondlopen. Er zijn nog te veel leiders die de urgentie
niet voelen. Zolang het nog niet genoeg is wat er gebeurt,
zal ik blijven uitleggen dat er meer moet gebeuren.
En ik ben niet de enige, gelukkig. Ban Ki-moon, de
huidige secretaris-generaal van de Verenigde Naties, heeft
onlangs ook gezegd dat ons huidige model van economische
ontwikkeling en groei in feite suïcidaal is. Het moet
echt anders, alleen beseffen we nog onvoldoende dat het
roer radicaal om moet.'
U schrijft in uw boek dat u alleen nog gelooft in radicale
verandering. Maar de mens houdt niet van
verandering, laat staan als het radicaal moet. Hoe
kansrijk is het dat uw gedachten aanslaan?
'Er zal bij mensen altijd een culturele weerstand bestaan
tegen verandering. En zeker in het geval van duurzaamheid
bestaat vaak een grote aversie tegen mensen die
komen vertellen dat het anders moet. Maar als je met
mensen praat die echt weten wat er speelt met de planeet,
hoe het klimaat zich ontwikkelt, dan kun je toch niet anders
doen dan heel erg schrikken. Het gaat om het talent
om die informatie op een goede manier daar te krijgen
waar ze moet zijn: bij de politici, bij de CEOâs en ook
bij de media. Dat is en blijft lastig. Waarom? Omdat een
groot deel van het menselijk brein die informatie eigenlijk
niet wil accepteren. Mensen houden niet van wetenschap.
Dat vinden we snel te ingewikkeld. En als we het begrijpen,
willen we alleen die informatie horen die aansluit bij
onze levensstijl.'
Wat zou volgens u anno 2012 wel helpen om mensen
te waarschuwen dat er groot gevaar dreigt als we
niet snel ons gedrag veranderen?
'Alles draait erom dat mensen zich durven openstellen
voor andere visies. En je moet ze gereedschap geven om
signalen te herkennen dat het niet goed gaat. Als ze die
signalen gaan zien, dan introduceer je ze vervolgens bij
mensen die al bezig zijn met de verandering die nodig is,
met duurzamer ondernemen, denken en doen. Zo ontstaan
steeds grotere groepen van mensen die de urgentie voelen.
En zo ontstaat ook schaalvergroting. We moeten organisaties
en initiatieven nog veel meer gaan verbinden en niet
allemaal hetzelfde proberen te doen.
Ik laat mensen zien waar verandering al gaande is. En
dat hoeft niet alleen te gaan over vermindering van CO2-
uitstoot of afval. Vooral als het om gezondheid gaat, zie je
dat mensen snel geïnspireerd raken. Kijk wat Bill Gates
doet met malaria. Dat is ook een zero strategy; die wil hij
helemaal uitbannen. Daar heeft niemand iets op tegen,
natuurlijk. Integendeel. Als we dat gevoel ook kunnen
ontwikkelen bij duurzaamheid, dan zijn we goed bezig.'
De ondertitel van uw boek is breaking the sustainability
barrier. Waar zit die barrière waar we doorheen
moeten volgens u?
'Die barrière zit in ons hoofd. Veertig jaar geleden vloog
een straaljager door de geluidsbarrière. Niemand hield dat
voor mogelijk, maar het gebeurde. Nu moeten we door
een duurzaamheidsbarrière: we denken dat het niet kan,
maar het kan wel. Het zal wel moeten ook, als we onszelf
op deze planeet als mensheid willen redden.
Mijn visie is dat we het alleen redden als we radicaal
veranderen. Ik omschrijf het als leren vliegen: we staan op
een klif en moeten springen. Dat gevoel sluit aan bij wat
we nu moeten doen: radicaal anders denken en handelen.'
Gaat het ons lukken om op tijd de bakens te verzetten
richting uw nullijn?
'Mijn geloof zit bij de nieuwe generatie. Als ik jonge mensen
spreek, raak ik opgewekt. Ik vertel ze vaak dat ze niet
half weten hoe veel invloed ze kunnen hebben. En ik geef
ze drie sleutelvragen voor hun succes mee: wie ben je als
individu? Welke agenda volg je? En timing! Met andere
woorden: wanneer spring je van die klif?
Ik citeer graag het motto van de Seabees, een onderdeel
van de Amerikaanse marine: "Het onmogelijke duurt
altijd iets langer." Met andere woorden: alles is mogelijk,
ook het onmogelijk geachte. Laat je inspireren door
mensen die al bezig zijn. Mensen leren het meest van de
dingen die ze zelf zien, doen en ervaren.'
Meer lezen?
Vernieuwing begint bij de zelfvoorzienende waddeneilanden
De sleutel tot fysiek, mentaal en emotioneel welzijn
Innovatie op basis van de natuur
Volg Ode ook op Facebook, via de digitale nieuwsbrief, of neem een proefabonnement op Ode: 3 nummers voor slechts â¬15,-
|

|