Email   Print
Share  

Een afspraakje met Boeddha

Anne Cushman gaat 15 weken undercover in de boeddhistische tak van het internetdaten.

Anne Cushman | 89 september 2006 issue

Het begint allemaal als een grapje. Ik ben boeddhiste, journaliste en sinds kort alleenstaand: als ik nu eens mijn profiel plaats op een stel nieuwe websites voor 'boeddhistische partnerkeuze', dan kan ik schrijven over wat me zoal overkomt.

Ik vind het meteen een intrigerend en tegelijk angstaanjagend idee. Ik heb jarenlang gespot met het idee dat je gaat winkelen, op zoek naar een relatie. Maar een paar vriendinnen hebben de laatste tijd via internet een partner gevonden of vriendschappen gesloten met mensen die ze zonder internet nooit hadden ontmoet.

En trouwens, een afspraakje regelen via een boeddhistische website heeft een extra bekoring: een breed scala aan mogelijke vrienden, stuk voor stuk alleenstaand en open voor persoonlijk contact, allemaal sterk betrokken bij spirituele zaken. Als strategie om aan een man te komen, is het waarschijnlijk ook slimmer dan alle vipassana-retraites af te schuimen.

 
 

Het enige punt is: ik heb eigenlijk nog nooit echt een afspraakje met een man gehad. Al mijn vroegere relaties ook mijn ex-man, mijn studievriendje die sinds mijn zeventiende mijn beste kameraad en af en toe ook mijn minnaar is geweest, ontstonden op een natuurlijke manier.

We leerden elkaar kennen tijdens een ongemakkelijke pose in een yogaworkshop of we kibbelden over de vuile vaat in de keuken van een commune. De reis van vriendschap naar romantiek (en soms ook weer terug) verliep meestal vlot en eenvoudig. En zonder afspraakje.

Nadat mijn huwelijk brandend was neergestort, was romantiek een tijdlang het laatste waaraan ik behoefte had. (Dat had misschien iets te maken met de voedingsbeha's die ik rond die tijd droeg.) Inmiddels heb ik lang genoeg mogen rondkijken om te begrijpen dat een romantische minnaar geen vrijkaartje is voor een leven zonder dukkha. In mijn optiek is de liefde een combinatie van toeval en grote inspanning. Kon ik mijn tijd en energie niet beter gebruiken om de oorzaak van al het lijden 'de begeerte' met wortel en tak uit te roeien? Moest ik me niet richten op de leegte en de wederzijdse afhankelijkheid, zodat ik net zoveel vreugde zou beleven aan een avondje in mijn eentje sokken opbergen, als wanneer ik tot diep in de nacht bij Indiase sitarklanken heftig zou liggen vrijen voor een open haard?

Ach, genoeg bespiegelingen. Laat ik me maar eens inschrijven.

Week 1

In koopjeskelders van grote warenhuizen word ik snel door paniek bevangen. Als ik moet rondstruinen langs vijftien gangen vol schoenen vind ik nooit wat ik zoek. Dus laat ik de superwebsites van de new age voor wat ze zijn, en schrijf alleen in op de twee die specifiek boeddhistisch klinken: DharmaMatch.com en Dharma-Date.com.

Op de homepage van de eerste staat een lief jong stel elkaar te omhelzen, omkransd door enorme zeepbellen alsof we worden herinnerd aan de voorbijgaande aard van de romantiek op het moment dat we ernaar zoeken. Op die van de tweede staat: 'We willen dit een informele ontmoetingplek voor de sangha laten vormen, waar je jezelf kunt zijn. Of je niet-zelf, natuurlijk.'

Op beide sites moet ik als eerste een naam kiezen om deel te nemen. Ik probeer Yogini, maar die is al in gebruik. Dakini dan? Zelfde verhaal. Bikini lijkt me onverstandig, dus stel ik me tevreden met Tahini, wat trouwens ook de naam is die ik mijn kat heb gegeven. Bij de inschrijving wordt een aantal indringende vragen gesteld over je beoefening en overtuiging, kennelijk bedoeld om niet-boeddhisten eruit te filteren (die zich anders uiteraard bij bosjes tegelijk zouden melden, aangetrokken door de legendarische sekspraktijken van de dharma-aanhangers). Op de vragenlijsten bij de inschrijving moet ik al mijn persoonlijke eigenschappen opsommen: uiterlijk, levensstijl, karakter, eetgewoonten. Plus natuurlijk mijn spirituele voorkeur - op een niveau dat volgens mij op de gemiddelde datingsite normaal niet wordt gehaald: Wat gebeurt er als het lichaam is gestorven?

