Email   Print

De Zwitserse oplossing

Hoe een complementaire valuta Zwitserland mede redde uit de economische ellende van de jaren dertig – en hoe zoiets vandaag ónze redding zou kunnen zijn.

Bernard Lietaer | 115 april 2009 issue

Bernard Lietaer

De bankencrisis vult al maandenlang de voorpagina’s van alle dagbladen en het is niet moeilijk te voorspellen dat de reële economie het volgende slachtoffer zal zijn. Hoeveel maatregelen overheden ook nemen om banken te helpen, het zal voor bedrijven nog vele jaren moeilijk blijven om geld te lenen.

Het lastigste van de hele situatie is dat de crisis zo wijdverspreid is. Wanneer één bank – of zelfs het hele bancaire stelsel van één land – in serieuze problemen komt, dan kunnen gezonde bedrijven nog steeds leningen krijgen, bij andere banken of landen. Maar wanneer het grootste gedeelte van het wereldwijde financiële systeem tegelijkertijd instort, ontstaat een ander fenomeen. Dan stevent de wereldeconomie af op een algehele recessie, die op haar beurt de balansen van de banken verder zal verslechteren, waardoor financiers minder zullen uitlenen, enzovoorts. Als alle banken op hetzelfde moment besluiten hun kredietportefeuilles te verkleinen, maken ze de economische omstandigheden alleen maar moeilijker. Onder deze omstandigheden kunnen bedrijven twee dingen doen: hulp proberen te krijgen van overheden, of het initiatief nemen zichzelf gezamenlijk te redden. De eerste optie is niet nieuw. Maar overheden wereldwijd hebben net hun laatste centen uitgegeven om hun banken van de ondergang te behoeden. De tweede optie lijkt daarom beter. En daarvan bestaat al een zeer succesvol voorbeeld, al is het nog verrassend onbekend.

In 1934 kwamen zestien Zwitserse zakenmannen tijdens de crisis bijeen om te bedenken hoe ze er samen uit konden komen. Hun banken gaven hen te verstaan dat leningen zouden worden beperkt. En faillissementen leken onvermijdelijk. De zakenmensen realiseerden zich echter dat bedrijf A krediet nodig had om producten van bedrijf B in te kopen – die weer voorfinanciering moest hebben om de materialen voor de productie van deze goederen bij zijn eigen leveranciers aan te kunnen schaffen. Dus besloten ze samen een wederzijds kredietsysteem op te zetten, en nodigden ze klanten, producenten en leveranciers uit mee te doen. Ze creëerden een eigen valuta met dezelfde waarde als de nationale munt – maar die opmerkelijk genoeg niet rentedragend was. Een schuld in deze valuta kon worden afgelost door verkopen aan deelnemende bedrijven binnen het netwerk of via een ‘normale’ terugbetaling in de nationale munt. Dit systeempje bleek de redding te zijn van veel ondernemingen die eraan meededen.

De deelnemers zetten een coöperatie op om de administratie bij te houden van betalingen binnen dit wederzijdse systeem. Het duurde niet lang voordat gebruikers deze complementaire valuta ook konden lenen van de coöperatie, tegen een opvallend lage rente van een tot anderhalf procent. Zulke leningen moesten gedekt worden door voorraden, onroerend goed of andere bezittingen, precies zoals bij conventionele banken. Uiteindelijk werd het systeem zo groot, dat een kwart van alle bedrijven in het land er deel van uitmaakte. Deze gekke kleine valuta vormde het geheim achter de legendarische economische stabiliteit van het land. Het systeem bestaat vandaag de dag nog steeds. De jaarlijkse omzet bedraagt ongeveer anderhalf miljard euro. Tijdens een recessie groeit de handel via dit onofficiële netwerk aanzienlijk, waardoor negatieve gevolgen voor omzet en werkgelegenheid beperkt blijven. En in betere tijden neemt de handel via de nationale munt weer toe. Het spontane anti-cyclische gedrag van dit systeem helpt de centrale bank de economie te stabiliseren.

Ik raad bedrijven aan opnieuw zulke systemen op te zetten, en ze zo groot te maken als ze zelf willen. Deze aanpak zal een verstikking van de reële economie door de kredietcrisis voorkomen of verminderen. Het zal ervoor zorgen dat de ergste economische drama’s uit de jaren dertig - toen die verstikking wel plaatsvond - zich niet herhalen. Het opzetten van een dergelijk systeem kan nu gerealiseerd worden in een fractie van de tijd die het kostte in de jaren dertig.

Snel handelen is essentieel als we de sociale en economische ravage willen voorkomen die de ineenstorting van het complexe hedendaagse financiële stelsel kan veroorzaken. Het virus dat vanuit de bankensector naar niet-financiële bedrijven overslaat, kan in korte tijd veel schade aanrichten. We moeten niet wachten tot leveranciers of klanten in de problemen komen. Waarom zouden we een kaars pas proberen aan te steken als het al te donker is om de lucifers te vinden?

Bernard Lietaer (lietaer.com) is een Belgische econoom en auteur van veertien boeken, waaronder Het geld van de toekomst.



Tools: Bespreken | Email | Print | RSS | Nieuwsbrief
Save/Share:
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google
  • Facebook
  • YahooMyWeb
  • StumbleUpon
  • Blue Dot
  • Technorati
  • Reddit
Comments
Post a comment

You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.