Email   Print

Straatfeest in Genua

Over de demonstraties tijdens de topontmoeting van de G8 onlangs in Genua is veel gezegd en geschreven. Er waren boze relschoppers die stenen gooiden. Maar er was ook een grote, bonte verzameling van wereldburgers die aandacht vroeg voor een andere - menselijker - wijze van mondialisering. Marco Visscher reisde voor Ode naar Genua om uit te vinden wie de gezichten en de stemmen zijn achter het toenemende internationale verzet. Een gesprek met moeders, ouderen en onderwijzers.

Marco Visscher | 40 september/oktober 2001 issue

Haar man had ook wel meegewild, maar hij moest werken. En het staat toch een beetje raar: een afdelingshoofd van de grootste bank van Italië, die vrij neemt om te demonstreren tegen de heerschappij van het grote geld. Maar Cristina Tomasello, advocate van beroep, is wél gegaan en heeft twee buurvrouwen meegenomen. Ze wonen in een betere buurt van Milaan, hebben het goed voor elkaar. Maar dít is de Corso Italia, langs de kust van Genua. Op deze warme zaterdag in juli is de straat een decor vol tegenstellingen. Een enorme stoet van meer dan honderdduizend mensen is de straten opgegaan tijdens de ontmoeting van de G8, de zeven grootste industrielanden en Rusland.
Wat doen de drie keurige vrouwen in dit gezelschap demonstranten? Cristina Tomasello vindt dat niet de goede vraag. Waarom zijn haar andere buren, haar studerende kinderen, haar familie en - trouwens - de rest van Italië en Europa niet hier? Dát is de vraag. 'Ik weet zeker dat de diepere motivaties van al deze mensen onder veel bredere lagen van de bevolking leven', zegt ze. 'Niemand wil dat zijn cultuur wordt aangetast. Dat gebeurt intussen wel degelijk. Want grote bedrijven nemen in feite iets af. Mijn kruidenier op de hoek is pas failliet gegaan, want er is in de buurt een grote supermarktketen gekomen met een enorm parkeerterrein. Mijn hart ligt bij de kleine winkeliers, de kaasboer, de bakker die zelf zijn brood bakt. Maar ook: de kleren die ik draag, de films die ik zie, de winkelstraten - daar moet iets in zitten van míjn eigen cultuur.'
Haar buurvrouwen knikken, terwijl ze langzaam met de stoet meebewegen. Luisa Pasquini vult aan: 'Dit proces van mondialisering wordt door politici goedgekeurd uit naam van de vooruitgang en democratie. Met de mondialisering leggen ze hun neoliberale dogma's op aan de hele wereld. Maar wie worden er eigenlijk beter van die politiek? De grote bedrijven, níet de mensen, vooral niet als ze arm zijn.' Volgens Pasquini wordt dat besef steeds groter. 'Als ik aan mijn vrienden vraag of ze het ook zo zien, zijn het met me eens. Maar waar zijn zij dan vandaag? Als je in mijn wijk zegt, dat geld niet het allerbelangrijkste is in het leven, kijken ze je aan alsof je van een andere planeet komt. Terwijl Italië juist een rijke familietraditie heeft. We hebben generaties lang geleerd, dat je familie altijd het belangrijkste is. Mensen vergeten dat kennelijk zodra zij wat meer geld op hun rekening hebben staan.'

Op een groot terrein waar actievoerders zich verzamelen, banjert een echtpaar achter een buggy. 'De jongste actievoerder', lacht de moeder. Dan serieus: 'Ik maak me zorgen over de wereld waarin hij straks volwassen zal zijn.' Ze kijkt naar haar zoontje dat ligt te slapen. 'Hoe zal de wereld er straks uit zien? Zijn arme landen dan nóg verder gemarginaliseerd? Hebben de grote multinationals dan nóg meer macht? Ik hoop maar, dat hij dan aan de goede kant zal staan.' Ze schiet even in de lach. Gisteren bedacht ze, dat vrijwel alle bedrukte kinderkleertjes en alle jeugdfilms die ze met haar zoontje zal zien, van Amerikaanse makelij zullen zijn. Ook in Italië is Walt Disney overal aanwezig. 'Sorry, ik moest er even aan denken', verontschuldigt ze zich. 'Dat heeft er misschien niets mee te maken.'

Een groot spandoek roept: Noi G8, voi 6.000.000.000. Ofwel: laat acht mensen niet beslissen over het leven van zes miljard andere wereldburgers. Un mundo diverso e possibile! - een andere wereld is mogelijk, schreeuwen de demonstranten. Een oudere man loopt voorop in de demonstratie: 'Ik vind het ontoelaatbaar, dat er zoveel geld is op de wereld, en tegelijk zo veel armoede. Daarom loop ik mee.' Het is een bonte verzameling mensen, die door de straten van Genua trekt. Een grijze mevrouw op leeftijd zegt: 'Jammer genoeg ben ik te oud om de revolutie straks mee te maken'. Even verder loopt een zwaar behaarde taxichauffeur: 'Is het democratie als arme landen moeten doen wat de Wereldbank zegt?'. Twee tieners uit Zuid-Duitsland: 'Gek hè, we hebben geld gespaard om hier tegen de macht van banken te protesteren'. Een jeugdboekenschrijver: 'Hier vind ik de helden voor mijn verhalen'. Helden die willen dat politici niet alleen over economische ontwikkeling spreken, maar ook over de gevolgen voor mensen en cultuur.

