|
|
Tussen schuld en vergeving
In principe is iedereen goed… maar daar gaat het niet om
Gedurende zijn pelgrimsreis naar Mekka begon een vrome man de aanwezigheid van God naast zich te voelen. Midden in een trance knielde hij, verborg zijn gezicht en bad: ‘Heer, ik wil slechts één ding in mijn leven vragen: dat op mij de zegen zal rusten U nooit te beledigen.’ ‘Die zegen kan ik niet geven’, antwoordde de Almachtige. Verbaasd wilde de man de reden van de weigering weten. ‘Als je me niet beledigt, zal ik geen reden hebben om je te vergeven’, hoorde hij de Heer zeggen. ‘Als ik je geen vergeving hoef te schenken, zul je gauw het belang van medelijden met anderen vergeten zijn. Ga daarom voort op je weg vol Liefde en laat mij zo nu en dan vergeving schenken opdat jij die deugd ook niet zult vergeten.’ Dit verhaal illustreert onze problemen met schuld en vergeving. Als kind hoorden we onze moeder altijd zeggen: ‘Mijn kind heeft zo dom gedaan omdat zijn vrienden hem hebben beïnvloed. Het is van nature een heel goed mens.’ Op die manier dragen we nooit de verantwoordelijkheid voor onze daden, vragen we geen vergeving – en vergeten we ten slotte dat we ook ruimhartig moeten zijn als de ander ons beledigt. Vergeving vragen heeft niets te maken met het gevoel van schuld of lafheid: wij maken allemaal fouten en het zijn juist deze misstappen waardoor wij ons kunnen verbeteren en vooruit gaan. Maar als we daarentegen te tolerant staan tegenover onze eigen houding – vooral als die kwetsend is voor anderen – dan eindigen we eenzaam, niet in staat onze weg te verbeteren. Hoe kun je de schuld afschudden, maar tegelijk het vermogen hebben vergeving te vragen voor een fout? Daar zijn geen formules voor. Maar er bestaat zoiets als gezond verstand: we behoren het resultaat van ons handelen te beoordelen en niet de bedoelingen die we hadden bij de uitvoering ervan. In principe is iedereen goed, maar daar gaat het niet om en daarmee helen de wonden niet die we kunnen veroorzaken. Een fraaie geschiedenis illustreert wat ik wil zeggen: Toen Cosroës klein was, had hij een leraar die de capaciteiten bezat om ervoor te zorgen dat hij zich onderscheidde in alle vakken die hij leerde. Op zekere middag werd hij – ogenschijnlijk zonder reden – streng gestraft door de leraar. Jaren later besteeg Cosroës de troon. Een van zijn eerste maatregelen was de leraar uit zijn jeugd bij hem te laten brengen en een verklaring te eisen voor de onrechtvaardigheid die hij had begaan. ‘Waarom heb je me gestraft zonder dat ik het verdiende?’ vroeg hij. ‘Toen ik zag hoe intelligent je was, begreep ik meteen dat je de troon van je vader zou erven’, antwoordde de vroegere leraar. ‘En ik besloot je te laten zien hoe een onrechtvaardigheid een mens voor de rest van zijn leven kan tekenen. Omdat je weet wat dat betekent, hoop ik dat je nooit iemand zonder reden zult straffen.’ Jezus heeft gezegd: ‘Het is aan de vruchten dat de boom gekend wordt.’ Een oud Arabisch spreekwoord luidt: ‘God beoordeelt de boom aan zijn vruchten en niet aan zijn wortels.’ En een oud volks spreekwoord zegt: ‘Wie slaat vergeet, maar wie slaag krijgt, vergeet nooit.’
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.