|
|
Bouwstenen van het leven
De oogst van boeren in ontwikkelingslanden wordt gestolen door moderne biopiraten: de multinationals. Vandana Shiva neemt het op voor Indiase boeren.
Eeuwen lang hebben de boeren in de Derde Wereld gewassen geteeld en ons een rijk scala aan planten geleverd dat in onze voeding voorziet. Boeren in India hebben tweehonderdduizend soorten rijst gekweekt. Ze hebben rijstvarianten als Basmati ontwikkeld. Ze hebben rode rijst, bruine en zwarte doen groeien. Ze kweekten rijst die tot zes meter kan opschieten in het hoge water van de Ganges, en zoutbestendige rijst die kan gedijen in kustwateren.
Voor een boer is het zaad niet louter de bron voor toekomstig gewas en voedsel, het vormt het archief van zijn cultuur en geschiedenis. Een vrije uitwisseling van zaden tussen boeren onderling is altijd de basis geweest van een blijvende biodiversiteit naast een betrouwbare voedselvoorziening. Daarmee worden ideeën en kennis overgebracht, cultuur en ervaring uitgewisseld. Het staat voor een opbouw van traditie en van inzicht in de juiste toepassing van dat zaad. Boeren leren hoe zij hun gewassen in de toekomst gaan kweken door te zien hoe ze op de akkers van andere boeren groeien.
Padie, of rijst, heeft in de meeste streken van India een religieuze betekenis, en vormt een onmisbaar onderdeel van vele godsdienstige feesten. Het Akti Festival in Chattisgarh, waar allerlei soorten indica-rijst worden gekweekt, legt de nadruk op de vele voorwaarden voor een blijvende biodiversiteit. In het zuiden van India dicht men rijstkorrels een voorspellende werking toe. Ze worden vermengd met kumkum en geelwortel, en als een geschenk vol zegen weggegeven. Aan nieuwe zaden wordt eerst alle eer bewezen, dan pas mogen ze worden geplant. Festivals die worden gehouden voor het zaaien begint, en oogstfeesten die op de velden worden georganiseerd, zijn het zinnebeeld van de verbintenis tussen mens en natuur.
Voor de boer is de akker zijn moeder. De verering van zijn velden is een uiting van dankbaarheid jegens de Aarde, die als een moeder de miljoenen levensvormen voedt die haar kinderen zijn.
De nieuwe regelgeving omtrent intellectueel eigendomsrecht, die wereldwijd wordt voorgeschreven op basis van het akkoord inzake intellectuele eigendomsrechten van de Wereldhandelsorganisatie (WTO), stelt grote bedrijven in staat om de opgebouwde kennis over zaden te misbruiken en er een monopolie over uit te oefenen door deze te claimen als hun persoonlijk eigendom. In de loop der tijd mondt dit uit in bedrijfsmonopolies op de zaden zelf. Bedrijven als RiceTec in de Verenigde Staten claimen een patent op Basmati-rijst. Op de sojaboon, die is veredeld in Oost-Azië, rust een patent van Calgene, dat nu eigendom is van de firma Monsanto. Calgene bezit ook patenten op mosterd, een gewas van Indiase oorsprong. Vondsten die boeren en landarbeiders gedurende eeuwen gezamenlijk hebben gedaan, worden gekaapt door bedrijven die een intellectueel eigendomsrecht claimen op bepaalde planten.
Tegenwoordig hebben tien bedrijven de controle over eenderde van de commerciële zadenmarkt, die een waarde vertegenwoordigt van 23 miljard dollar, en beheersen ze de markt voor genetisch gemanipuleerde oftewel transgene zaden voor de volle honderd procent. Deze firma's hebben ook een stevige greep op de wereldmarkt voor landbouwchemicaliën en bestrijdingsmiddelen. Slechts vijf bedrijven hebben de wereldhandel in graan in handen. Eind 1998 kocht Cargill, de grootste van deze vijf bedrijven, Continental, het op één na grootste, waarmee het een allesbepalende factor in de graanhandel werd.
Deze monopolistische greep op de landbouwproductie resulteert - gekoppeld aan structurele politieke maatregelen die de export bevorderen - in een massale uitvoer van voedingsmiddelen vanuit Amerika en Europa naar de Derde Wereld. De Noordamerikaanse Vrijhandelsovereenkomst (Nafta) had tot gevolg, dat het percentage geïmporteerde voedingsmiddelen in Mexico is gestegen van 20 procent in 1992 tot 43 procent in 1996. Toen Nafta anderhalf jaar in werking was, hadden 2,2 miljoen Mexicanen hun baan verloren, en veertig miljoen van hen waren tot de grootste armoede vervallen. Slechts de helft van de boeren had nog genoeg te eten. Goedkoper eten dankzij de import betekent dat de armen van Mexico helemaal niets meer te eten hebben.
De multinationals stelen niet alleen de oogst van de boeren. Ze stelen ook de rijkdommen van de natuur via genetische manipulatie en patenten op levensvormen. Gewassen zoals de sojabonen van het merk Roundup Ready, eigendom van Monsanto, die resistent zijn gemaakt tegen onkruidverdelgers, veroorzaken aantasting van de biodiversiteit, en leiden tot een verhoogd gebruik van landbouwchemicaliën. Ze bereiden ook de weg voor uiterst opdringerig 'superonkruid' doordat ze de genen voor resistentie tegen onkruidverdelgers overbrengen op andere planten.
