Email   Print
Share  

Groene guerrilla verovert stad

Gewapend met zaadjes en een schop planten guerrilla gardeners de kiemen vooreen radicale herinrichting van de openbare ruimte.

Marco Visscher | 47 juni 2002 issue

Wildtuinieren heeft een nieuwe dimensie gekregen. Uit protest tegen de verschraling van de natuurlijke omgeving in de stad trekken steeds meer mensen erop uit om zélf groen aan te leggen. Gewapend met zaadjes, aarde, een schop, een plantengieter en creativiteit planten deze ‘guerrilla gardeners’ de kiemen voor een radicale herinrichting van de openbare ruimte.
Zo werkt het: ga de straten op en zoek een plek waar al het groen heeft moeten wijken voor parkeerplaatsen of winkelcentra. Zulke plekken zijn er genoeg. Immers, in de gemiddelde stad zijn meer parkeergarages dan parken. Meer billboards en uithangborden dan bomen. Meer wasstraten voor auto’s dan bankjes om op te zitten en mensen te ontmoeten. Zo’n omgeving kan wel wat natuur gebruiken, vinden de wildtuiniers. Vooral zonnebloemen zijn erg populair: ze fleuren de boel op, hebben niet zo veel water nodig en kunnen ertegen als ze een poosje worden verwaarloosd en zijn bovendien het symbool van verzet. Columniste Bonnie van You Grow Girl (5 maart 2002) probeerde het eens uit en raadt het iedereen aan. Klimop tegen een verlaten gebouw, rozemarijn op de hoek van een steegje of naast een bushalte. ‘Happy street gardening!’

Ethical Consumer (februari/maart 2002) wijst op het bestaan van Primal Seeds, een netwerk dat zich inzet voor behoud van biodiversiteit en de promotie van lokale voedselvoorziening. Onder ‘guerrilla gardening’ verstaan zij: ‘Een stadsavontuur op het grensvlak van natuur en cultuur, het terugeisen van onze tijd en ruimte, de transformatie van de stadswoestijn in een leverancier van voedsel en een ruimte waar mensen elkaar ontmoeten om deel te nemen aan de wederopbouw van hun eigen steden.’

Primal Seeds wil dat we ons eten weer zélf gaan maken. Dat zou een essentiële stap zijn om los te komen van de rol als de passieve consument die ieder contact met de natuur is kwijtgeraakt. ‘Verbeter de wereld, begin bij je tuin’: dat credo volstaat niet langer. Wie wérkelijk iets wil veranderen, heeft meer grond nodig. En kijk om je heen, er is genoeg: gemeenschappelijk achtertuinen, langs spoorlijnen, braakliggende fabrieksterreinen, op daken van flatgebouwen, zelfs golfbanen. Ze zijn ideaal om iets te laten groeien: alfalfa, erwten, knoflook, linzen,bonen. Licht desnoods een paar stoeptegels.

De groene guerrilla zou het einde moeten inluiden van het consumentisme. De nieuwe activisten willen dat het kloppend hart van het stadscentrum niet langer wordt gevoed door snackbars en winkelketens. In die zin zijn de wildtuiniers niets minder dan neefjes van de antiglobalisten. De geestverwantschap is het duidelijkst zichtbaar bij Reclaim The Streets, de snelst groeiende sociale en politieke beweging in Groot-Brittannië. Dit activistennetwerk is ontstaan vanuit de gedachte dat de openbare ruimte is vercommercialiseerd en moet worden teruggeëist. Spontane straatfeesten zijn al jarenlang een handelsmerk. Bezoekers steken daar de groene guerrilla in een antikapitalistisch jasje: in oude olietonnen, waspoederdozen of Nike’s sportschoenen bloeit letterlijk het verzet tegen het grootkapitaal.

Wie zich onprettig voelt bij de gedachte met tuingerei de stad in te trekken, kan ook gewoon zaadjes van wilde bloemen rondstrooien en er het beste van hopen. Dit werkt het beste in gebieden met weinig verkeer en veel zon. Het vroege voorjaar is het beste moment om te planten, maar er zijn genoeg zaadjes die het in de zomer prima doen. Tulpen en narcissen gedijen het beste in de herfst. Lees de instructies op het pakketje zaden. Om ze beter voor te bereiden op de stress van het stadsleven: laat ze thuis ontkiemen en plant ze pas na vier tot acht weken ergens buiten. Wees aardig tegen ze als je ze achterlaat in de drukke stad. Om ze de eerste dagen te beschermen tegen dieren en zware natuurelementen, kun je de boven- en onderkant van melkpakken afknippen en over je kiemplantjes plaatsen.

Maar hoe kan deze tactiek werkelijk tot verandering leiden? Hoe kan een oude parkeerplek waar radijsjes worden verbouwd de economische mondialisering op haar knieën krijgen? Die vraag stelde BBC News aan Peter Waddington, hoogleraar politieke sociologie en expert in protestbewegingen. Twee redenen: ‘Het is ten eerste een duidelijk zichtbare uitdaging van de autoriteiten en de gevestigde orde. En daarbij is het een erg slimme manier van protesteren, omdat het allerlei soorten mensen zal aanspreken.’

Oftewel: vind maar eens een politieagent die je aanhoudt omdat je een plantje zaait. Want legaal is het natuurlijk niet, dat maatschappelijk wildtuinieren. ‘Graffiti met de natuur’, noemt This Magazine (maart/april 2001) het dan ook. De truc is om niet te worden gesnapt. Laatste tip: neem één of twee vrienden mee (voor de uitkijk en het plezier) en wees voorbereid om met passanten te praten. Ze zullen vragen wat je aan het doen bent en waarom. Dat is het ideale moment om aanhang te winnen. Zeker als je met zorg een geschikte plek hebt uitgezocht, hoef je alleen maar om je heen te kijken en te zeggen: ‘Moet het er écht zo uit zien?’



Tools: Bespreken | Email | Print | RSS | Nieuwsbrief
Save/Share:
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google
  • Facebook
  • YahooMyWeb
  • StumbleUpon
  • Blue Dot
  • Technorati
  • Reddit

Van onze adverteerders:

   
Abonnement
Geef Ode cadeau
Nieuwsbrief