Al een paar uur nadat ik mijn profiel op de sites heb gezet, krijg ik een e-mail binnen. Groot nieuws! ronkt het bericht. Je hebt op DharmaMatch.com een Smile gekregen van Siddharta Gotama!

Week 2

Steeds komen er Smiles binnen waarmee mensen zich voorstellen van Manly Meditator! van Dharma Dude! en mijn eerste waarneming luidt: blijkbaar lopen er een boel verstandige, aantrekkelijke, spiritueel ingestelde alleenstaanden rond in de wereld.

Natuurlijk heb je er engerds bij: die kerel die blijft zaniken dat hij bomen leuker vindt dan mensen. Die vent die in zijn allereerste mailtje voorstelt om samen op een boerderij te gaan wonen waar we dan zelf onze geiten kunnen castreren. Maar het merendeel van de Smiles behoort aan interessante profielen. Een Argentijnse jazzmuzikant die Tibetaans boeddhisme en hatha-yoga beoefent. Een dichter die co-ouderschap heeft over een dochter van elf. Een zenpriester die in zijn profiel op de foto staat met zijn kaalgeschoren kop en zwarte gewaad.

Wacht 'es even. Een zenpriester? Moet die niet ver verheven zijn boven dit gedoe? Voor mijn geestesoog zit hij in zijn zendo te prevelen: Verlangens zijn oneindig in getal. Ik zal ze zeker afschudden - als ik straks op DharmaMatch heb gekeken of er nog nieuwe spetters zijn.

Waaruit weer moge blijken dat we als mens ontworpen zijn om contact te maken. Door onze beoefening proberen we natuurlijk de illusie van het persoonlijke ego op te geven en weten we dat het hele universum ons ondersteunt bij elke ademtocht. Maar tegelijk is het ook prettig je gesteund te voelen door een echt levend mens, die het naar vindt als we een rotdag hebben, de kinderen niet te genieten waren, je baas zich weer misdroeg, de computer is ontploft en als we onze koan niet hebben opgelost.

Veertig procent van de Amerikanen is volgens de New York Times alleenstaand. In 1970 was dat nog 28 procent. En een steeds groter deel van die alleenstaanden is ouder dan veertig. Bij veel van de profielen die ik lees, fladderen er op de achtergrond spoken rond, net als bij mij: ex-geliefden, ex-echtgenotes, kinderen die worden gedeeld. Terwijl ik er doorheen struin, stel ik me voor hoe we met z'n allen ronddobberen in de oceaan na een enorme culturele scheepsramp. We trekken ons reddingsvest nog wat strakker, klampen ons vast aan een stuk hout dat ergens ronddrijft en zwaaien naar elkaar over het water. Ik wissel nu e-mails uit met mensen die zich bij me hebben gemeld. De jazzmuzikant stuurt flirterige berichtjes rond middernacht met een waaier van kusvignetjes rond zijn naam. De dichter stuurt gedichten die hij heeft geschreven en foto's van zijn blokhut en zijn zeilboot op een zilverkleurig meer.

Intussen word ik bestookt met beter-leren-kennen-vragen. Wat is het leukste dat je deze week hebt gedaan?Door welke spirituele leraar ben je meest beinvloed? Wat is volgens jou werkelijk vrij zijn?

Week 3

Als schrijfster breng ik al een flink deel van de dag starend naar mijn computerscherm door, en ik merk al snel dat ik geen zin heb om mijn sociale leven zich daarop ook te laten afspelen. De e-mails van het dharma-daten verdrinken in de stortvloed van berichten uit mijn leven in de echte wereld: van collega's, van mensen die ik wil interviewen, van familieleden, van vrienden.

