|
|
Als slechte kunst goede kunst is
Nu we een 'perfect' ontwerp kunnen maken met een enkele muisklik, neemt het verlangen naar 'niet-perfecte' ontwerpen in de geindustrialiseerde wereld toe. Componist-kunstenaar David Byrne over het belang van slechte kunst.
Een slecht ontwerp is een goed ontwerp. Andersom is een goed ontwerp slecht. Niet goed-slecht, gewoon slecht-slecht. Nu we een 'perfect' ontwerp kunnen maken met een enkele muisklik, neemt het verlangen naar 'niet-perfecte' ontwerpen in de geïndustrialiseerde wereld toe. Naarmate de computer ons bij alles wat we doen steeds meer de helpende hand biedt, begint het langzaam tot ons door te dringen wat we in onze geavanceerde wereld missen. We zien in dat een scheve lijn meer karakter heeft dan een kaarsrechte lijn en dat een opname met een beetje vervorming toch vaak te verkiezen valt boven een perfecte opname. Wacht maar tot de medische wereld de nieuwste technieken op het gebied van genetica en klonen heeft geperfectioneerd! Misschien komen we er dan wel achter dat het juist onze imperfecties zijn die ons menszijn bepalen.
Des te makkelijker het wordt om perfectie tot stand te brengen - of het nu een ontwerp, taalgebruik, ritme of een hellingshoek betreft - des te groter het verlangen wordt om hiervan af te stappen. Uit een soort omgekeerd snobisme gebruiken webdesigners en redacteuren van trendy tijdschriften de nieuwste software om het werk van anonieme ontwerpers en kunstenaars te imiteren. Met behulp van geavanceerde computers kopiëren zij het werk van diegenen die zelf geen computer kunnen veroorloven. Deze miskende kunstenaars vormen de bron van inspiratie voor programma's als Photoshop, Illustrator, QuarkXPress en Pro Tools, maar nog nooit in hun leven hebben zij zelf toegang gehad tot deze hulpmiddelen, of hebben ze hier zelfs maar van durven dromen.
Naarmate ware perfectie binnen ons bereik komt en het ernaar uit ziet, dat we de vruchten van de verlichting en van eeuwen van wetenschappelijke vooruitgang eerdaags kunnen plukken, nemen we een hapje uit onze perfect geteelde tomaat of aardbei en realiseren we ons dat er iets verloren is gegaan. Smaak, pit, humor, karakter.
De nostalgie naar ontwerpen die op straat ontstaan, is niets meer dan een zielige poging van wijsneuzen zoals ik, om de verloren ziel weer te doen herleven. Wij denken dat we door iets 'authentieks' te imiteren, zelf ook 'authentieker' worden. Maar de meesten van ons hebben, net als Faust, hun ziel al 'verkocht'. Wij kunnen nooit meer degene worden die schoenen of taco's tekent op kiosken, maar we hebben in ieder geval wel geleerd de ontwerper te waarderen. Want wij beschikken over dat eigenaardige, maar typisch eenentwintigste-eeuwse gevoel: van iets houden en er tegelijkertijd om lachen.
In de negentiende eeuw, toen de techniek van het fotograferen steeds meer werd toegepast, stopten veel kunstenaars massaal met het schilderen van 'realistische' portretten en landschappen. Waarom ook zou je de strijd aangaan met een apparaat dat hetzelfde veel sneller, gemakkelijker en goedkoper kan doen? In zeer korte tijd moesten ze afleren wat ze tijdens hun tekenlessen hadden geleerd. Hun manier van werken moesten ze totaal veranderen. Ze moesten weer als een kind leren tekenen, als een 'primitieveling'. Zij wilden de ziel vastleggen, het gevoel, de sensatie die de camera niet kon vastleggen. Zij maakten virtuele Afrikaanse kunst, virtuele primitieve kunst, in wezen hoogstaande kunst die eruit zag alsof het was gemaakt door mensen die niet wisten wat ze aan het doen waren. Na verloop van tijd werd het zo makkelijk om 'goede' ontwerpen te maken, dat je software het bijna alleen kon doen.
