|
|
De therapie die eigenlijk niet kan
Homeopathie is in opmars – althans, bij de consument. De medische wetenschap blijft zich fel keren tegen deze ‘alternatieve’ geneeskunde. Homeopathie: een andere visie op genezen, waarin niet de strijd tegen ziekte, maar het zelfhelende vermogen van de mens centraal staat.
Valerie Ohanian was eind jaren zeventig student journalistiek in Minnesota in de Verenigde Staten, toen ze geheel uit het niets werd overvallen door een intense vermoeidheid. Plotseling kon ze niet langer dan vijftien minuten achtereen actief blijven zonder zich totaal uitgeput te voelen en had ze grote moeite om zich te concentreren. Ohanian raadpleegde verschillende artsen. Een van hen vermoedde dat ze gewoon depressief was en verwees haar naar een psycholoog. De psycholoog zei dat er zonder twijfel iets mis was met haar fysieke toestand. Geen van de middelen die Ohanians artsen voorschreven, hielpen tegen haar vermoeidheid en pijnlijke, gezwollen klieren. Ze sleepte zich twee jaar lang door de mysterieuze kwaal heen, niet in staat om te werken. ‘Ik had geen idee of ik er ooit nog vanaf zou komen,’ vertelt ze. ‘Ik was van harte bereid om eens iets anders te proberen.’ Een manueel therapeut die haar met acupunctuur behandelde, bracht enige verlichting, maar Ohanian had altijd na een paar dagen weer een terugval. ‘De therapeut zei tegen me: “Het enige dat jou kan helpen is homeopathie, denk ik.” Ik had er wel eens iets over gelezen, en nam contact op met de enige persoon die in die dagen een homeopatische praktijk had in Minnesota,’ vertelt Ohanian. ‘Ik heb mercurius vivus genomen, het middel dat die man me gaf en merkte vervolgens de eerste paar dagen helemaal niets. Toen realiseerde ik me op een bepaald moment dat ik al drie uur lang van alles liep te doen en de hele dag overeind kon blijven. Binnen een maand had ik mijn oude energie weer terug.’ Deze ervaring maakte zo’n indruk op haar, dat ze zelf homeopaat werd, in een tijd dat er in de Verenigde Staten nog maar heel weinig actief waren. Vijfentwintig jaar later heeft Ohanian een bloeiende praktijk en behandelt ze veel mensen die net als zij door de conventionele geneeskunde niet van hun chronische kwalen konden worden verholpen, naast degenen die sterker een persoonlijk welzijn willen ervaren. De carrière van Ohanian loopt parallel aan een recente opleving van de homeopathie, een tweehonderd jaar oud therapeutisch model dat erop gericht is het lichaam te stimuleren om zichzelf te genezen. Homeopathie is gebaseerd op het concept van Similia similibus curantur oftewel de ‘Wet van het Eendere’, die stelt dat een stof die bepaalde symptomen veroorzaakt wanneer hij in grote hoeveelheden wordt ingenomen, in kleine dosering diezelfde symptomen kan bestrijden. Homeopaten gebruiken oneindig verdunde doses van stoffen die afkomstig zijn van planten, dieren en mineralen om het natuurlijke afweersysteem van het lichaam te prikkelen. Als behandeling van bijvoorbeeld een verkoudheid die gepaard gaat met een loopneus en waterige ogen, kan de homeopaat allium cepa als preparaat voorschrijven, dat wil zeggen een ui. Voorstanders onderstrepen hoe mild homeopathie is – bijwerkingen zijn uiterst zeldzaam – en de holistische benadering ervan. Homeopathie probeert het individu te behandelen en niet de ziekte, in tegenstelling tot de gewone geneeskunde. Een homeopaat maakt een nauwgezet rapport van de lichamelijke verschijnselen bij elke patiënt, de emotionele en geestelijke toestand, haar algehele constitutie en zoekt naar de unieke aspecten die hem exact naar de remedie kunnen leiden die de genezing stimuleert. Deze zachtaardige, individuele werkwijze spreekt een groeiend aantal mensen aan dat