De kandidaat-vrijers hebben geen connectie met mijn echte leven in de echte wereld. Ze vliegen weg uit mijn gedachten als ballonnen op een winderige dag. Ik weet niet meer wat ik tegen de zenpriester heb gezegd of tegen de jazzmuzikant. Ik weet niet meer of de fotograaf volwassen kinderen had, of was dat nou de softwareontwerper? Ik vergeet voortdurend mijn wachtwoord voor de datingsites. Steeds vaker komt het er niet van om de e-mails te beantwoorden.

Dat heeft uiteraard zijn schaduwkanten. Ik vergeet per ongeluk een Smile terug te sturen en krijg mijn eerste uitbrander: Dus zo gedragen verlichte mensen zich? Dan kan ik net zo goed naar de kroeg op de hoek gaan en alcoholist worden, sigaretten roken en omgang zoeken met grote vrouwen met snorren die niet praten maar grommen. Hoe schat je de gevolgen in voor je karma als je verantwoordelijk wordt voor mijn ondergang?

Ik besluit over te gaan tot enige geografische sortering. Ik zal de correspondentie beleefd beiindigen met iedereen die niet binnen een afstand woont die ik per auto gemakkelijk kan afleggen. Degenen die in de buurt wonen, zal ik zo snel mogelijk proberen over te halen tot een ontmoeting in levenden lijve.

Week 4

Ik raadpleeg Online Dating for Dummies, dat me aanraadt om de eerste ontmoetingen kort te houden, alleen koffie of thee, en te laten plaatsvinden in een drukke, openbare ruimte. Dus heb ik mijn eerste afspraak in de koffiebar van een boekwinkel waar genoeg volk is om je anoniem te voelen. Ik vraag me af hoeveel van de duo's die ik aan de tafeltjes om me heen zie, elkaar voor het eerst ontmoeten, prietpraat uitwisselen terwijl ze elkaar heimelijk inspecteren om te zien of het denkbaar is met deze persoon de rest van je leven door te brengen.

Mijn afspraak is een kleine, ernstige man met veel ervaring met vipassana-meditatie. We kijken ongemakkelijk naar elkaar, terwijl we onze bekers met kruidenthee stevig vasthouden. Ik probeer het ijs te breken met een ogenschijnlijk terloopse vraag: Wat doe jij zoal? Hij staart me aan alsof dit de idiootste vraag is die iemand hem ooit gesteld heeft, en herhaalt vol ongeloof: Doe?!

Week 5

Ik neem me voor de volgende keer meer onderzoek te doen. Na een paar intrigerende uitwisselingen via e-mail praat ik over de telefoon met een yogabeoefenaar die wereldreligies doceert aan een vwo-school. We kletsen losjes over onze kinderen, onze spirituele praktijk en onze academische interesses.

Als ik de koffiebar van de boekwinkel binnenloop, is hij er nog niet. Ik snuffel door de pocketboeken en werp een discrete blik op iedere klant die binnenkomt. Aan de overkant van het looppad staat een fors gebouwde man met donker haar hetzelfde te doen. Onze ogen kruisen elkaar, dan kijken we allebei weg wij zijn duidelijk niet de mensen waarop we staan te wachten. Het duurt zeker tien minuten voor we voorzichtig op elkaar aflopen en ontdekken dat we het wel zijn.

We bestellen thee, beginnen een gesprek en proberen te wennen aan elkaars niet-virtuele aanwezigheid. Hoewel ik me niet bewust was geweest van een concrete verwachting, voel ik me een tikje teleurgesteld. Deze man is zeker zo verstandig als ik uit onze gesprekken had opgemaakt. Maar ik had me een langere vent voorgesteld, met een imposante verschijning als resultaat van twintig jaar intensieve lyengar-yoga. Ik neem aan dat mijn afspraak ook op een andere uitvoering van mij zit te wachten.

