Wat u niet wist over griepvaccins en TamilfluVoor het succes van de vaccins en antivirale middelen tegen de Mexicaanse griep is geen wetenschappelijk bewijs. Een kleine groep onderzoekers biedt nu een andere kijk op hoe we ons wapenen tegen de pandemie. Er is weinig voor nodig om het korte lontje van de massahysterie rondom de Mexicaanse griep te ontsteken. De tragische dood van een 16-jarig meisje uit Zeeland dat in oktober plotseling ziek werd, was onmiddellijk omgeven door de ‘zeer sterke verdenking’ dat het om het H1N1-virus ging – een bericht dat na dagen van onduidelijkheid moest worden herroepen; het meisje had helemaal geen griep. De ontdekking dat een virus in een ernstig zieke Nederlandse patiënt resistent was geworden tegen de virusremmer Tamiflu zorgde voor speculaties over de volksgezondheid – achteraf zonder reden. En doordat minister Klink van Volksgezondheid zo voortvarend te werk gaat met zijn bestrijdingscampagne zou je haast denken dat er een vreselijke ramp te wachten staat. Toen bekend werd dat er massaal zou worden gevaccineerd, brak opnieuw paniek uit: hoe moesten al die Nederlanders allemaal hun vaccinaties krijgen? De rampenscenario’s over zoveel logistieke ellende zijn al uitgebreid in de media besproken. In zo’n klimaat is een afwijkend geluid al snel verdacht, bijvoorbeeld wanneer je benadrukt dat er naar alle waarschijnlijkheid deze winter in Nederland aanmerkelijk minder doden door griep zullen zijn dan vorig jaar; dat het H1N1-virus veel milder is dan de gewone wintergriep en zeer zelden dodelijk; dat ook de mensen die worden gerekend onder de bevestigde sterfgevallen niet per definitie zijn overleden áán de Mexicaanse griep, maar mét de Mexicaanse griep; dat er geen bewijs is dat de vaccinaties tegen de griep bijdragen aan je kans te overwinteren; dat er geen bewijs is dat Tamiflu nuttig is. Het is het soort nieuws waarvoor weinig oor lijkt te zijn – of dat al gauw wordt vergeten zodra het volgende onheil te melden valt. Miquel Ekkelenkamp weet waar een dissidente mening toe kan leiden. De arts-microbioloog schreef dit jaar twee opiniestukken in NRC Handelsblad. Eerst toonde hij aan dat de voortdurende vergelijkingen met de Spaanse griep ‘lariekoek’ zijn; de door de oorlog ondervoede en uitgeputte slachtoffers stierven vooral aan een bijkomende complicatie van bacteriële infecties in een tijd dat er nog geen penicilline was. Daarna stelde hij dat deskundigen in de media onnodig veel paniek zaaien, wat volgens hem geld en levens kost. Die stukken schreef hij uitdrukkelijk op -persoonlijke titel, maar inmiddels mag zelfs bij een interview met Ekkelenkamp, wanneer het gaat om de Mexicaanse griep, het -ziekenhuis waar hij werkt niet langer worden vermeld. Zelf denkt Ekkelenkamp dat deze maatregel is afgekondigd, doordat de discussie rond de griep meer een politieke dan een wetenschappelijke is geworden. In zijn laatste bijdrage was hij bovendien fel op Ab Osterhaus, de viroloog die ‘tussen twee interviews door’ als adviseur van de overheid optreedt. Osterhaus zou volgens hem van televisie moeten worden verbannen. ‘Een groot verlies zal dat niet zijn,’ schreef Ekkelenkamp venijnig, ‘want alles wat hij met zoveel aplomb heeft beweerd, is inmiddels herroepen: we gaan niet allemaal dood alsof het 1918 is, we hoeven niet iedereen te vaccineren, we gaan niet iedereen Tamiflu geven en het virus is niet gemuteerd naar iets veel gevaarlijkers.’ Aan de telefoon zegt Ekkelenkamp: ‘De meesten van mijn collega’s zijn het met me eens, maar niet iedereen heeft zo’n zin om zich in het debat te mengen.’ Hoewel Ekkelenkamp niet wil suggereren dat de Mexicaanse griep wel meevalt (‘je kunt er een paar dagen goed ziek van zijn’) of dat een vaccinatie onverstandig is (‘de schadelijke effecten vallen -volgens mij wel mee’), stoort hij zich aan de -opschudding die almaar wordt veroorzaakt. ‘Mensen laten zich gemakkelijk bang maken’, zegt hij. ‘Maar als we ons influenzabeleid gaan baseren op de Spaanse griep, kunnen we net zo goed het beleid om onze dijken te verstevigen baseren op de bijbelse -zondvloed.’ Miquel Ekkelenkamp is nog zeer gematigd, vergeleken met wat enkele andere onderzoekers beweren. Zij wijzen erop dat de wetenschappelijke basis voor de besluiten rondom de aanpak van de Mexicaanse griep – vaccinaties en virusremmers – flinterdun is. Graag zouden ze meer gedegen studies zien voordat de overheden nog meer miljoenen uitgeven aan de bestrijding van een virus dat voorlopig slechts fataal blijkt te zijn voor een zeer kleine groep ernstig zieke patiënten en slechts in uitzonderlijke gevallen dodelijk kan zijn voor een gezond mens. Niettemin wordt er flink ingezet op vaccinaties: een minieme dosis van het griepvirus wordt in het lichaam gebracht, zodat het immuunsysteem antilichamen kan ontwikkelen, waardoor het gewapend is wanneer de griep zich in volle hevigheid aandient. Omdat het griepvirus razendsnel muteert, kent ieder seizoen een iets andere genetische versie van de virussen die vele mensen de griep hadden bezorgd. Daarom verzamelt de Wereldgezondheidsorganisatie gegevens uit diverse landen om een inschatting te maken welke virussen de meeste kans maken om in het volgende jaar mensen aan het niezen en hoesten te brengen. Op basis van die informatie gaan farmaceutische ondernemingen aan de slag om een vaccin te produceren voor het -nieuwe seizoen. Maar terwijl de vaccinaties tegen een fatale ziekte als – pak ’m beet – polio over het algemeen worden gezien als succesvol, is het effect van die tegen de griep minder goed meetbaar. Griep is immers zelden dodelijk, maar kan bijdragen aan sterfgevallen door het lichaam meer ontvankelijk te maken voor infecties als longontsteking en bronchitis. Daarom vergelijken onderzoekers sterftecijfers in het griepseizoen tussen gevaccineerde en niet-gevaccineerde populaties. De uitkomst van deze zogeheten cohortstudies is duidelijk: als je je in het najaar laat vaccineren tegen de griep, heb je aanmerkelijk minder kans om in de winter te overlijden – aan welke oorzaak dan ook. De literatuur suggereert een afname in sterfte van ten minste vijftig procent. Toch is het niet zo simpel. Dat toonde Lisa Jackson aan, een arts en onderzoeker bij de Group Health Research Center in Seattle, toen ze ontdekte dat de mensen die in het najaar een griepprik komen halen simpelweg veel gezonder zijn en om die reden minder kans lopen om in de winter ergens aan te sterven. Zij die geen -griepprik halen, zijn mogelijk te oud of te ziek om zich de moeite te getroosten. Nadat Jackson de medische data van meer dan 72 duizend mensen van 65 jaar en ouder had bestudeerd, werd duidelijk dat het voordeel van de vaccinatie geheel was toe te schrijven aan het feit dat het griepvaccin werd toegediend aan mensen die van zichzelf gezonder waren. Haar studie, in 2006 gepubliceerd in International Journal of Epidemiology, werd veelal genegeerd.
1
2
NEXT >>
|
|