Gewassen, die ontworpen zijn als pesticide-fabriekjes, worden zo gecodeerd dat ze landbouwgif en schadelijke stoffen produceren via genen die thuishoren bij bacteriën, schorpioenen, slangen en wespen. Ze kunnen een bedreiging vormen voor onschadelijke soorten en bijdragen aan de toename van resistentie in ongedierte, waardoor er 'superparasieten' kunnen ontstaan.
Om hun patenten veilig te stellen op levensvormen en grondstoffen uit de levende natuur, moeten de bedrijven claimen dat bepaalde zaden en planten door hen zijn 'uitgevonden', en dus hun eigendom zijn. Firma's als Cargill en Monsanto beschouwen de samenhang van het leven in de natuur en de voortgaande cyclus van vernieuwing als 'diefstal' van hun bezittingen. Tijdens het debat over de toelating van Cargill tot de Indiase markt in 1992, verklaarde de president-directeur van Cargill: 'Wij bieden de boeren van India een slimme technologie, waardoor de bijen niet langer het stuifmeel kunnen misbruiken'. Bij de Onderhandelingen over Bioveiligheid van de Verenigde Naties liet Monsanto teksten rondgaan waarin gesteld werd dat 'onkruid het zonlicht steelt'.
Een wereldbeeld dat de verspreiding van stuifmeel als 'misbruik door de bijen' omschrijft, en stelt dat allerlei planten het zonlicht 'stelen', is erop gericht om de rijkdom van de natuur te stelen. Dit is een wereldbeeld dat uitgaat van schaarste.
Een wereldbeeld van overvloed behoort toe aan de vrouwen van India die op de drempel van hun huis voedsel neerleggen voor de mieren, terwijl ze van rijstmeel de meest prachtige kunstwerken maken, zoals kolams, mandala's en rangoli. Overvloed is het wereldbeeld van boerinnen die voor de vogels schitterende creaties van rijsthalmen ophangen, als die vogels geen graankorrels op de akkers kunnen vinden. Dit uitgangspunt van overvloed onderkent dat wij de voorwaarden voor onze eigen betrouwbare voedselvoorziening in stand houden door andere levende wezens te eten te geven. Iedere levensvorm moet op zichzelf leren om van deze gaven te genieten door een onderdeel van het systeem te beheren in nauwe samenhang met andere soorten.
Binnen het ecologische wereldbeeld maken we ons schuldig aan diefstal wanneer we meer consumeren dan we nodig hebben, of de natuur exploiteren uit hebzuchtige motieven. In de opinie van de bio-industriële bedrijven, die het leven ontkennen, is de natuur, die zichzelf vernieuwt en in stand houdt, een dief. Een dergelijk wereldbeeld vervangt overvloed door schaarste, en maakt alle vruchtbaarheid steriel.
We zijn getuige van de opkomst van een totalitaire voedingsmaffia, waarbinnen een handvol bedrijven de gehele voedselketen beheerst en elk alternatief de nek omdraait. Het universele rechtsbeginsel is onder invloed van mondialisering en vrije wereldhandel op zijn kop gezet. Het recht op voeding, het recht op veiligheid en op ieders eigen cultuur worden stuk voor stuk behandeld als handelsbarrières die opgeruimd dienen te worden.
In India zijn de armste boeren degenen die biologische landbouw bedrijven, omdat ze zich geen chemicaliën kunnen veroorloven. Tegenwoordig sluit zich een groeiende internationale biodynamische beweging bij hen aan, die chemicaliën en genetische manipulatie bewust vermijdt. Biologische landbouw wordt in India ashimic krishi genoemd, ofwel 'niet-agressieve teelt', omdat deze gebaseerd is op medeleven met alle bestaande soorten en daarom op het beschermen van de biodiversiteit binnen de landbouw.
Onze milieubeweging bepleit het herstel van de biodiversiteit en de spreiding van relevante kennis. Door te weigeren om de verschijningsvormen van het leven te beschouwen als een vinding van een of ander bedrijf, en daarom als het eigendom van dat bedrijf, onderstrepen we de vanzelfsprekende waarde van alle soorten en hun zelfregulerende vermogens. Door een dam op te werpen tegen de commercialisering van levende grondstoffen, verdedigen we het recht op voortbestaan van de tweederde meerderheid van de mensen die afhankelijk is van de rijkdom van de natuur, en wegens armoede geen toegang heeft tot de wereldmarkt. De milieubeweging staat ook pal voor de culturele diversiteit, omdat het merendeel van de culturen die er zijn andere diersoorten en planten niet zien als 'bezit' maar als familieleden.
Deze brede democratie van het leven is de ware bron van verzet tegen de brute kracht van de 'industrie van de biowetenschappen', die miljoenen levensvormen en miljoenen mensen het voortleven vrijwel onmogelijk maakt.
Dit zijn spannende tijden. Het is niet onvermijdelijk, dat grote bedrijven ons leven bestieren en heersen over de wereld. We hebben een concrete kans om onze eigen toekomst te bepalen. We hebben de ecologische en maatschappelijke plicht om ervoor te zorgen dat het eten dat ons lichaam voedt geen gestolen oogst is. Gegeven deze plicht hebben we individueel de mogelijkheid om te werken aan de vrijheid en integriteit van alle soorten en alle mensen - wie we ook zijn, en waar we ook zijn.
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.