Email   Print

Ecologische knollen en citroenen

Mythen en mogelijkheden rond duurzame landbouw.

Elbrich Fennema | 36 januari/februari 2001 issue

Er was een tijd, niet zo lang geleden, dat het woord 'ecologisch' allerlei prettige associaties had, zoals respect voor mensen en milieu, duurzaam, gezond. Sinds minister Brinkman het woord heeft gebruikt voor zijn visionaire varkensflat aan de Maas, moeten we echter op onze hoede zijn of het woord ecologisch wel integer wordt gebruikt of dat iemand probeert met de prettige bijklanken van het woord te verdoezelen, dat er sprake is van een heel onsmakelijk plan. Hetzelfde geldt voor het woord 'groen'. Zo betekent de 'groene revolutie' in de landbouw niet een radicale overschakeling naar veilige, kleinschalige, mens- en diervriendelijke landbouwmethoden. Het is een verhullend eufemisme, dat de pleitbezorgers van genetisch gemanipuleerde zaden bezigen om de 'genetische revolutie' in de landbouw mee aan te duiden.

Gelukkig zijn er kritische geesten die dwars door dit groene rookgordijn heen kijken. Third World Resurgence (juni/juni 2000) plaatst in haar themanummer over duurzame landbouw kanttekeningen bij de verdiensten van deze 'groene revolutie' door de balans op te maken van de vorige 'groene revolutie', die van grootschaligheid, pesticiden en kunstmest. De verhoogde voedselproductie is ten koste gegaan van de sociale structuren. Boeren zijn afhankelijk geworden van hun toeleveranciers en krijgen een steeds kleiner deel van de opbrengt. Doordat de kwaliteit van de grond achteruitgaat - waardoor problemen met pest en onkruid toenemen - is de basis voor toekomstige productie ondermijnd. En de biodiversiteit is achteruitgegaan. De nieuwe groene revolutie (de genetische) zal minstens vergelijkbare consequenties hebben. Er is alle reden om ons af te vragen, of wat op korte termijn een oplossing lijkt, op lange termijn niet juist ergere problemen veroorzaakt dan wat het belooft op te lossen. En dan hebben we het nog niet eens gehad over het feit dat er helemaal geen tekort is in de voedselproductie. De honger in de wereld wordt niet veroorzaakt door een gebrek aan voedsel, maar door armoede en een falende verdeling.

In het pamflet Mythen van de landbouw, dat Stichting Biologica heeft uitgegeven, wordt dit hardnekkige misverstand ontzenuwd. 'Als je het beschikbare voedsel deelt door het aantal wereldburgers, staat dagelijks per persoon een kilo graan en peulvruchten, een pond vlees, melk en eieren, en een pond verse groente en fruit ter beschikking', staat in hoofdstuk 1, die de mythe doorprikt dat we kunstmest en gen-technologie nodig hebben om de wereldbevolking te kunnen blijven voeden. Er zijn meer ontnuchterende cijfers: 'Tachtig procent van alle ondervoede kinderen onder de vijf jaar woont in landen die voedseloverschotten produceren.' Blijft de vraag nog overeind of biologische landbouw de wereld kan voeden. De Europese productie zou inderdaad dalen, als er slechts biologisch werd geboerd. Maar de daling komt ongeveer overeen met de overschotten die momenteel, gesubsidieerd en wel, worden geproduceerd en weer vernietigd. Bovendien wordt wereldwijd veertig procent van de graanoogst gevoerd aan dieren. Een kippenboutje minder per week levert een weekvoorraad graan op. Misschien kunnen we niet genoeg vlees produceren voor de wereldbevolking, maar genoeg te eten is er beslist. De producenten van genetisch gemodificeerd zaad hebben hun volgende ijzer echter al in het vuur liggen: gezondheid. The Futurist (juli/augustus 2000) meldt optimistisch, dat zaad dat genetisch is gemanipuleerd op extra vitamine A en ijzer, een uitkomst kan betekenen voor deficiënties bij ondervoede bevolkingsgroepen. De Futurist baseert zich op een rapport van de International Food Policy Research Institute in Washington. Met spijt stelt het rapport vast, dat er weerstand bestaat tegen deze veelbelovende, menslievende technologie, met name in Europa. De Europese consument is nog niet zo overtuigd van de meerwaarde van het genetisch gemanipuleerde voedsel dat tot dusverre op de markt is gebracht. De hoop is, dat met extra vitamine A en ijzer de toegevoegde waarde van gentechvoedsel duidelijker zal worden.

Een van die sceptische Europeanen is de Engelse filosoof Roger Scruton. In Resurgence (november/december 2000) spreekt hij zijn zorg uit over de ontwrichting van de landbouw. 'Zaadhandelaren bloeien en boeren verwelken', is zijn krachtige samenvatting van wat er mis is aan de globalisering van de landbouw. Scruton richt zijn pijlen nog niet eens op de gentechzaden. De hybride zaden, die onvruchtbare planten opleveren zodat boeren elk jaar voor hun zaad zijn aangewezen op de zaadleverancier, houden de boeren nu al in hun greep. 'Een land heeft geen vitaler bezit dan zijn landbouw en geen enkel verdrag zou mogen worden getekend, al is het doel nog zo nobel, waarvoor de inheemse, duurzame, biodiverse landbouw moet worden geofferd. Maar wanneer onze boeren hun stem verheffen, zegt de minister gebonden te zijn aan verdragen of richtlijnen. Wat een onzin. Verdragen die niet herzien kunnen worden om de fundamentele waarden en activiteiten waar een land van afhankelijk is te kunnen beschermen, moeten worden afgewezen. En als ze niet kunnen worden afgewezen zonder dat de EU of de WTO op de helling gaat, dan moeten de EU en de WTO maar op de helling. We zijn vrij. Of niet soms?'



Tools: Bespreken | Email | Print | RSS | Nieuwsbrief
Save/Share:
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google
  • Facebook
  • YahooMyWeb
  • StumbleUpon
  • Blue Dot
  • Technorati
  • Reddit
Comments
Post a comment

You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.