|
|
Twee talen
Om de Franse stripheld Obelix te parafraseren: wie is er hier vaag?
'Het heelal dijt inderdaad versneld uit', luidde de kop. Het bericht in de krant ging verder: 'Een opname van een ontploffende ster op tien miljard lichtjaar van de aarde geeft steun aan de theorie dat het heelal doortrokken is met een 'vacuümenergie' die werkt als een negatieve, afstotende zwaartekracht. (…) De consequentie van deze antizwaartekracht is dat het heelal op dit moment versneld uitdijt.' De sterrenhemel en het heelal interesseren me mateloos, maar zelfs voor de geïnteresseerde lezer was het bericht bijna niet te volgen. Ik heb groot respect voor de wetenschappers die het ontstaan van het heelal - van ons bestaan - proberen te verklaren. Ik bewonder degenen die de theorie van de oerknal hebben ontwikkeld. Maar wat zegt het? Waar komt die oerknal vandaan? En als het heelal sindsdien - al dan niet versneld - uitdijt, is er dus ook een grens, maar wat is er dan voorbij die grens? De hele oerknaltheorie lijkt een momentopname in een schouwspel dat wij eigenlijk nauwelijks doorgronden.
Van oudsher zijn er mensen geweest die het bestaan niet aan de hand van de uiterlijke wereld van de sterren wilden verklaren, maar die juist op zoek gingen naar de innerlijke wereld van het bewustzijn. Die weg naar binnen bleek even moeilijk begaanbaar als de weg naar de sterren. Zij mediteerden, hadden bewustzijnverruimende ervaringen en ontdekten hoe hun ziel verbonden was met andere dimensies. Zij vertelden en schreven daarover. Die verlichte geesten hebben velen geïnspireerd met hun zoektocht. Maar als je hun taal niet begrijpt, is hun verklaring van de zin van het bestaan even ondoorgrondelijk als de oerknaltheorie.
Twee talen. De één van wetenschappelijke formules. Van verstand en het hoofd. De ander van individuele ervaring en beleving. Van het hart en de ziel. Twee talen dus die - hoewel allebei gebrekkig - elkaar aanvullen, die allebei helpen om te leren begrijpen wat de mens in het heelal doet, waar het leven vandaan komt en waarover het gaat. Maar het vreemde is dat in het gangbare gesprek de 'oerknaltaal' geldt als verantwoord en verstandig, terwijl de 'bewustzijnstaal' wordt afgedaan als vaag en new age. Dat komt omdat het bewustzijn ontastbaar is, zeggen sommigen. Maar hoe tastbaar is het verhaal over het uitdijende heelal en de oerknal? Om de Franse stripheld Obélix te parafraseren: wie is er hier vaag?
Voor Ode zijn beide talen interessant. Ze horen bij elkaar. Toch biedt Ode meer plaats aan de bewustzijnstaal, omdat die taal in de dagelijkse, westerse wereld nog veel te weinig aan bod komt. Er is nog lang geen sprake van een evenwicht tussen innerlijk en uiterlijk. In dit nummer staan we stil bij onverklaarbare wonderen die horen bij mooie verhalen, maar die ook echt gebeuren (zie pagina XX). En een gesprek met Irene van Lippe-Biesterfeld over de natuur (zie pagina XX). Niet de natuur van het milieu en het broeikaseffect, maar de natuur waarvan wij een deel zijn. Natuurbeleving heeft alles te maken met bewustzijn. Dat is een uitnodigende visie die vernieuwend is - en dat is wat anders dan vaag.
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.