genoeg heeft van de dure, onpersoonlijke gezondheidszorg die afhankelijk is van chemische middelen die uiteindelijk soms meer kwaad dan goed doen. Hoewel de conventionele geneeskunde uiteraard talrijke mensen het leven heeft gered, met name bij acute ziekten en in noodsituaties, wordt homeopathie steeds vaker de keus bij mensen met chronische gezondheidsproblemen, in de meeste landen de op één na meest voorkomende reden voor een tocht naar de wachtkamer. Uit klinische studies blijkt dat homeopathie kan helpen bij de behandeling van griep (zie ook pagina XX), allergie en diarree bij kinderen, naast andere aandoeningen. Het wordt regelmatig geadviseerd bij een hele reeks kwalen die varieert van astma, oorontsteking en infectie van de luchtwegen tot hoge bloeddruk, verstuikingen en verrekkingen, en depressie. Tegenwoordig is homeopathie de meest verspreide vorm van alternatieve geneeskunde in de wereld, volgens de Wereld Gezondheidsorganisatie (WHO). Wereldwijd worden bijna vijfhonderdmiljoen mensen homeopatisch behandeld. Homeopathie is het meest ingeburgerd in India, waar naar schatting driehonderdduizend homeopaten actief zijn en waar meer dan driehonderd homeopatische ziekenhuizen zijn. Het is ook populair in Zuid-Afrika, Brazilië en in Europa. In Frankrijk heeft haast veertig procent van de bevolking wel eens een homeopatisch middel gebruikt. In Nederland denkt bijna de helft van de artsen dat homeopatische geneesmiddelen nuttig zijn en in Engeland nemen de bezoeken aan een homeopaat met bijna veertig procent per jaar toe. Gedurende de jaren negentig van de afgelopen eeuw is het aantal mensen dat in Amerika gebruik maakt van homeopathie naar schatting vervijfvoudigd. Maar afgelopen augustus kondigde het Engelse medische vakblad The Lancet ‘Het einde van de homeopathie’ aan in zijn hoofdartikel, gebaseerd op een nieuwe analyse van vroegere onderzoeken waarbij zowel homeopathie als conventionele geneeskunde werden vergeleken met het effect van placebo’s, of namaakpillen. Uit de analyse, uitgevoerd door Aijing Shang, Mattias Egger en hun collega’s, van acht placebo-gecheckte proeven met homeopathie en zes proeven met conventionele medicijnen, bleek homeopathie niet beter te werken dan de placebo’s. Met andere woorden: als homeopathie een effect heeft, zit dat allemaal tussen de oren. De redacteuren van The Lancet sluiten af met: ‘Nu moeten de artsen dapper en eerlijk zijn tegenover hun patiënten over het gebrek aan werking van de homeopathie, en tegenover zichzelf omdat de moderne geneeskunde er niet in slaagt de patiënten die persoonlijke zorg te geven waaraan ze behoefte hebben.’ Toch beweert een aantal onderzoekers dat het artikel eenzijdig en slordig is en het eigenlijke onderwerp ontwijkt. Eén van hen is dokter Wayne Jonas, die in 1997 een meta-analyse in The Lancet publiceerde die lijkt op die van Shang. Na 89 onderzoeken te hebben bestudeerd, meldden Jonas en zijn collega’s dat homeopathie 2,45 keer werkzamer was dan een placebo. Volgens Jonas is het recente hoofdartikel ‘onverantwoordelijk’ en ‘een misbruik van de statistiek’. Hij stelt dat statistiek gemakkelijk het risico loopt om verkeerd te worden geïnterpreteerd. In het geval van de homeopathie zijn technieken als meta-analyse niet in staat om precies vast te leggen wat zich echt afspeelt in het lichaam en het leven van mensen, terwijl dat het ware onderwerp van studie zou moeten zijn. ‘Ik ben het niet met dat artikel eens dat we de homeopathie moeten afschrijven,’ zegt Jonas, die directeur is van het Samueli Instituut voor Computerbiologie in Virginia, en vroeger directeur was van zowel de afdeling alternatieve geneeskunde van de Amerikaanse gezondheidsraad, als van het onderzoekcentrum voor traditionele geneeskunde van de WHO. ‘We zullen er nooit achter komen of het primaire effect ervan te danken is aan een betere toepassing van de geneeskunde, of dat er door de medicijnen echt iets gebeurt, tenzij we op dat gebied een diepgaand onderzoek uitvoeren. Als het publiek steeds vaker om homeopathie vraagt, dan hebben we als wetenschappers echt de opdracht om dat uit te zoeken.’ Is homeopathie een tweehonderd jaar oude schertsvertoning of een krachtige vorm van helen? De speurtocht naar de waarheid geeft ons een intrigerende kijk op de verwarrende – en sommigen zouden zeggen ongezonde – relatie tussen de machtsverhoudingen in artsenland en de vooruitgang in de geneeskunde. Riemen vast, graag. Homeopathie is aan het eind van de achttiende eeuw ontdekt door Samuel Hahnemann, een Duitse arts. In die dagen was het ziekenhuis ongeveer de allerslechtste plek waar je als zieke terecht kon komen. Aderlaten, klisma’s en braakmiddelen waren de populaire behandelingen. De jonge dokter Hahnemann raakte gedesillusioneerd omdat hij te veel patiënten zag bezwijken aan deze barbaarse methoden en besloot een tijdje een andere loopbaan te volgen. Hij ging medische en wetenschappelijke teksten vertalen. In 1790 was hij bezig met de vertaling uit het Engels naar het Duits van Materia Medica door William Cullen, en stuitte hij op Cullens idee dat de kinabast, waarvan we inmiddels weten dat er kinine in zit, malaria geneest vanwege de bitter smaak. Die gedachte sloeg, volgens Hahnemann, nergens op. En om dat te bewijzen, besloot hij proeven te nemen met zichzelf. Na meerdere doses van de schors te hebben ingenomen, deden de meeste symptomen van malaria zich voor bij Hahnemann. Zijn conclusie was dat de schors effectief was, omdat hij symptomen opwekte die leken op de ziekte die ermee werd bestreden. Hij noemde dit effect ‘Het similia-principe.’ Toen hij kinabast gaf aan malariapatiënten om zijn ideeën te bevestigen, ging het al gauw beter met hen. Uiteindelijk heeft Hahnemann meer dan tweehonderd toen gangbare medicijnen getest – waarbij hij ze verdunde om de giftigheid te verminderen – op zichzelf, zijn gezin en een uitdijende groep aanhangers. Hij hield nauwgezet verslagen bij van de lichamelijke, mentale en emotionele reacties van zijn proefpersonen op elke stof, en daarmee introduceerde hij de inmiddels binnen de homeopathie tot norm verheven procedure van ‘uitproberen’ om een medicijn te ontwikkelen. In de loop van verder onderzoek formuleerde Hahnemann ook zijn meest omstreden idee: de genezende eigenschappen van een stof nemen in kracht toe naarmate die stof meer wordt verdund. Homeopatische middelen werden – en worden nog steeds – zo verdund dat ze soms niet één molecuul van de originele substantie meer bevatten. Hahnemann noemde dit proces van verdunning en krachtig schudden ‘potentiatie’, en hij geloofde dat daardoor de ‘geestachtige’ aard van elke stof loskwam, zodat de ‘levenskracht’ van de patiënt werd geactiveerd. In 1810 ontvouwde Hahnemann zijn theorieën en filosofie in zijn werk Organon der rationellen Heilkunde. Tegen de tijd dat hij in 1826 de term ‘homeopathie’ verzon, samengesteld uit homoios dat ‘gelijk’ betekent en pathos dat staat voor ‘lijden’, had hij met zijn methode veel aanhangers verworven, waaronder leden van Europese koningshuizen. De volgende twintig jaar verspreidde de homeopathie zich door Europa en Amerika, waarbij de geloofwaardigheid sterk toenam tijdens epidemieën van besmettelijke ziekten. Het sterftecijfer bij patiënten die door homeopaten werden behandeld, lag volgens rapporten over cholera-epidemieën in Europa en Amerika in de jaren dertig en veertig van de negentiende eeuw veel lager