Ik roer in mijn thee en bedenk dat dit een van de vele absurditeiten is van afspraakjes via internet. Als je iemand ontmoet, kom je hem of haar de eerste keer doorgaans in levenden lijve tegen. Als je er in gedachten een verhaal omheen weeft, zal dat in ieder geval slaan op een personage die vage trekken vertoont van degene die hij of zij echt is. Maar als je iemand via internet tegenkomt, kan de geest een volledig beeld samenstellen een puntgaaf voorbeeld van wat in het boeddhisme papancha wordt genoemd, de wildgroei van gedachten op basis van een minuscule foto en een paar regels tekst. Dan worden er in gedachten plots gesmeed waarin deze imaginaire persoon een hoofdrol krijgt toebedeeld. Kom je de persoon in werkelijkheid tegen, dan lijkt die totaal niet op degene die je bij elkaar had gefantaseerd - hoe zou dat ook kunnen? - dus ervaar je een golf van teleurstelling. Net als wanneer je een film ziet die op je lievelingsboek is gebaseerd: zo ziet Rhett Butler er helemaal niet uit!

Week 6

Ik sla het aanbod van de vwo-docent om elkaar nog eens te zien af. Ik ben aan het verhuizen, en ik ga nu drie uur rijden bij hem vandaan wonen. Het gedoe van het inpakken leiden me te veel af, dus zet ik mijn avonturen in het daten even op pauze. Tijdens de verhuizing is mijn internetverbinding een paar weken uitgeschakeld, dus als ik weer online ga, vind ik een kluitje oude e-mails van dharma-daters in mijn inbox, naast een enorme berg taken die mijn aandacht opeisen. Inmiddels voelt het dharma-daten als de zoveelste opdracht die ik niet op tijd af weet te krijgen.

Nu ga ik op geen enkele correspondentie meer in. Soms kijk ik, uit louter nieuwsgierigheid, af en toe naar de profielen op de dadingsites - net zoals ik kan rondscharrelen bij een garageverkoop. Ik vind het fascinerend om waar te nemen hoe vlot mijn geest mensen opzij schuift - en op basis van weinig gegevens. De ware weg is niet moeilijk voor degene die geen voorkeur kent, schreef Seng Tsang, de derde zen-patriarch in China. Hetzelfde kun je beweren over dharma-daten.

Zonder het tegenwicht van werkelijk menselijk contact verwerp ik vrijers om de meest willekeurige en onbenullige redenen: te klein, te lang, te oud, te jong, te weinig haar, te veel haar, iemand die 'vipassana' met een verkeerd aantal keren p, s of n spelt. En dan zeggen dat je verlicht bent...

Week 11 t/m 13

Omdat ik toch dat artikel over dharma-dating wil schrijven, besluit ik om me weer in de zoektocht naar een partner te storten. Ik spreek een etentje af met een voormalige aanhanger van de tantrische goeroe Baghwan, die nu een autoverhuurbedrijf heeft. Ik drink thee met een muziekproducent die vipassana-meditatie beoefent. Een docent Oost-Aziatische filosofie nodigt me uit voor een 'dansavond vol trance en extase' die gehouden wordt in een buikdansrestaurant met menu's uit het Midden-Oosten. Iemand die psycholoog en bergbeklimmer is, biedt aan me rond te leiden in zijn communale woonproject.

Wat is de vonk - natuurwetten? karma? neurosen? - die maakt dat we liever bij de ene persoon vertoeven dan bij de ander? Wat het ook is, bij geen van de mannen die ik ontmoet, heb ik dat gevoel - ook al zijn het allemaal heel aardige types. De hele ervaring van het daten komt vluchtig en onwerkelijk op me over, vergeleken met de zwaarte en de structuur van mijn dagelijkse bestaan, gevuld met vele dagelijkse aandachtspunten als kinderen waarvoor je moet zorgen, werk en vrienden. Vroeger leek het veel simpeler om zomaar in de romantiek verzeild te raken, want toen had ik nog niet zoveel aanhangsels. Maar het zijn natuurlijk juist de aanhangsels die mijn leven de moeite waard maken.

Ik overtuig mezelf ervan dat ik waarschijnlijk wat langer moet doorzetten en verder moet gaan dan een afspraakje. Tenslotte had ik soms de beste relaties met mensen die ik niet onmiddellijk erg aantrekkelijk vond. Maar ja, mijn leven zit nu al vol vrienden voor wie ik nauwelijks genoeg tijd kan vrijmaken. Het idee staat me tegen om dagdelen te reserveren voor mensen die ik nauwelijks ken.

