|
|
Vergeten gevangene
Albert Woodfox zit In een gevangenis in Angola. Onschuldig, evenals twee medegevangenen die valselijk waren beschuldigd van moord. Anita Roddick, oprichtster van The Body Shop, reisde naar Angola en brengt verslag uit.
Terwijl we op de weg van New Orleans naar Baton Rouge langs de reclameborden en vissershutten van Louisiana suisden, maakte het moerassige deltalandschap een vertrouwde indruk: twaalf jaar geleden reed ik dezelfde route met de Deense zwerver Jacob Holdt, op weg naar de gevangenis van Angola. We hadden de sloppenwijken achter de gevangenismuren bezocht, waar familieleden van gevangenen zich hadden gevestigd om dichter bij hun gevangen verwanten te zijn. Maar vandaag zou ik me voor de eerste keer binnen de muren van de staatsgevangenis van Louisiana te Angola wagen om Albert Woodfox te bezoeken, een man die al dertig jaar als een dier in eenzame opsluiting wordt gehouden in een van de naargeestigste gevangenissen van Amerika.
Ik was geïnformeerd over de 'drie gevangenen van Angola' - van wie Woodfox er één is, naast Robert King Wilkerson en Herman Wallace - door een opmerkelijke jonge Amerikaanse advocaat, Scott Fleming geheten. Van het verhaal dat Fleming me vertelde, liepen de rillingen me over de rug. Naar mijn mening zijn Albert Woodfox en zijn vriend Herman Wallace, vals beschuldigd van de moord op een blanke bewaker, politieke gevangenen en in alle opzichten slachtoffers van een regering die zich bedreigd voelt door hun intelligentie en hun activisme, net als alle andere mensen die worden ondersteund door de campagnes van Amnesty International.
Toen de drie gevangenen van Angola het aan het begin van de jaren zeventig waagden op te komen voor fundamentele mensenrechten in de gevangenis, werd Angola tot de 'schandelijkste gevangenis van Amerika' verklaard. De rassen waren er gescheiden en gevangenen die als bewakers mochten optreden, kregen toestemming om met geweren rond te lopen. Verkrachting en moord tussen de gevangenen onderling kwamen bijna dagelijks voor.
Ik wilde hoe dan ook het verhaal uit de mond van de drie gevangenen van Angola zelf horen, dus ging ik opnieuw op weg naar Louisiana om dat te doen.
Het gevangenisterrein heeft iets onberispelijks, maar dat werkt je op de zenuwen. Het complex van bijgebouwen, betonnen cellenblokken en grote slaapzalen wordt omringd door meer dan zevenduizend hectare welig akkerland en perfect onderhouden gazons. Zelfs de kilometerslange rollen prikkeldraad glommen alsof ze elke dag met de hand werden gepoetst. Zonder het voortdurende gerinkel van sleutels zou een bezoeker haast vergeten dat dit een gevangenis is. Helaas is dit alles misleidend en verhult het een naargeestige werkelijkheid.
Toen Albert ging zitten, zag ik het meteen: deze man is een politiek dier. In de vijf uur die we samen waren, werd ik overweldigd door zijn diepgaande en omvangrijke kennis van de wereld. Hij sprak over aids in Afrika, de Palestijnen, de globalisering van het bedrijfsleven. Hij gaf aanhoudend blijk van een verbazende ontvankelijkheid voor verhalen van mensen die in de marge van de maatschappij terechtgekomen zijn door oorlog of onrecht. Zijn vermogen tot medeleven was adembenemend.
Albert beschreef me hoe zijn cel eruitzag: een ruimte van nog geen drie vierkante meter, een aan de muur vastgeschroefd bed van staal met een dunne matras erop. Tegen de andere muur is een klein tafeltje geschroefd en de derde muur wordt in beslag genomen door een toilet en een gootsteen. Hij mag niets ophangen, dus liggen zijn boeken langs de hele omtrek van zijn cel op de grond. Onder zijn bed staan twee stalen dozen waarin hij al zijn aardse bezittingen bewaart. Hij zit daar drieëntwintig uur per dag opgesloten. Drie dagen per week mag hij een uur doorbrengen op de 'binnenplaats', niet veel meer dan een kleine kooi buiten, waarin hij in zijn eentje lichaamsoefeningen kan doen. De andere vier dagen van de week kan hij zijn 'vrije' uur gebruiken voor een douche of een wandeling langs het blok piepkleine, benauwende cellen.
Het moet daar onvoorstelbaar heet zijn. Op de dag waarop ik Albert bezocht, was het 37 graden en vochtig. Het cellenblok heeft één ventilator voor elke vijf cellen en geen airconditioning. Maar Albert klaagde niet.
Ik vroeg hem hoe hij het klaarspeelde niet gek te worden. 'Af en toe word je wel een beetje gek,' zei hij, 'vooral als je weet dat je onschuldig bent. Natuurlijk heb ik aanvallen van depressie en wanhoop. Je moet leven met de last van een veroordeling voor iets wat je niet hebt gedaan. Het is net of je voortdurend jeuk hebt en je niet kunt krabben.'
Ik vroeg Albert wat hij zou doen als hij werd vrijgelaten. Zijn antwoord verbaasde me: hij zei dat hij alleen wilde zijn. Was hij dan niet al die jaren al hopeloos alleen geweest? Maar in feite is zijn cel voor eenzame opsluiting er één van een cellenblok van tientallen andere cellen die er precies zo uitzien. Hij kan horen hoe zijn medegevangenen op die etage naar elkaar schreeuwen en tot voor kort stond er constant een televisie te blèren, van zes uur 's ochtends tot middernacht op weekdagen en vierentwintig uur lang in het weekend. Hij snakt naar rust en naar de gewone gesprekken met de mensen die hem lief zijn, ver weg van het geschreeuw en de vulgaire wanklanken van de gevangenis.
Ik weet welke vraag me zal worden gesteld als mensen horen dat ik me inzet voor de drie gevangenen van Angola: waarom zou ik een vlucht van bijna twintigduizend kilometer naar de andere kant van de wereld maken om een afgelegen gevangenis te bezoeken? En ik denk aan een uitspraak van Gandhi die ik jaren geleden heb gelezen: 'Als je twijfelt of niet meer weet wat je moet doen, toets jezelf dan als volgt. Denk aan het gezicht van de armste en zwakste man die je ooit hebt gezien en vraag je af of de stap die je wilt zetten voor hem van enig nut zal zijn.'
Albert Woolfox is in geen enkel opzicht zwak. Maar net als zijn landgenoten Herman Wallace en Robert Wilkerson is hij mijn inzet waard, evenals de inzet van alle mensen die geloven dat je onrecht, waar je het ook aantreft, moet bestrijden.
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.