dan bij degenen die door conventionele artsen werden behandeld. Zo stierf bij een cholera-epidemie in Cincinatti in 1849 bijvoorbeeld slechts drie procent van de patiënten die homeopatisch werden verzorgd, vergeleken met soms wel zestig procent van de patiënten die conventioneel werden behandeld. Maar aan beide kanten van de Atlantische Oceaan namen de tegenkrachten toe. De homeopaten werden een serieuze concurrent van de orthodoxe artsen. Twee jaar nadat homeopaten in 1844 het Amerikaanse Instituut voor Homeopathie hadden gesticht, werd de American Medical Association opgericht – onder andere om de homeopathie de wind uit de zeilen te nemen. In 1855 voerde de AMA een erecode in waarbij artsen werden geroyeerd die zelfs maar overleg pleegden met homeopaten of andere ‘niet-reguliere’ therapeuten. In Europa speelden zich vergelijkbare gebeurtenissen af, toen het bijvoorbeeld de orthodoxe artsen in Frankrijk werd verboden om homeopaten te consulteren. In Oostenrijk werd homeopathie zelfs verboden. Ondanks deze tegenslagen bleef de homeopathie enkele tientallen jaren floreren en trok zij bewonderaars aan als Mark Twain, die in 1890 in Harper’s Magazine schreef: ‘Door de invoering van de homeopathie werd de dokter van de oude stempel gedwongen om wakker te worden en over zijn bezigheden ook eens iets rationeels te leren.’ Bij de eeuwwisseling waren er meer dan honderd homeopatische ziekenhuizen actief in de Verenigde Staten, naast tweeëntwintig homeopatische opleidingsinstituten en ruim duizend homeopatische apothekers. Opvallend genoeg waren veel studenten en artsen vrouw en het homeopatische Boston Female Medical College, gesticht in 1848, was de eerste faculteit ter wereld waar vrouwen geneeskunde konden studeren. In het begin van de twintigste eeuw kreeg de homeopathie echter twee zware klappen te verwerken: een landelijke evaluatie van de medische opleidingen in Amerika, gevolgd door een stroom van miljoenen dollars richting de conventionele geneeskundefaculteiten in dat land. De Carnegie Foundation bracht in 1910 het Flexner Rapport uit, dat in samenwerking met de AMA een norm voor artsenopleidingen trachtte vast te stellen. Het rapport beoordeelde alle medische opleidingen in de Verenigde Staten en gaf bijna elke homeopatische faculteit – net als de meeste faculteiten waar zwarten en vrouwen studeerden – lage cijfers. Al snel moesten enkele van deze opleidingen sluiten en werd aan veel minder afgestudeerden van homeopatische faculteiten toegestaan om zich officieel als arts te vestigen. Spoedig daarop schonk ook de Rockefeller Foundation tientallen miljoenen dollars aan de orthodoxe medische opleidingen. De conventionele geneeskunde werd het dominante standaardmodel. In 1922 waren er in de VS nog maar twee homeopatische faculteiten over. Met uitzondering van India en een paar losse uithoeken van de wereld, ging de homeopathie volledig ondergronds. Tegen de tijd dat Valerie Ohanian besloot om homeopathie te gaan studeren, kon ze in de hele VS geen goede opleiding vinden. Ze las wat ze te pakken kon krijgen en vond uiteindelijk een paar mensen die haar wilden opleiden. Het was vooral lastig om aan informatie te komen omdat ze geen doktersdiploma had. ‘Ik moest alles stukje bij beetje bij elkaar sprokkelen,’ zegt ze. Maar in Europa beleefde homeopathie een come-back. Met name verantwoordelijk voor de recente tweede jeugd van de homeopathie is George Vithoulkas, een Griekse homeopaat die in de jaren zestig begon met zijn praktijk en met lesgeven. Vithoulkas scherpte de ideeën van Hahnemann aan en koppelde ze aan een nieuw heet hangijzer: de energie-therapie. Volgens hem helpt homeopathie een patiënt gezond te worden omdat zijn of haar electromagnetische veld wordt beïnvloed. In zijn baanbrekende boek The Science of Homeopathy geeft Vithoulkas een korte maar welsprekende omschrijving van het doel dat elke behandelmethode moet hebben. ‘Het hoogste en ultieme streven van elk mens is voortdurend en onvoorwaardelijk geluk,’ schreef hij. ‘Elk therapeutisch systeem dient je naar dit doel te begeleiden.’ Vithoulkas beschreef het verschil tussen de conventionele geneeskunde en homeopathie aldus: ‘Homeopathie verwijdert niet alleen de ziekte uit het organisme. Het versterkt de ware bron van leven en creativiteit in het individu en het herstelt de harmonie.’ Door de lessen en geschriften van Vithoulkas werd een hele nieuwe generatie homeopaten geïnspireerd, waaronder Ohanian, die bij hem studeerde in de jaren tachtig. Hij ontving in 1996 voor zijn baanbrekende werk de Right Livelihood Award, ook wel de ‘alternatieve Nobelprijs’ genoemd. Vithoulkas is niet alleen een leraar met veel uitstraling, maar ook een onbevreesde criticus van de manier waarop gewone geneeskunde steeds meer leunt op brute, sterke chemische middelen. Homeopaten denken dat conventionele geneesmiddelen de symptomen onderdrukken in plaats van de ziekte te genezen. Volgens Vithoulkas wordt door dit onderdrukken de ziekte dieper de patiënt ingeduwd, wat zich tenslotte openbaart als een psychische aandoening en ziekte van het centrale en perifere zenuwstelsel. Ook vindt hij dat de overdreven nadruk van het medische machtsblok op steeds krachtiger middelen ons in wezen misschien steeds zieker maakt. ‘Het afweerssyteem van de Westerse bevolking is gesloopt door sterke chemische middelen en herhaald inenten,’ zei Vithoulkas tegen het Zweedse parlement bij zijn toespraak tijdens de uitreiking van de Right Livelihood Award. Hij legde een verband tussen het toenemend voorkomen van ziekten als astma, aids en kanker en ‘misplaatste bemoeienis’. Vithoulkas zei tegen het publiek: ‘Als de conventionele geneeskunde werkelijk chronische ziekten kon genezen, hadden we tegenwoordig in het Westen een gezonde bevolking, geestelijk, emotioneel en lichamelijk.’ Hoewel zulke ferme uitspraken met een korreltje zout moeten worden genomen, geven ze toch aanleiding tot boeiende vragen. Chronische ziekten zijn doodsoorzaak nummer één op aarde en leiden volgens de Wereldgezondheidsorganisatie wereldwijd tot ongeveer zeventien miljoen voortijdige sterfgevallen. Slecht eten, roken en gebrek aan beweging zijn factoren die kunnen resulteren in een chronische ziekte, maar de conventionele geneeskunde slaagt er stelselmatig niet in om mensen die ziek worden te genezen. De voorgeschreven medicijnen doen soms zelfs meer kwaad dan goed: uit een onderzoek in 1998 door wetenschappers aan de universiteit van Toronto bleek dat officiële medicijnen als doodsoorzaak in de VS op de vierde plaats staan. Een van de vele onderzoekers die niet overtuigd is dat homeopathie ‘voorbij’ is, is dokter George Lewith, directeur van afdeling Complementaire Geneeskunde aan de universiteit van Southampton in Engeland. ‘Mensen bezoeken de homeopaat en hebben daar soms echt baat bij,’ zegt Lewith. ‘We horen van onze patiënten dat er iets gaande is in de alternatieve geneeskunde. Daar moeten we naar luisteren en het proberen te begrijpen. Dit is een revolutie die door de patiënten in gang is gezet en waar veel doktoren flink de smoor over in hebben.’ Lewith heeft jarenlang de complementaire en alternatieve geneeskunst bestudeerd en heeft vijfentwintig jaar geleden voor het eerst homeopathie voorgeschreven aan een patiënt met reumatische artritis. Binnen twee weken waren de ontstekingen en artritis bij de vrouw verdwenen. ‘Vanaf dat moment dacht ik: dit kan uitermate nuttig zijn,’ aldus Lewith. ‘Ik weet dat je je niet door zoiets moet laten meeslepen, maar dit was mijn ervaring.’ Lewith vermoedt dat het consult tussen patiënt en homeopaat van grote invloed is. Hij onderzoekt deze kwestie thans via het bestuderen van reuma-patiënten, waarbij één groep een homeopatisch medicijn plus consult krijgt, en de andere alleen het medicijn. Deze groepen vergelijkt hij met twee andere. De ene krijgt een placebo plus consult, de tweede alleen de placebo. ‘Ik heb me de afgelopen tien jaar voortdurend afgevraagd hoe we de homeopathie deugdelijk konden evalueren en het wordt me steeds duidelijker dat de werking van de homeopathie en het effect van het consult waarschijnlijk niet van elkaar te scheiden zijn,’ zegt hij. ‘Volgens mij schuilt er iets bijzonder therapeutisch in dat proces, dat enorm verschilt van de bijna mechanische patiëntengesprekken die de conventionele arts voert.’ Velen houden zich net als Lewith bezig met onderzoek bij mensen, maar anderen kijken naar de uitwerking van homeopathie op dieren, wat nader licht kan werpen op het vraagstuk van de placebo’s. Dieren kunnen niet fantaseren, die worden beter of niet. Liesbeth Ellinger, homeopatisch dierenarts in Apeldoorn, heeft afgelopen zomer een fascinerende studie afgerond naar het effect van homeopathie op pasgeboren kalfjes. Diarree is een alledaags probleem bij kalfjes en boeren in Nederland gebruiken vaak homeopatische middelen om die tegen te gaan. Enkele resultaten van Ellinger: op een van de boerderijen kreeg geen van de kalfjes behandeld met een homeopatisch middel diarree en elk kalfje dat een placebo kreeg wel. Volgens haar was de grootste opgave bij dit onderzoek, uitgevoerd in samenwerking met het Louis Bolk Instituut, de boeren zover te krijgen dat ze placebo’s gaven in plaats van homeopatische middelen, ‘want ze weten dat homeopathie werkt.’ Ondanks de eeuwig beperkte budgetten voor onderzoek, zetten homeopaten overal ter wereld hun speurtocht voort en publiceren ze de uitkomsten in medische tijdschriften voor homeopathie en alternatieve geneeskunde. Volgens hun waarnemingen is homeopathie bij uitstek veelbelovend bij de behandeling van ziekten en aandoeningen zoals ADHD (attention deficit hyperactivity disorder), artritis, virusinfecties, chronische vermoeidheid of ME, eczeem, onstekingen van het maagdarmkanaal, premenstruale klachten en post-traumatische stress-stoornis, om er maar een paar te noemen, meldt het Amerikaanse Instituut voor Homeopathie. Overal ter wereld vertellen de homeopaten op congressen en bijeenkomsten het ene verhaal na het andere over gevallen van een buitengewone, onwaarschijnlijke genezing. Een van de overtuigden is dokter Andrew Weil, directeur van de opleiding Integrale Geneeskunde aan de universiteit van Arizona en schrijver van het onlangs verschenen Healthy Ageing: A Lifelong Guide to Your Personal and Spiritual well-Being. ‘Ik heb gezien wat homeopathie voor mijn eigen leven betekende en ik heb er klinisch gesproken veel succes mee gehad,’ zegt hij. ‘Ik wil dolgraag weten hoe het werkt. Volgens mij brengt een homeopatisch middel op een of andere manier informatie over op het lichaam. Op een dag zullen we het gaan beschouwen als een soort energie-therapie, die nu zo in opkomst is. Als die zich verder ontwikkelt, komen er misschien studies die het mechanisme waardoor homeopathie werkt, kunnen ontrafelen.’ Homeopathie onttrekt zich aan een logische verklaring door de conventionele wetenschap. Een belangrijk punt van kritiek, dat sceptici maar blijven herhalen. Hoe kan een medicijn dat wellicht niet één enkel molecuul van de oorspronkelijke stof bevat, überhaupt enige werking hebben? Als er ooit een verklaring word gevonden, wordt die misschien aangetroffen aan de wormgatrijke grenzen van de kwantummechanica, dankzij het soort onderzoek dat prachtig materiaal kan opleveren voor deel 2 van de film What the bleep do we know? Wayne Jonas onderstreept dat de wetenschap ook nog geen verklaring kan bieden voor de werking van allerlei conventionele geneesmiddelen. In de afgelopen honderd jaar is bijvoorbeeld het effect van aspirine, om maar eens wat te noemen, wel op vier of vijf verschillende manieren uitgelegd. ‘In de conventionele geneeskunde bieden we van alles aan waarvan we geen idee hebben hoe het werkt, of zelfs maar óf het werkt en toch wordt het toegestaan,’ zegt hij. Zoveel aspecten van de geneeskunde zijn afhankelijk van de ‘politiek dominante norm’ die er nu heerst, net als veel andere invloeden in ons leven, vindt dr. Iris Bell, arts en onderzoeksleider bij de opleiding Integrale Geneeskunde in Arizona. Bell had ook kritiek op het artikel in The Lancet en vindt gereedschappen als de meta-analyse ‘ongeschikt, gezien de aard van de ingreep die ze evalueren’. Conventionele middelen worden in grote lijnen geacht bij elke persoon hetzelfde effect te hebben, homeopatische middelen worden voor elk apart individu voorgeschreven. Met andere woorden: aan drie mensen met hetzelfde lichamelijke verschijnsel kunnen gemakkelijk drie verschillende medicijnen worden verstrekt, op basis van hun unieke lichamelijke, emotionele en geestelijke gesteldheid. Kortom, het is vrijwel onmogelijk om de homeopathie met de standaardmethode te beoordelen, en zelfs met andere technieken is het nog uiterst lastig. Bell beveelt het gebruik van observatie-onderzoek aan, dat bij elke individuele patiënt de uitwerking van een ingreep op vele verschillende aspecten van zijn of haar leven nagaat. Het zou interessant zijn om te zien wat er gebeurt als men dezelfde normen op de tests van conventionele geneesmiddelen zou toepassen. ‘Als homeopathie de politiek dominante norm was, zouden onderzoekers volledig het recht hebben om elk medicijn te testen op veiligheid, kosten, en te zien of alle problemen van die bepaalde persoon ermee verdwijnen,’ aldus Bell. Terwijl het debat over homeopathie voortduurt, loopt de wachtkamer van Valerie Ohanian vol, evenals de praktijk bij homeopaten overal ter wereld. ‘Ik heb gezien hoe de harde kern van onze patiënten verschoof van mensen die ten einde raad waren en alles al hadden geprobeerd, naar mensen die een versterkend medicijn zoeken om hun gezondheid nog iets meer in harmonie te brengen,’ zegt ze. Ohanian behandelt inmiddels de kleinkinderen van enkele van haar eerste cliënten en dat vindt ze bijzonder eervol. Ze vertelt over een cliënt die boos was gestopt met de behandeling toen hij een tiener was. Nu is hij volwassen en kwam hij onlangs terug met zijn jongste zoon. ‘Hij zei tegen me: “Ik lag dwars omdat ik van mijn moeder moest langskomen. Maar toen ik niet langer bij je kwam, verdween in mij ook alle vrede, licht en energie”,’ aldus Ohanian. Het wordt steeds duidelijker dat de geneeskunde zich in de toekomst moet richten op het stimuleren van ons eigen helend vermogen. Dat is tenslotte de beste verdedigingslinie die we bezitten. ‘We weten dat we een zeer krachtig wapen hebben tegen ziekte en lijden: onze eigen ingebouwde vermogen om te genezen,’ zegt Jonas. ‘Als we onszelf niet voortdurend repareerden en heel maakten, waren we er allang niet meer.’ De mensen die naar een betere gezondheid streven via alternatieve vormen van geneeskunst als homeopathie, willen zich gewoon wat beter voelen. Ze zitten niet te wachten op een ander model in de geneeskunde – ze dragen het zelf aan.
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.