Email   Print

Bloed voor olie

Oorlog met Irak stond al op de agenda van George W. Bush toen hij nog geen president van de Verenigde Staten was. Een aanval op Irak komt voort uit een dreigend Amerikaans energietekort.

Jurriaan Kamp | 52 december 2002/januari 2003 issue

Oorlog met Irak stond al op de agenda van George W. Bush toen hij nog geen president van de Verenigde Staten was. En de argumenten voor die oorlog hebben weinig te maken met het verderfelijke karakter van het regime van Saddam Hoessein of met de aanwezigheid van biologische of nucleaire wapens in Irak. Bush heeft Irak nodig als olieleverancier voor de energieslurpende Amerikaanse economie.
Dat blijkt onder meer uit een rapport van de neo-conservatieve denktank Project for the New American Century – met vooraanstaande leden als Dick Cheney (thans vice-president), Donald Rumsfeld (thans minister van defensie) en Jeb Bush (broer van George en gouverneur van Florida) – dat in 2000 twee maanden voor de verkiezing van Bush werd gepubliceerd. In Rebuilding America’s Defences staat dat een toekomstige regering-Bush militaire controle over de Perzische Golf moet verwerven. ‘De Verenigde Staten hebben al decennia getracht een meer permanente rol te spelen in de regio rondom de Golf. Het huidige conflict met Irak verschaft een onmiddellijke rechtvaardiging, maar de noodzaak van een substantiële Amerikaanse aanwezigheid in de Golf gaat voorbij de kwestie van het regime van Saddam Hoessein.’ Ofwel: het kwaadaardige regime van Hoessein dient voor de Amerikanen vooral als voorwendsel voor een fundamentele supermacht strategie.
Olie is het centrale woord in die strategie. In mei 2001 publiceerde de nieuwe regering het National Energy Policy Report. Daarin staat dat de Verenigde Staten in 2000 voor de helft van hun energiebehoefte afhankelijk waren van geïmporteerde olie en dat die afhankelijkheid zal toenemen tot tweederde in 2020. Ook dat rapport roept op hoge prioriteit toe te kennen aan toegang voor de VS tot de oliebronnen van de Golflanden. Zo’n 65 procent van de bewezen oliereserves ligt daar.
De VS steunen sterk op de loyaliteit van Saudi-Arabië, de grootste olieproducent ter wereld. Maar, zoals The Nation (7 oktober 2002) bericht, bestaan er zorgen over de stabiliteit van het autocratische Saudi-regime op de lange termijn. Recentelijk was er sprake van betrokkenheid van Saudi-extremisten bij de aanslagen van 11 september. Als de olieproductie van Saudi-Arabië wegvalt, heeft de Westerse wereld een groot probleem. En de VS voorop: de Amerikanen verbruiken een kwart van de wereldwijde olieproductie. Zij consumeren per hoofd van de bevolking meer dan drie keer zoveel olie als bijvoorbeeld Duitsland. Die consumptie maakt de VS kwetsbaar.
Wat is het alternatief voor Saudi-Arabië? Sommigen vestigen hun hoop op de landen rondom de Kaspische Zee, zoals Azerbeidjan en Kazakhstan. Business Week ( 27 mei 2002) meldt dat de Amerikanen hun aanwezigheid in de landen van de zuidflank van de voormalige Sovjet-Unie drastisch aan het uitbreiden zijn. ‘Een jaar geleden was er nog geen enkele Amerikaanse soldaat in de regio. Nu zijn er al zo’n 4000 militairen bases aan het bouwen.Vijf jaar geleden bedroegen de Amerikaanse investeringen in het gebied nog luttele sommen, thans investeren de VS jaarlijks 20 miljard dollar in de regio’, aldus Business Week.
Maar niemand weet hoeveel olie er opgeslagen ligt rondom de Kaspische Zee. De schattingen variëren van 200 miljard vaten – in de orde van grootte van Saoedi-Arabië – tot 100 miljard vaten – vergelijkbaar met de reserves in de Noordzee. Maar de bewezen Kaspische reserves bedragen niet meer dan circa 15 miljard vaten. Er is maar één land dat met aangetoonde reserves de olieproductie met onmiddellijke ingang substantieel kan verhogen: Irak. Irak is de tweede grootste olieproducent met bewezen reserves van 112 miljard vaten. Vandaar dat het belang van Irak voor de VS als grootste olieconsument verder reikt dan de staat van dienst van het regime van Saddam Hoessein.
Een dreigend olietekort is een bron van oorlogen, voorspelt ook Kenneth Deffeyes in zijn boek Hubbert’s Peak (Princeton University Press, 2001). Deffeyes werd opgeleid door de voormalige Shell-geoloog M. King Hubbert die in de jaren vijftig van de vorige eeuw – in strijd met de heersende opinie destijds – voorspelde dat de Amerikaanse olieproductie in 1972 zijn top zou bereiken en daarna zou dalen. Hubbert had gelijk: de Amerikaanse productie piekte in 1970 en daalt sindsdien. Op basis van de methode van zijn leermeester analyseert Deffeyes nu dat de wereldwijde olieproductie volgend jaar zijn piek zal bereiken. Hij schrijft: ‘Dit staat vast: geen enkel thans bekend initiatief kan een substantieel effect hebben op het jaar van de piekproductie. Exploratie in de Kaspische Zee, boren in de Zuid-Chinese Zee en lopende duurzame energieprojecten zullen een “oorlog” om olie niet kunnen voorkomen. Laten we hopen dat dat een handelsoorlog zal zijn en geen oorlog met kernwapens.’ World Technology Intelligence (mei/juni 2002) onderstreept deze waarschuwing met een verwijzing naar schattingen van de stijging van de olieconsumptie. Terwijl de olieproductie dus waarschijnlijk gaat dalen, is de verwachting dat het wereldwijde energieverbruik de komende twintig jaar met meer dan 60 procent zal stijgen.
Olie was de reden voor de Golfoorlog in 1991. Olie is de uiteindelijke reden voor een eventuele aanval op Irak. Zelfs Afghanistan speelt een rol in dit spel. Le Monde berichtte onlangs dat de nieuwe, na de Amerikaanse invasie geïnstalleerde, president van dat land een voormalige adviseur is van het Amerikaanse olieconcern Unocal. Een andere adviseur van Unocal is de huidige Amerikaanse ambassadeur in Afghanistan.
The Nation voorspelt de grootste ‘olieroof’ uit de geschiedenis. Irakese dissidenten die door de VS zijn verkozen om een nieuw regime in Irak te leiden, hebben al laten weten dat zij alle bestaande olieleveringscontracten aan landen die niet zullen meewerken aan het omverwerpen van Saddam Hoessein zullen vernietigen. Het is ook duidelijk wie het meest zullen profiteren van de nieuwe post-Hoessein-contracten. ‘Het gaat om honderden miljarden dollars voor Amerikaanse olieconcerns – waarvan velen nauwe betrekkingen onderhouden met vooraanstaande leden van de regering-Bush – die een dreigend energietekort voor de VS moeten afwenden’, aldus het tijdschrift.



Tools: Bespreken | Email | Print | RSS | Nieuwsbrief
Save/Share:
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google
  • Facebook
  • YahooMyWeb
  • StumbleUpon
  • Blue Dot
  • Technorati
  • Reddit
Comments
Post a comment

You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.