|
|
Rappen voor rechtvaardigheid
Franse rapper Abd al Malik laat een positief tegengeluid horen onder de vervreemde jeugd van de achterstandswijken.
Het kost de Franse rapper Abd al Malik geen moeite te verklaren waarom het onder jongeren in de Franse voorsteden gebruik is oudejaar te vieren door auto’s in de fik te steken. ‘Wanneer je in een land woont dat doet alsof je niet bestaat, wil je erkenning’, zegt hij. ‘Het is net als met iemand die zelfmoord overweegt omdat hij eigenlijk wil zeggen: “Hé, hier ben ik!”’
Toen hij opgroeide in Neuhof, een arme voorstad van het Franse Straatsburg, had Abd al Malik zo zijn eigen manier om erkenning te krijgen. Hij leefde een dubbelleven als enerzijds briljante leerling, anderzijds dief en drugsdealer. Maar terwijl hij toekeek hoe veel van zijn leeftijdsgenoten door verslaving de mist in gingen of door geweld om het leven kwamen, zette hij zijn eigen woede om in muziek en inmiddels is hij een van de meest succesvolle rappers van Frankrijk. Zijn muziek is een authentieke roep om verdraagzaamheid door de culturele scheidslijnen heen, ontleend aan zijn ervaringen als jongere uit een minderheidsgroep in de Franse samenleving en zijn reis van extremistische islam naar mystiek.
Abd al Maliks muziek en de Franse rapcultuur zijn beide ontstaan in de context van wijdverbreide vreemdelingenhaat en racisme. ‘Het was alsof je goede Fransen en slechte Fransen had’, zegt Abd al Malik over zijn jeugdervaringen als zoon van Congolese immigranten. ‘Toen ik op school zat, zeiden politici: “Wij zijn allen Fransen”. Maar ik zag nooit een zwarte op de televisie. Ik zag nooit een zwarte politicus.’ De Franse rappers hekelden het gebrek aan kansen voor immigrantenkinderen en het klimaat van uitzichtloosheid en misdaad waarin ze leefden.
De jeugdwerkloosheid is hoog in Frankrijk – nog geen 25 procent van de jongeren tussen de 15 en 24 heeft werk – en voor kinderen van immigranten is het nog moeilijker om een baan te vinden. Er is veel discriminatie tegen mensen met een buitenlands of islamitisch klinkende naam, aldus de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling. Ook klagen jonge immigranten in de achterbuurten over structurele politie-intimidatie. Toen rap in de jaren negentig populairder werd, kon het niet anders of het werd bekritiseerd als zou het geweld verheerlijken en de raciale spanningen opvoeren.
In 1989, op zijn veertiende, omarmde Abd al Amik rap als uitlaatklep voor zijn frustraties, als middel om zijn verhaal te vertellen en maatschappijkritiek te leveren. Samen met zijn broer en een vriendengroep richtte hij N.A.P. op, oftewel New African Poets. Abd al Malik was vol van de Black Power-beweging en hij verafgoodde Malcolm X als zwarte moslimvoorvechter van gerechtigheid. Abd al Malik bekeerde zich tot de islam toen hij vijftien was. Hoewel hij gegrepen was door de visie van Malcolm X, die de islam als een verenigende traditie zag, raakte hij al gauw betrokken bij een extremistische stroming die, zo vertelt hij, ‘een zwart-witvisie’ bood. Zijn nieuwe leraren predikten een aantal vaste gedragsregels, waarbinnen voor zaken als uitgaan met meisjes of zelfs een vrouw een hand geven restricties golden. Een paar jaar was Abd el Malik lid van een groep straatpredikers die het land door reisde om jonge mannen over te halen naar de moskee te gaan. De islamitische leer die populair was in de Franse achterstandswijken was niet uitgesproken gewelddadig, zegt Abd al Malik, maar hij moedigde jonge immigranten wel aan om alles wat Westers, seculier en modern was te verachten.
