|
|
Laat niet als dank...
Wordt de strijd tegen verpakkingen gewonnen door de natuur?
Voor het aangenaam verpozen op deze aarde laten we - stank voor dank - een immense hoeveelheid schillen en dozen achter. En blik. En plastic. En glas. En folie. En styrofoam. En pvc. En pet-flessen. Verpakkingen vormen, afhankelijk van of je het gewicht of het volume rekent, een derde tot de helft van onze afvalbergen. Whole Earth Review wijdt in haar wintereditie 2002 een ontnuchterend dossier aan de problematiek van verpakkingen.
De verontrustende opening: verpakken zit vermoedelijk in onze genen. Uit een peiling van CNN in 2001 bleek dat tachtig procent van de huisdierbezitters een kerstcadeau kocht voor zijn huisdier en dat 67 procent dat cadeau ook nog had ingepakt!
Ooit uitgevonden om voedsel of goederen te kunnen vervoeren of bewaren, vervullen verpakkingen inmiddels veel meer functies. Ze zijn de skin of commerce. Verpakkingen stimuleren de verkoop, vereenvoudigen de transactie, ze bevatten informatie, magnetronklare verpakkingen besparen tijd, verpakkingen die hun inhoud kunnen opwarmen dan wel afkoelen zijn in aantocht, evenals slimme verpakking die communiceren met je ijskast om te zeggen dat ze bijna over hun houdbaarheidsdatum heen zijn of nodig moeten worden aangevuld.
Deze verpakkingsbonanza levert niet alleen bergen afval op, maar heeft nog een belangrijk ander gevolg, stelt Whole Earth Review vast. 'De burger had vroeger een relatie met de producten van zijn regio, tegenwoordig is hij een "wereldvreemde" consument. De band tussen consument en producent is praktisch verdwenen en vervangen door interactie via verpakkingen. Daardoor hebben we helemaal geen notie meer hoe de waren die we kopen worden geproduceerd, door wie, wat het effect is van de productieprocessen op het milieu, hoever er mee is gesleept. Dit is de economie van de one-night stand.'
Groenteabonnementen brengen het tegenwicht een klein beetje terug. Ze herstellen de band tussen producent en consument én er komt behalve een papieren tas geen verpakking bij kijken. Toch zullen de tijden dat we met een melkemmertje naar de melkkar wandelen niet snel terugkeren. Er wordt dan ook op veel fronten gezocht naar mogelijkheden om de stroom verpakkingafval in te dammen.
Zo heeft Duitsland in 1991 een verpakkingsordinantie uitgevaardigd, waarbij producenten financieel verantwoordelijk worden gehouden verpakkingen terug te nemen, te recyclen of anderszins weg te werken. Het achterliggende idee was producenten te dwingen hun productieproces zo te veranderen dat er überhaupt minder verpakkingsmateriaal aan te pas zou komen. De wet had ogenblikkelijk effect. Tussen 1991 en 1995 daalde de totale hoeveelheid verpakkingsmateriaal met zeven procent. Het vergde wel wat inspanning van de consument, die recyclebare verpakkingen - herkenbaar aan het grüne punkt teken - moesten scheiden van de overige verpakkingen, en natuurlijk nog hun papier, blik, glas, en plastic apart moesten afvoeren. Maar na het initiële succes nam de hoeveelheid verpakkingen na 1995 toch weer toe, volgens een vervelende wetmatigheid die vaker optreedt op het gebied van afval en recycling: de oplossing verergert het probleem.
Neem de pet-fles. Is recyclebaar, licht van gewicht, universeel in te leveren, universeel gebruikt. Er is dus geen enkele drempel meer, in ieder geval vanuit overwegingen van recycling geen pet-flessen te gebruiken. 'Ironisch genoeg houdt recycling de huidige niveaus van consumptie in stand, of stuwt ze zelfs op', concludeert Whole Earth wrang.
Het is onmogelijk om het probleem van verpakkingsafval effectief aan te pakken zonder naar de hele productie- en consumptieketen te kijken. 'Misschien is de pet-fles wel het meest geschikte verpakkingsmateriaal om Frans bronwater naar Californië te verslepen. Maar hoe normaal is het eigenlijk om bronwater over dergelijke afstanden te verplaatsen? En is het niet vreemd om een "groene" verpakking voor een hamburger te ontwikkelen - voor vet, zout, calorierijke junkfood?'vraagt het blad.
Verandering zal van verschillende kanten moeten komen. Bijvoorbeeld e-commerce. De verleiding en de informatie die we nu op verpakkingen vinden, komt dan digitaal. Het product zelf kan in een minimalistische verpakking worden opgestuurd. Helaas is het aantal producenten dat in zijn verpakking onderscheid maakt tussen e-commerce en winkelwaren nog zeer klein. In de meeste gevallen wordt e-commerce zelfs nog eens extra verpakt voor verzending, dus de verwachting dat e-commerce excessieve verpakkingen overbodig zal maken, is misschien net zo realistisch als de verwachting destijds dat de computer de papierloze maatschappij dichterbij zou brengen.
Verandering in distributie zou kunnen schelen. Zo is het bijvoorbeeld in Duitsland mogelijk om een zeeppoedderabonnement te nemen. Eens per maand wordt je voorraad bijgevuld, hup uit de container je zeepdoos in. Producent wordt voorraadbeheerder, zeg maar.
En consumentengedrag scheelt natuurlijk. Whole Earth Review brengt een paar oude bekenden in herinnering: koop minder, koop regionaal, koop in grote verpakking en neem een mok mee naar kantoor, dat scheelt wegwerpkoffiebeker.
Spannender is het nieuws op het technologisch front. En dan kijkt het blad niet naar de nieuwe composiet materialen die de industrie voor ons in petto heeft en die nog lastiger te recyclen zijn omdat ze zowel plastic als titanium als papier bevatten. Whole Earth Review wedt op het paard van de bio-mimicry, het nabootsen van de natuur: 'Schubben, eierschalen, buidels en zaaddozen doen hetzelfde als commerciële verpakkingen: losse onderdelen bijeenhouden, de inhoud beschermen tegen de buitenwereld en signalen afgeven aan die buitenwereld. Gegeven de overeenkomsten kunnen we nog wat leren van tactieken van de natuur.' Bijvoorbeeld vloeistof. De bek van een pelikaan kan tien liter water bevatten en weer terug veren. Zou een fles die je na gebruik kon opvouwen, wegsteken en opnieuw oprekken als je hem weer vult niet geweldig zijn? Een komkommer is ook een mooie inspiratiebron. Bijna honderd procent water, allemaal verstopt in zijn cellen, kan dus nooit lek. Mooi voor het verpakken van gevaarlijke vloeistoffen. Zelfreparatie is ook zo'n benijdenswaardige eigenschap van organische materialen. Stel je voor dat folie zichzelf weer kon repareren als het was gescheurd. Of nog beter, folie dat zijn poriën opent en sluit, afhankelijk van de luchtvochtigheid binnen en buiten zoals een huid dat kan, zou een uitkomst zijn voor het verpakken van verswaren. De praktische toepassingen zijn echter nog niet in zicht en aan gedragsverandering zal ook de bio-mimicry niet veel bijdragen. Maar een bio-komkommer meenemen in plaats van een pet-fles met mineraalwater is natuurlijk een goed idee. Geen schillen en geen dozen. Alleen een heel klein, groen kontje.
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.