Je bent Stef en je wilt watStef van Dongen inspireert duizenden jonge mensen om hun idealisme te koppelen aan gezond zakenverstand. Het doel: de wereld een beetje mooier maken. Aanvankelijk liep het moeizaam. Het invliegen van Nederlanders werkte averechts en leerde dat een project alleen een succes kan worden met lokale aanjagers. Toen hij na twee jaar Chilenen inschakelde, begon het te lopen. Inmiddels zijn er zo’n dertig bedrijfjes actief: een herberg, wandelgidsen in het natuurpark, toeristische boottochten, walvissen kijken op zee. De daling van de werkgelegenheid in Punta Arenas is erdoor tot staan gebracht en de nieuwe economische activiteiten zorgen voor natuurbehoud. Er wordt minder illegaal hout gekapt dan vroeger, het vlakbij gelegen nationale park Torres del Paine (het grootste natuurgebied in Chili) wordt stap voor stap ingericht volgens het concept van ecotoerisme en de omliggende dorpen en de Chileense overheid zijn begonnen het ecotoeristische concept over te nemen. Op z’n 33ste is Van Dongen nog steeds niet ‘binnen’; hij verdient een modaal salaris, zegt hij. ‘Maar ik ben wel gelukkig’, voegt hij toe. ‘Ik kan mijn passie volgen. Enviu is het platform waarop ik mijn dromen kan vormgeven.’ Voor Van Dongen zit de lol ‘in het bedenken van ideeën, in het pionieren’. Hij moet er niet aan denken om een project te gaan managen: ‘Daar ben ik slecht in.’ Onder zijn leiding is Enviu een bruisend bolwerk van voortdurende innovatie. Ach, relativeert Van Dongen, ‘er mislukken heel wat ideeën in de beginfase, op de tekentafel.’ Enviu organiseert dan ook zijn eigen tegenspraak: een idee wordt eerst het wereldwijde netwerk ingeslingerd voor commentaar. ‘Als honderden mensen zeggen dat het niet gaat werken, krab je je toch even achter de oren.’ Daarnaast heeft Van Dongen in de afgelopen jaren een raad van wijzen verzameld: oudgedienden uit het bedrijfsleven en de financiële wereld die meedenken. ‘Je bereikt heel veel als je die combinatie maakt tussen grijze en wilde haren. Als je dat niet doet, vliegt het alle kanten op.’ Hij wijst erop dat bij Enviu de gemiddelde leeftijd 26 jaar is, ‘dus qua creativiteit, energie, passie en gezonde naïviteit gaat hier het dak eraf’. Van Dongen gelooft dat echte innovatie niet komt van de overheid of grote maatschappelijke organisaties, maar van jonge mensen die buiten de gebaande paden kunnen denken en geloven in de potentie die een businessmodel biedt. Daarmee plaatst Enviu zich buiten de traditionele kring van wereldverbeteraars die juist hun vertrouwen stellen in de overheid en NGO’s. Onder veel idealisten heerst wantrouwen ten opzichte van het bedrijfsleven, dat schuldig zou zijn aan veel problemen, zoals de scheve verhouding tussen arm en rijk en de klimaatcrisis. Van Dongen: ‘Ik had altijd het gevoel dat het hardcore bedrijfsleven niet mijn wereld was, maar dat daar wel de verandering vandaan moest komen. Overheden en NGO’s zijn volgers en werken vaak vanuit subsidiemodellen. Het nadeel daaraan is: subsidie is altijd eindig en het effect is afhankelijk van de hoeveelheid subsidie die je ertegenaan gooit. Als je veranderingen wilt bewerkstelligen, moet je er héél veel geld tegenaan gooien. Dat gaat niet werken, terwijl een businessmodel voor een duurzaam product of een duurzame dienst een oneindige impact kan realiseren.’ Toch schaart Van Dongen zich niet in het kamp van de vrijemarktkampioenen volgens wie de overheid niets goed kan doen. Hij is juist een voorstander van samenwerking tussen de private en publieke sector. De overheid is ook van belang, meent Van Dongen: als regelgever – belangrijk voor een duurzame economie – en als subsidieverstrekker voor veelbelovende innovaties. ‘Dat heeft twee grote voordelen’, zet hij uiteen. ‘De overheid kan duurzame innovatie op een effectieve manier stimuleren en wanneer er een bedrijf uit voortkomt, kan het als geldverstrekker in de statuten laten vastleggen dat het duurzaam moet opereren.’ Voor diverse innovatieve projecten krijgt Enviu zowel ontwikkelingssubsidies als donaties en durfkapitaal van particuliere investeerders. Niet zelden gaat het om financieel riskante projecten waarin het bedrijfsleven nauwelijks investeert. Zoals de Greenphone, een duurzame telefoon die uit een driedimensionale printer rolt en die over vijf tot tien jaar op de markt moet zijn; Enviu ontving onlangs een subsidie van het ministerie van VROM voor de verdere ontwikkeling van het concept. ‘Als ik nu een presentatie erover houd, zie je mensen denken: kán dat dan?!’ Ja, het kan, meent Van Dongen, en het gebeurt al: ‘De eerste werkende zaklamp is al geprint; je hoeft er alleen maar een batterij en een lampje in te stoppen.’ Volgens hem is deze technologie onderdeel van een trend: mensen gaan thuis hun eigen energie produceren, thuis hun voedsel verbouwen... Zo heeft Enviu nog meer projecten op stapel staan voor de komende jaren. Zoals mobiel bankieren voor de arme consument in Afrika en Azië die nu geen bankrekening kan openen, maar binnenkort kan bankieren met zijn mobiele telefoon. Of de People Powered Energy Company, waarbij mensen zelf hun energie opwekken en onderling hun energie verhandelen. Het is duidelijk dat Van Dongen voorlopig nog niet is uitgepionierd; hij blijft op zoek naar het ultieme duurzaamheidsidee. ‘Ik droom er nog altijd van om de groene Google te worden’, zegt hij met flonkerende ogen. ‘Met een kleine club mensen zó’n impact hebben op de hele wereld...’ Gelukkig, zullen we maar zeggen, is Van Dongen vroeg opgestaan.
<< PREVIOUS
1
2
|
|
Het Succes van Kopenhagen!
Optimistisch nieuwsoverzicht: geen bier op het werk? Bezopen!
“Vandalen gaan betalen”
Nieuw type vrouw waait over uit Amerika
Kaplaarzen met een boodschap
Leesvoer: Het chaospunt, dr. Ervin Laszlo
Free the grass! Kom naar de Nationale Duurzaamheidsdag op 27/11 a.s.!
Amerikanen zoeken symbolen voor hun nieuwe levensstijl
hanneke01, netherlands
jeltine, Nederland
Rene74,
riapool, Nederland


