|
|
'Het is cruciaal om patiënten van dat hopeloze gevoel af te helpen’
Een gesprek met Ode-columnist David Servan-Schreiber, auteur van Antikanker: Een nieuwe levensstijl, over het belang van dieet, lichaamsbeweging en optimisme.
Wat voor dieet beveelt u aan om kanker te helpen voorkomen?
‘Neem als hoofdgerecht in plaats van dierlijk eiwit met een beetje groente het omgekeerde: een bord groente met eventueel als bijgerecht wat dierlijke eiwitten. Sommige voedingsmiddelen zijn bevorderlijk voor kanker en juist die zijn oververtegenwoordigd in ons Westerse voedingspatroon. Zestig procent van wat we eten, bestaat uit wit meel, geraffineerde suiker en plantaardige olie, en dat draagt niets bij aan de hoeveelheid mineralen, vitaminen, essentiële voedingsstoffen of omega-3-vetzuren die je nodig hebt. We moeten minder voedingsmiddelen kiezen die de groei van kanker bevorderen en meer kankerbestrijdende stoffen, die voorkomen in groentesoorten als knoflook, ui, prei, kool en broccoli en de kruiden van de mediterrane keuken, zoals rozemarijn, oregano, munt en basilicum. Ook belangrijk zijn soja, groene thee, kurkuma en rode wijn.’
En hoe zit het met lichaamsbeweging?
‘Als je de kans op kanker wilt verkleinen, moet je zes keer per week een half uur bewegen – al ga je alleen maar wandelen.’
Volgens u kun je kanker voorkomen en bestrijden. Zegt u impliciet dat het je -eigen schuld is als je kanker krijgt?
‘Ik heb kanker gehad en ik heb geen moment gedacht dat het mijn eigen schuld was. Ik wist immers niets van dit soort dingen, want dat was me nooit verteld. Maar ik zeg niet dat je kanker kunt voorkomen, want het kan ook worden veroorzaakt door dingen waar je niets aan kunt doen. Al doe je alles wat ik zeg in mijn boek, dan is dat nog geen garantie dat je geen kanker zult krijgen. Het biedt voor tachtig tot 85 procent bescherming, en dat is al heel wat.’
Toch zal het voor sommige mensen lastig zijn om anders te gaan leven.
‘Als je vindt dat je leven interessanter en meer de moeite waard is wanneer je niet anders gaat eten en bewegen, dan is dat ook een keuze. Kijk, het is wat mij betreft geen kwestie van schuld. Als arts is het mijn taak te zeggen hoe mensen zichzelf kunnen helpen. Dat doen artsen ook als het om hart- en vaatziekten gaat. Maar bij kanker lijkt er wel iets anders aan de hand te zijn. Bij kanker zijn we opeens bang om valse hoop te geven. Vanuit medisch perspectief ben ik het daar op zich wel mee eens, maar nu geven we mensen in feite een vals gevoel van hopeloosheid – en dat is misschien wel veel erger. Als we weigeren te vertellen wat je kunt doen om jezelf te beschermen en mee te helpen met de behandeling, bevorderen we de hopeloosheid die ontstaat vanuit het idee dat kanker iets is waar je niets aan kunt doen. Ik vind het irrationeel en buitengewoon schadelijk om tegen een kankerpatiënt te zeggen dat hij alleen maar kan afwachten. Het is cruciaal om patiënten van dat hopeloze gevoel af te helpen.’
Chemotherapie, operatieve ingrepen en bestraling zijn de standaardremedies tegen kanker. Hoe staat u tegenover de kritiek die door aanhangers van alternatieve geneeswijzen op deze behandelingen wordt geuit?
‘Dankzij die operaties en chemotherapie leef ik nog en ik geloof niet dat er een alternatief voor is dat net zo effectief is. Alleen zijn deze behandelingen wel essentieel, maar niet voldoende. Met de huidige wetenschappelijke inzichten is het, denk ik, onacceptabel om het daarbij te laten.’
Zijn we de strijd tegen kanker aan het verliezen?
‘Ja, ik vrees van wel. En ik geloof dat de situatie des te zorgelijker is, omdat we de oorzaak van kanker niet bestrijden. In mijn tijd bij Artsen zonder Grenzen heb ik cholera-epidemieën meegemaakt. We weten hoe we afzonderlijke gevallen van cholera moeten genezen, maar daarmee kan niet worden voorkomen dat de ziekte zich verspreidt. De enige manier om een eind te maken aan een cholera-epidemie, is de oorzaak wegnemen, namelijk vervuild water. Naar mijn mening maken we nu een kankerepidemie mee, maar we doen niets aan de oorzaak. We investeren bijna al onze middelen voor kankeronderzoek in vroege opsporing en behandeling, terwijl dat bij de bestrijding van cholera nu juist niet werkt. Ik ben ervan overtuigd dat als we bij de cholera-epidemieën van de negentiende eeuw over antibiotica hadden beschikt, we de strijd tegen cholera hadden verloren. We moeten niet alleen de ziekte bestrijden, maar ook de oorzaak.’
Waarom is er zo weinig aandacht voor het bestrijden van de oorzaak?
‘Er valt simpelweg geen geld te verdienen aan preventie.’
Maar er is een groeiende sector van ondernemingen die voedingssupplementen verkopen en beweging propageren.
‘Dat is een druppel op een gloeiende plaat. In 2003 leverde Lipitor, een cholesterolverlagende pil, één miljoen dollar per uur op. Omega-3-supplementen brengen daarentegen misschien in totaal vijftig miljoen per jaar op. Bij een industrie van zeven miljard dollar voor één geneesmiddel valt die “groeiende sector” in het niet.’
Dus we moeten het zelf doen?
‘De overheid is de enige die een economisch belang heeft bij de bestrijding van de oorzaken van kanker. Het is immers de overheid – dat wil zeggen wij allemaal – die er uiteindelijk via de gezondheidszorg voor betaalt. Maar helaas denken politici niet ver vooruit. Het kan hun niets schelen dat we niet investeren in de preventie van kanker over dertig jaar, want daar hebben ze niets aan voor de volgende verkiezingsronde. Als we dertig jaar geleden ervoor hadden gekozen meer geld te investeren in onderzoek naar de preventie van kanker, hadden we de oorlog tegen kanker inmiddels gewonnen.’
Wat is het belangrijkste dat je kunt doen om kanker te voorkomen of te -bestrijden?
‘Dat is een lastige vraag. Volgens mij is het belangrijk om elke dag tijd uit te trekken voor jezelf – al is het maar vijf minuten – en met aandacht naar de levenskracht in jezelf te luisteren, die te koesteren en er dankbaar voor te zijn.’
Vijf minuten per dag moet toch niet moeilijk zijn.
‘En toch is het dat wel. Het valt niet mee om je leven serieus te nemen, want we zijn er niet in geoefend om liefde voor onszelf te tonen. Maar als je geen vijf minuten voor jezelf kunt uittrekken, betwijfel ik of je je eet- en leefpatroon kunt veranderen, want dan vind je blijkbaar niet dat je dat waard bent. Als je in contact staat met de levenskracht in jezelf, kun je moeilijkheden beter aan en jezelf beter helpen. Die radicale daad van liefde is de stap waaruit alle andere stappen voortkomen.’
1
2
NEXT >>
view as a single page
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.