Als tiener kon Abd al Malik de tegenstrijdigheden van zijn nieuwe identiteit niet verzoenen. Zijn geloof was even vurig en oprecht als zijn passie voor rap, een kunstvorm die door zijn religie werd veroordeeld. Jarenlang bleef hij gevangen in een pijnlijke paradox, die nog werd versterkt doordat de manier waarop hij zijn muzikale activiteiten moest financieren – drugshandel en kruimeldiefstal – ook ongodsdienstig was. Hij bereikte een dieptepunt op de dag dat hij bij het hoofd van een plaatselijke misdaadbende aanklopte om een lening. Toen hij naderhand alleen was in zijn flatje plofte hij neer, de vuilniszak vol geld nog vastgeklemd, en huilde.
Die innerlijke opschudding dwong Abd al Malik ertoe naar dieper inzicht in zijn geloof te zoeken. Hij vond antwoorden in het soefisme, de contemplatieve, mystieke stroming binnen de islam. Hij ontmoette een Noord-Afrikaanse spirituele leraar, die hem aannam als discipel en hem leerde dat het hart van zijn godsdienst bestond uit liefde en het bewustzijn van het spirituele in ieder mens. ‘Islam is een religie van liefde’, zegt Abd al Malik. ‘Het is vrede hebben met jezelf en met anderen. De islam van de achterbuurt is een achterbuurt van de islam. Het is niet de ware islam.’
Die verschuiving kwam terug in zijn muziek. Voor zijn nieuwe soloalbums begon hij songs te schrijven die opriepen tot begrip tussen de verschillende rassen. Een van zijn liedjes, 12 Septembre 2001, is een pleidooi voor de scheiding tussen politiek en religie; een ander, Que Dieu Bénisse la France (God zegene Frankrijk) beschrijft zijn persoonlijke evolutie van wrok naar vaderlandsliefde. Hij begon samen te werken met een breed scala aan muzikanten om een nieuwe sound te ontwikkelen waarin jazz, chanson en de esthetiek van slam poetry elkaar vinden.
Andere Franse rappers blijven muziek vol woede produceren; sommigen zijn beschuldigd van aanzetten tot geweld in verband met een incident in 2005, toen de dood van een islamitische jongen na een politieachtervolging wekenlange rellen ontketende. In plaats van het Franse systeem te bekritiseren, moedigt Abd al Malik het land aan zijn democratische idealen waar te maken. ‘Wanneer je in Frankrijk woont, kun je denken zoals je wilt’, zegt hij. ‘Ik ben er trots op dat ik Frans ben.’ Bij elk optreden spreekt hij over de noodzaak tot waarachtig begrip tussen verschillende religieuze en etnische groepen: ‘De begrippen vrijheid, gelijkheid en broederschap – dat is de gedachte achter ons land. Ik probeer eraan mee te werken dat dit niet alleen een gedachte blijft, maar ook het echte leven wordt.’
Zijn boodschap komt op het goede moment. Vorig jaar heeft President Nicolas Sarkozy de moslim Yazid Sabeg benoemd tot Hoge Regeringscommissaris voor Diversiteit en Gelijkheid, om minderheden sterker vertegenwoordigd te krijgen in de media, overheid en elitescholen. In januari heeft Sabeg gewaarschuwd dat de huidige economische situatie de sociale verdeeldheid zou versterken. Maar Abd al Maliks publiek lijkt klaar voor verandering. Zijn nieuwste album, Dante, staat boven aan de Franse hitlijsten, zijn concerten zijn steevast uitverkocht en in 2008 is hij benoemd tot Chevalier des Arts et des Lettres, een van Frankrijks hoogste culturele onderscheidingen. Abd al Malik zegt dat de zalen enthousiast reageren omdat ze de clichés over haat en verdeeldheid beu zijn. ‘Als ik een concert geef en ik zie zwarte mensen, witte mensen, mensen uit de achterstandswijken en mensen uit de burgerij, dan vind ik dat een prachtig iets. De mensen hebben op dit moment behoefte aan deze muziek.’
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |



You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.