Email   Print
Share  

Professor Waterstof

Bragi Árnason maakt van IJsland het eerste land zonder uitlaatgassen

Jurriaan Kamp | 97 juni 2007 issue

In IJsland werd hij eerst uitgelachen als hij vertelde over het perspectief van waterstof. Raar eigenlijk, want toen Bragi Árnason in de jaren zeventig onderzocht hoe zijn land een einde kon maken aan de afhankelijkheid van geïmporteerde fossiele brandstoffen, had hij een goede reden. IJsland beschikt namelijk over uitbundige energiereserves. Waterkracht en geothermische energie zouden volgens hem kunnen worden gebruikt voor de productie van waterstof als dé brandstof voor industrie en vervoer. Maar: auto’s die rijden op water? De IJslanders moesten er destijds vooral meewarig om lachen.

Dertig jaar later is er veel veranderd. Energiedeskundigen zijn het erover eens dat waterstof op termijn het enige alternatief vormt voor de fossiele brandstoffen waarop de wereldeconomie thans draait. IJsland is hard op weg om het eerste land zonder uitlaatgassen te worden, onder meer dankzij de inspanningen van multinationale giganten als Shell, DaimlerChrysler en Norsk Hydro. En Árnason, hoogleraar chemie aan de Univesiteit van IJsland, staat inmiddels bekend als een internationale pionier die in eigen land liefkozend ‘Professor Waterstof’ wordt genoemd.

Waterstof is het meest voorkomende element in het universum. Het enige probleem is dat het vrijwel altijd gebonden is – in water (H2O) en in koolwaterstoffen, zoals aardgas (CH4). Water is in overvloed beschikbaar in de oceanen. Voor de waterstofeconomie is daarom alleen duurzaam opgewekte elektriciteit nodig om waterstof uit water los te maken. Maar dat lijkt eenvoudiger dan het is. Ook al groeien zonne- en windenergie onstuimig, het totale aandeel van duurzaam opgewekte elektriciteit in de wereldenergievoorziening is nog altijd marginaal. IJsland vormt een belangrijke uitzondering. Terwijl de wereld wacht op de definitieve doorbraak van windmolens, zonnepanelen, biomassa, getijdenenergie et cetera, wordt alle elektriciteit op IJsland nu al volledig duurzaam opgewekt. Daarom is de waterstofeconomie meer dan een droom van een bevlogen professor.

 
 

Alle verbrandingsmotoren van auto’s en schepen op IJsland wil Árnason laten vervangen door elektromotoren die worden gevoed door waterstof-brandstofcellen. Tegelijkertijd moet IJsland zijn rijke natuurlijke hulpbronnen inzetten om op duurzame wijze de elektriciteit op te wekken die nodig is voor de productie van waterstof – én export, want IJsland zou wel eens het ‘Koeweit van het Noorden’ kunnen worden.

In 2025 moet de overgang naar de schone, duurzame waterstofeconomie zijn verwezenlijkt, denkt Árnason. ‘De overgang van hout naar kolen kostte drie generaties’, doceert hij. ‘De stap van kolen naar olie ook. Steeds vijftig jaar. Ik zie de eerste stappen van de waterstofeconomie. Mijn kinderen zullen de transformatie meemaken en mijn kleinkinderen zullen leven in deze nieuwe economie.’

Wel moet de internationale industrie meedoen, maar ook daarover is Árnason optimistisch gestemd: ‘Geen enkel plan in de waterstofwereld is ooit op tijd geweest. Elk initiatief werd vroeger dan gepland realiteit.’



Tools: Bespreken | Email | Print | RSS | Nieuwsbrief
Save/Share:
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google
  • Facebook
  • YahooMyWeb
  • StumbleUpon
  • Blue Dot
  • Technorati
  • Reddit

Van onze adverteerders:

   
Abonnement
Geef Ode cadeau
Nieuwsbrief