Misschien is dit daten alleen maar een manier om te zorgen dat mijn hart blijft openstaan voor intimiteit - zonder te hechten aan eventuele resultaten. Al doende krijg ik zicht op de terugtrekkende reflexen die ik mezelf heb aangeleerd om afstand te houden van anderen: oordelen, verwachtingen, angsten, een druk bestaan, schuldbesef, altijd weer die gevoelens van falen of juist superioriteit.

Of is deze hele theorie slechts een poging om een spirituele draai te geven aan een in feite absurde bezigheid, die gewoon door en door commercieel is en gebukt gaat onder een tweevoudige illusie: dat je grote liefde ergens rondloopt, en dat je hem met veel doorzettingsvermogen en een snelle internetverbinding te pakken kunt krijgen?

Week 14 en 15

Ik ga dineren met een computerprogrammeur die vroeger vrijwilligerswerk heeft gedaan in Nepal. Het is allemaal erg leuk. Daarna overspoelt hij me met lange, gezellige e-mails. Hij vertelt over boeken die hij heeft gelezen en films die hij heeft gezien. Hij houdt bespiegelingen over kunstmatige intelligentie, schrijft over zijn familie en geeft commentaar op het nieuws. Ik laat hem weten dat ik, als beroepsschrijver, dit sociale verkeer via e-mail niet fijn vind. Hij antwoordt met een betoog van vijf aline's over een gesprekje dat hij op de radio had gehoord.

Ik verlies mijn geduld en stuur hem een smeekbede: Hou alsjeblieft op! Gebruik rooksignalen! Roffel op de trom! Schrijf je bericht met een vliegtuigje in de blauwe hemel! Gooi tomaten tegen mijn venster! Maar geen e-mails meer!Daarna hoor ik niets meer van hem.

Ik zal wel niet geschikt zijn voor internet-daten. Het boeit me gewoon niet om 'iemand te leren kennen' door woorden te tikken in een hokje op een scherm. Wat mij betreft moet een verbintenis zich langzaam ontvouwen, aan de hand van herhaalde ontmoetingen in een natuurlijke omgeving. Ik vind het prettig om beesten in het wild te zien, niet in de dierentuin. In plaats van online aardige niemendalletjes uit te wisselen met vreemden, dring ik liever dieper door in mijn eigen leven zoals dat nu is, en geniet ik van de intimiteit met vrienden, familie en buurtgenoten waardoor ik dagelijks word gevoed.

Ik ben nooit iemand geweest die de liefde van de bomen plukt. Het kost me meestal gewoon een paar dagen om mijn aangeboren schuchterheid te overwinnen, of weken, of zelfs maanden.

Naschrift

Ik heb weer een relatie. Hij is een wijze, liefdevolle en grappige vriend die ik jaren geleden op de ouderwetse manier heb leren kennen, toen hij op het kantoor van mijn tijdschrift langskwam voor een klus. Sindsdien zijn we elkaars leven in- en uitgedwarreld. Misschien was mijn snuffelstage in cyberspace ervoor nodig om tot me laten door te dringen hoe sterk we in het werkelijke leven aan elkaar verknocht zijn.

Ik weet dat ook deze verhouding, net als alles in dit bestaan, is onderworpen aan de wetten van de vergankelijkheid dus ik ga de boel niet verpesten door er nog meer over te schrijven.

Maar een ding mag u wel weten: hij heeft geen e-mail.

Met toestemming bewerkt en overgenomen van Tricycle (zomer 2006), een kwartaalblad dat reflecteert op het boeddhisme, www.tricycle.com. Anne Cushman is de auteur van From Here to Nirvana, een gids voor het spirituele India. In Ode 78 (juli/augustus 2005) schreef ze over de kunst van het opruimen van je huis.



Tools: Bespreken | Email | Print | RSS | Nieuwsbrief
Save/Share:
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google
  • Facebook
  • YahooMyWeb
  • StumbleUpon
  • Blue Dot
  • Technorati
  • Reddit

Van onze adverteerders: