|
|
‘Het geheim is echt luisteren’
Moran Eizenbaum uit Israël is vijftien, als zij voor het eerst in contact komt met een echte Palestijn. De Palestijnse Mona Bushnaq uit een klein dorp op de Westoever is zeventien wanneer zij voor het eerst een Israëliër ziet die geen uniform draagt. De meisjes ontmoeten elkaar in de Verenigde Staten tijdens een kamp, georganiseerd door een organisatie die Seeds of Peace heet. Doel van het kamp is Israëlische en Palestijnse tieners bij elkaar brengen om elkaar beter te leren kennen. Voor een symposium van de Veerstichting waren de meisjes onlangs in Nederland.
Moran: ‘In de dagen voor het vertrek naar het kamp kreeg ik de laatste instructies van mijn vader: “Kind, het is heel belangrijk wat je daar gaat doen, voor ons allemaal en voor de hele streek. Maar... slaap niet naast een Palestijn en kom in hemelsnaam niet met een Arabisch vriendje thuis.” Ik had een duidelijk doel voor mijzelf: de Palestijnse kinderen uitleggen hoe het zit: dat wij vijfduizend jaar geleden de heilige stad van Jeruzalem hadden gebouwd en dat wij nu weer terug waren gekomen om in ons land te gaan wonen. Simpel.’
Mona: ‘Voor mij gold dat ook. Ik dacht: ik zal ze even de waarheid vertellen. Zij weten niets over ons, ik moet het ze gewoon even uitleggen. Dat het ons land is, dat wij daar al zo lang wonen en dat het toch logisch is, dat je je verzet als je uit je huis wordt gezet. Helaas... het bleek niet zo makkelijk. Niemand luisterde naar de ander. Het werden scheldpartijen en ruzies.’
Desondanks groeide er iets tussen de twee meisjes. Iets dat boven argumenten en feiten uitstijgt, iets dat groter is dan woorden en bewijzen. Vriendschap.
Moran: ‘Als je iemand leert kennen, kun je hem niet haten, alleen omdat hij anders denkt dan jij. Natuurlijk zijn we het over fundamentele dingen niet eens en discussiëren we veel. Maar na afloop praten we over van alles en nog wat en vinden wij elkaar weer. We zijn elkaars beste vriendinnen. Al drie jaar en ik hoop nog heel lang. Het geheim is echt luisteren.’
Na een maand samen lief en leed te hebben gedeeld, is het tijd om naar huis te gaan. Beiden zijn veranderd en staan te springen om het goede nieuws met het thuisfront te delen. Dat werd een harde klap in het gezicht.
Moran: ‘Ik dacht het licht te hebben gezien. Door naar elkaar te luisteren, hadden we zoveel bereikt. Ik kon niet wachten om dit op school en met mijn vrienden te delen. Maar ik werd uitgemaakt voor verrader, overloper of erger. Arabieren waren niet te vertrouwen, zij waren de vijand. Ik ben heel veel vrienden kwijtgeraakt.’
Mona: ‘Toen ik op school vertelde wat ik had gedaan en hoe ik de zaak zag, werd ik voor verrader, jood en alle mogelijke dierennamen uitgemaakt. Ik kon geen zin afmaken. Men zei dat ik was gehersenspoeld. De hele school kwam tegen mij in opstand. Ik ben met de dood bedreigd, mijn ouders werden bedreigd, het huis zou in de fik worden gestoken en leraren gaven mij opzettelijk onvoldoendes, al had ik alle antwoorden goed. Ik heb meermalen op de rand van een zenuwinzinking gebalanceerd. Het duurde dan minuten voordat ik mijzelf weer bij elkaar had geraapt. Het was verleidelijk om maar weer gewoon die oude Mona te worden, te trouwen, een baan te zoeken en Seeds of Peace en Moran gewoon te vergeten. Maar ik kon het niet en wilde het niet. Ik wil die nieuwe persoonlijkheid een kans geven.’
Moran: ‘Op een dag werd er tijdens een opstand een Palestijnse jongen vermoord. Ik kende die jongen van Seeds of Peace. Hij was de eerste Palestijn, die ik sprak en bij wie ik thuis was geweest. Een prachtig mens dat geweld principieel afwees. En nu was hij doodgeschoten. Mijn wereld stortte in. Het was zo’n schok. Voor het eerst zag ik dat het Israëlische leger fouten maakt. De volgende dag was ik bij de opnamen van een talkshow met allerlei hoogwaardigheidsbekleders: de burgemeester, de minister van veiligheid en ook mensen van Seeds of Peace. Miljoenen mensen keken naar de uitzending. Ik stak mijn vinger op en vroeg met trillende stem aan de minister of er soms een fout was gemaakt, of het een verdwaalde kogel was geweest of dat ze soms per vergissing hadden gedacht dat de jongen gewelddadig was. Ik zocht wanhopig naar een reden voor zijn dood. Toen ik de volgende dag op school kwam, viel er een doodse stilte. Iedereen had het gezien. Ik begreep toen pas, dat absolute solidariteit wordt geëist. Die nacht werden wij voortdurend gebeld, men zou mij komen vermoorden, er was een knokploeg op school die mij in elkaar wilde slaan, et cetera.’
Mona: ‘Veel mensen die naar een Seeds of Peace-kamp zijn geweest, vergeten het weer en worden weer de oude. Ik kan het hen niet kwalijk nemen. Het is zwaar, heel zwaar om voor je mening uit te komen.’
Dit is een bewerking van een dialoog die Moran Eizenbaum en Mona Bushnaq hielden op een symposium van de Veerstichting, afgelopen oktober. De Veerstichting is een organisatie die de gedachtewisseling tussen studenten en ‘vormgevers van de maatschappij’ wil bevorderen. Meer informatie: www.veerstichting.nl.
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.