Bernd Hegerl was jarenlang anglicaans priester in München. 'Nu ben ik niets,' zegt hij met een glimlach. Hij citeert het evangelie volgens Marcus: 'De rijken worden rijker, de armen worden armer.' En vervolgt: 'Dat is nú aan de gang. Mondialisering - zoals we het nu organiseren - schept een grotere afstand tussen mensen, terwijl het idee juist was, dat het mensen dichter bij elkaar zou brengen.' Hegerl praat enthousiast over zijn bezoek aan een kerkje in Genua. Daar werd gebeden voor de schuldenverlichting van de Derde Wereld. Mensen baden in stilte en staken kaarsjes op voor al diegenen die sterven, doordat een fors deel van het overheidsgeld van ontwikkelingslanden naar de schuldeisers in het rijke noorden moet worden overgemaakt en dus niet kan worden gebruikt voor gezondheidszorg of onderwijs. 'Die geestelijke aandacht is ook belangrijk. Op de G8-top zal worden gesproken over de schulden, maar ik weet zeker dat Bush, Berlusconi en Chirac niet op het idee komen om even de handen te vouwen en de ogen neer te slaan.'
Die internationale solidariteit is misschien wel het mooiste product van de mondialisering, vindt Anne van Schaik, die gisteren nog met de geweldloze Witte Overalls meeliep om het afgesloten stadscentrum te bereiken. Bij de Schone-Kleren-campagne waar ze werkt, merkt ze het dagelijks. Er hoeft maar een bericht binnen te komen over schending van de arbeidsrechten, ergens op de wereld, of er gaat een bombardement aan brieven de deur uit: naar fabrikanten, directies van kledinggiganten, nationale en lokale overheden. En via Internet wordt de internationale druk alleen maar groter. 'Mondialisering verbindt mensen op het sociale vlak,' zegt Anne, 'maar voor politici geldt alleen de neoliberale mondialisering. Ik wil dat ze écht naar de demonstranten luisteren.'

Tegen een stenen muurtje zit een jongen het schouwspel van de demonstranten te bestuderen. Met zijn bril en net gekamde haren lijkt het of hij zó uit de bibliotheek is gekomen. Andy, heet hij. Studeert microbiologie aan de universiteit van Cambridge. 'Ik weet dat ik er niet zo uitzie, maar hier zit een actievoerder van het eerste uur', lacht hij verlegen. Andy was er drie jaar geleden in Birmingham ook bij, toen werd gedemonstreerd tegen een G8-top. Als protest tegen 'de georganiseerde teloorgang van de gemeenschap' werd die dag in twintig landen tegelijk een nationaal straatfeest gehouden 'om de openbare ruimte terug te eisen', vertelt Andy. Het werd het civic answer op de billboards, gesponsorde evenementen en de voorbijrazende auto's op plaatsen waar eerder kinderen konden spelen. Wegen werden afgezet, dj's draaiden platen, mensen dansten op de straat. In Utrecht veranderden zo'n achthonderd mensen een zesbaansweg in een spontaan feest dat vijf uur duurde. In Turku, Finland, namen tweeduizend feestgangers bezit van de belangrijkste brug van de stad. In Berkeley, Californië, speelden zevenhonderd mensen Twister op straat. En het bijzondere, vindt Andy, was dat er geen sponsors waren. 'Grote popevenementen, het straatvolleybaltoernooi, de braderie in een dorp, het sportprogramma op school, een religieuze bijeenkomst,' somt Andy op, 'álles lijkt een geldschieter nodig te hebben.' Maar dít was een feest, bedoeld voor ménsen, om te laten zien, dat we onze cultuur niet laten overnemen door bedrijven, dat we hen niet nodig hebben om een goed leven te hebben.'
'Ik weet het,' zucht Andy en heft zijn armen in de lucht, 'er zijn geen dj's vandaag in Genua. Maar ik zou wel kunnen dansen van geluk. Moet je kijken, in drie jaar tijd zijn er zó veel mensen bij gekomen tijdens de demonstraties. En ze zijn ook zo verschillend. Kijk eens om je heen. Je ziet anarchisten met piercings tussen keurige professoren, hippies op sandalen tussen oude omaatjes. Je ziet leraren die zich verzetten tegen de inmenging van het bedrijfsleven in het onderwijs, en je ziet mensen die zich inzetten voor de rechten van arbeiders in de sweatshops. En er zijn ontzettend veel jongeren. Dat stemt hoopvol. De geschiedenis wijst uit dat een revolutie bij jongeren begint - en die zijn hier voldoende. Als je goed kijkt, zíe je dat ze écht willen, dat er iets verandert. Het gaat gebeuren. Dat voel ik.'



Tools: Bespreken | Email | Print | RSS | Nieuwsbrief
Save/Share:
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google
  • Facebook
  • YahooMyWeb
  • StumbleUpon
  • Blue Dot
  • Technorati
  • Reddit
Comments
Post a comment

You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.