Email   Print

Niets is ver weg

Alle religies preken barmhartigheid, maar volgens Pico Iyer is verantwoordelijkheid nemen nog belangrijker: de consequenties van je eigen daden duidelijk onder ogen zien.

Pico Iyer | 71 november 2004 issue

Telkens als ik boeddhistische leraren hoor praten over barmhartigheid en verantwoordelijkheid, het dubbele ideaal, denk ik dat het laatste het moeilijkste is. Als het goed is, zou barmhartigheid even natuurlijk moeten zijn als ademhalen. Zoals een moeder niet kan stoppen aan haar kind te denken. Zoals wij een bedelaar op straat spontaan iets willen geven, ook al weten we dat we hem hiermee niet echt helpen. Barmhartigheid, de fundamentele liefdadigheid, staat centraal in elke religie. Het is een eigenschap die we zelfs bij dieren zien, een deugd die iedereen kent en waarover je kan beschikken, nu en in het verleden, in je goede momenten. Hiermee vergeleken is verantwoordelijkheid een deugd die altijd op de laatste plaats schijnt te komen, eentje die we altijd voor ons uit proberen te schuiven. Als ik de leraren hoor praten over ‘universele verantwoordelijkheid’, denk ik dat zij verwijzen naar de verruiming van ons bewustzijn en ons ik (je ik als het ware laten opgaan in het universum, zodat je het hele universum bestrijkt). De knokpartij aan de andere kant van de buurt is in werkelijkheid helemaal niet ver weg. Integendeel. Zij vindt als het ware binnen onszelf plaats, in onze directe omgeving, even dichtbij als onze linkerhand. Alles wat in de wereld gebeurt, is dus onze zorg; wij zijn overal bij betrokken. En als we geloven dat Gods genade universeel is, dan zijn de problemen van onze buren ook ónze problemen. Dan beschouwen we de problemen van onze verre medemens zelfs als onze hoogste prioriteit. Weliswaar is dit voor de meeste mensen niet haalbaar, maar het zou onvergeeflijk zijn als we het niet zouden proberen. Ik vermoed echter dat wij, als we ernaar streven het grootse, nobele idee van verantwoordelijkheid voor de hele wereld te realiseren, iets over het hoofd zien: het veel moeilijkere concept van verantwoording nemen voor onszelf, en meer specifiek: voor al onze woorden en daden. Als ik denk aan de mensen met wie ik bevriend ben geraakt of op wie ik heb vertrouwd, vraag ik me soms af: ‘Hoe heb ik die man in vredesnaam kunnen uitkiezen als mijn leraar?’ Of: ‘Hoe heb ik ooit kunnen denken dat deze vrouw de ware voor mij was? Hoe kan ik me zo hebben vergist, en niet één keer, maar telkens weer? Waar dacht ik aan – of niet aan – toen ik mijn kantoorbaan verkoos boven lange wandelingen in de bergen?’ Het antwoord is, helaas, dat ik dat helemaal aan mijzelf te wijten heb. Niet de leraar deed het verkeerd, maar mijn perceptie van hem was verkeerd. Niet de vrouw was misleidend, maar de gedachten die ik op haar projecteerde, waren misleidend. Ik kan anderen niet de schuld geven van de talrijke vergissingen die ik dagelijks maak vanwege mijn verkeerde voorstelling van zaken. Toen Boeddha een groep mensen ontmoette die zaten te picknicken en klaagden dat een dievegge er zojuist met al hun waardevolle spullen vandoor was gegaan, stelde hij de simpele vraag: ‘Wat is belangrijker: op zoek gaan naar háár of naar jezelf?’ Dit is een indringende vraag. Voor mij is het veel moeilijker een dief of een oplichter te veranderen dan mijzelf, al is het op zich goed om dit te proberen. Het is ook een gewetensvraag, omdat – wanneer we terugdenken – het opvallend vaak onze eigen schuld is dat dingen fout zijn gegaan in ons leven. Ik ben degene die het vliegtuig mis, ik ben niet kritisch genoeg, ik ben zwak terwijl ik sterk moet zijn, ik bezwijk voor het praatje van een verkoper – omdat ik ben wie ik ben. De oplossing is iemand anders te worden. Het alternatief is te blijven denken dat de wereld vol zit met leugenaars, huichelaars en misdadigers (een duidelijk teken dat ik me voor mezelf verstop). Verantwoording nemen voor je eigen woorden, daden en meningen is moeilijk, juist door de eenvoud ervan en omdat je zoveel andere mensen de schuld kunt geven. Van de mensen in mijn tweede vaderland, Japan, wordt vaak gezegd dat ze eerder antwoorden zoeken dan schuldigen. Dat betekent in feite dat Japan een maatschappij is die sterk en diep gelooft in universele verantwoordelijkheid: dat de fout van de werknemer in werkelijkheid de fout is van de leidinggevende – wat de reden is dat, tot ons afgrijzen, veel directeuren in Japan zelfmoord plegen als het slecht gaat met hun bedrijf. In Japan is de hele organisatie verantwoordelijk voor iedere fout die wordt gemaakt; als de bank een fout maakt, staat de filiaalmanager de volgende dag op de stoep om zijn verontschuldigingen aan te bieden. Maar wat doen we als iets te wijten is aan tegenslag, en niet aan een fout? Hoe kunnen we verantwoordelijk zijn voor een vriend bij wie onverwacht kanker wordt vastgesteld? Of voor een broer die door een dronken automobilist wordt doodgereden? We zijn misschien verantwoordelijk voor de manier waarop we op tragische gebeurtenissen reageren en onze gedachten hierover, maar we zijn niet verantwoordelijk voor leed dat we niet kunnen voorkomen – leed dat verzekeringsmaatschappijen ‘een natuurramp’ of in letterlijke zin ‘een daad van God’ noemen. We kunnen een tragische gebeurtenis wel zien als een kans of een waarschuwing, zelfs als een onderdeel van een groter plan dat we in ons verdriet niet kunnen zien of bevatten. We kunnen accepteren dat je als slachtoffer niet automatisch onschuldig bent. We zijn niet verantwoordelijk voor de tragedie die ons treft, maar dat verlost ons evenmin van de verantwoordelijkheid voor al het andere in ons leven. De persoon die ter dood wordt veroordeeld, wordt niet ineens vrij van alle zonden. Hij verandert niet van het ene op het andere moment in een onbaatzuchtig mens die ontslagen is van zijn verantwoordelijkheden. En wij hebben er een nieuwe verantwoordelijkheid bij gekregen, voor hem en degenen om hem heen. Ik denk wel eens dat barmhartigheid – hoe moeilijk dit ook kan zijn – het allermakkelijkste is in het leven: we weten min of meer wat het betekent om edelmoedig te zijn, zelfs als we dit niet zijn. Maar verantwoordelijkheid doet een zwaar beroep op ons gemoed en we worden er constant mee geconfronteerd. De fouten die mijn regering maakt, kunnen uiteindelijk een weerslag zijn van het feit dat ik onze president heb gekozen of heb geweigerd om te stemmen. Onverwachte financiële verliezen op de beurs kunnen het gevolg zijn van het feit dat ik meer winst wilde maken. Hoe vaker we anderen de schuld geven, hoe vaker we teleurgesteld zullen worden of voor onaangename verassingen komen te staan. Op dit punt realiseer ik me dat het niet veel scheelt of ik sta op de preekstoel – en dat recht verdien ik niet – en ik denk: ‘Misschien is dit wel een van de moeilijkste dingen van barmhartigheid; om het op jezelf toe te passen.’



Tools: Bespreken | Email | Print | RSS | Nieuwsbrief
Save/Share:
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google
  • Facebook
  • YahooMyWeb
  • StumbleUpon
  • Blue Dot
  • Technorati
  • Reddit
Comments
Post a comment

You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.