Maar voor 'slechte' ontwerpen was karakter nodig - althans, een virtueel karakter. Kunstenaars en ontwerpers begonnen voorbeelden van deze 'authentieke' ontwerpen te verzamelen om inspiratie op te doen. Een soort kleine tempels voor degenen die minder geschoold waren dan zij. De muren van hun studio's hingen vaak vol met foto's en krantenknipsels met tekens en bekladde muren. Hun eigen werk was goed, maar dit was het 'echte' werk. Ongeschoold, onbedorven … en overwegend onbetaald.
Natuurlijk zijn de onhandige lay-out en de slordige uitvoering op de meeste plaatjes best grappig, maar iedereen weet dat ook een taco op straat beter smaakt dan eentje van Taco Bell. En daar gaat het nu net om. Taco's die je op straat koopt zijn ook écht beter. Ze 'voelen' beter en ruiken beter. Natuurlijk zijn ze minder perfect, minder hygiënisch (dat staat vast), minder geavanceerd bereid en ze worden niet ondersteund door flitsende reclamecampagnes. Maar de quesadilla con flores die je op straat kunt bestellen (gedurende het seizoen), met een koud biertje erbij is een ervaring die nooit door welke keten dan ook geëvenaard kan worden.
Perfectie, zo moeten we concluderen, is eigenlijk helemaal niet zo perfect. Het is bijna het tegenovergestelde. Perfectie is slecht. Maar slecht is goed. Hoewel, slechte perfectie is niet goed, alleen goed slecht is goed. Het is eigenlijk erg simpel.
Als deze werken authentiek, echt, waarachtig en menselijk zijn, wat zijn dan de werken die gemaakt zijn met behulp van geavanceerde software? Die mooie ontwerpen met al die prachtige plaatjes? Zijn die dan niet authentiek, omdat ze zo mooi gemaakt zijn? Kan perfectie niet tegelijk echt zijn? Vertegenwoordigt onze steriele, geglobaliseerde wereld niet een ander soort echtheid? Wordt niet iets wat onecht is, vanzelf echt als iedereen er maar in gelooft? En is het niet diezelfde echtheid die veel kunstenaars en tekenaars zonder enige opleiding ambiëren? Is het niet zo, dat zij niets liever willen dan bedorven worden?
Het kan natuurlijk allemaal een kwestie van semantiek zijn, maar als we aannemen dat 'echtheid' betekent dat we een basis hebben in het leven en het leven nemen zoals het op ons afkomt, dan zijn de producten van de globalisering feitelijk onecht. Het zijn geschoonde versies van die wild bekladde kiosken. Imitaties van dingen die wel echt zijn - en die de voortschrijdende globalisering juist wil uitroeien. Globalisering zou de originele producten wel willen wegwassen, zodat alleen de imitaties overblijven. Een soort omhulsel van de echte wereld.
De nieuwe houding ten opzichte van waardeloze artefacten vertegenwoordigt het besef dat zij getuigen van het verzet van het echte tegenover het onechte. Als het onechte op verschillende plekken op de wereld erin slaagt het echte geheel uit te roeien, zoals dit is gebeurd in grote delen van de geïndustrialiseerde wereld, dan blijft er van het echte op den duur alleen een herinnering over, een aandoenlijk verhaal, een plaatje in een boek van iets dat niet meer bestaat. Op veel plaatsen is het echte onecht, omdat het er niet meer is.
Des te sneller en grootser het proces van globalisering, waarin neoliberalisme en multinationals zich over de wereld verspreiden, des te groter de nostalgie wordt naar datgene waarvoor zij in de plaats komen. Wij moeten de anonieme kunstenaars wel herdenken, want hun werk loopt kans te verdwijnen. Het is mooi werk, en het herinnert ons eraan dat achter het kunstmatige oppervlak en de logo's nog steeds echte mensen schuilgaan.
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.