Email   Print

Homeopathie in de tropen

De vraag naar homeopathische geneesmiddelen neemt voortdurend toe, maar de wetenschappelijke strijd over de werking van homeopathie bevindt zich nog altijd in een impasse. Intussen wordt met homeopathie veel bereikt. Niet alleen tegen oorpijn en een toevallige verkoudheid. Maar zelfs tegen gevaarlijke tropische infectieziekten. Een reportage over het werk van de organisatie Homeopaten Zonder Grenzen in de Afrikaanse staat Benin.

Patrice van Eersel | 34 september/oktober 2000 issue

Sommigen van mijn vrienden barstten in lachen uit toen ik hun vertelde over welk onderwerp ik een verhaal wilde schrijven. 'Homeopaten Zonder Grenzen? Je meent het! Bestaat dat?' In hun ogen kon die geneeswijze die 'misschien op heel lange termijn geschikt zou kunnen zijn voor een paar min of meer geveinsde psychosomatische aandoeningen' geen serieus medisch probleem oplossen. En dat hoopte ik nu juist ter plaatse te verifiëren. Ik stelde me vooral artsen voor op blote voeten die in de rimboe aan het werk zijn met als enige gereedschap een koffertje met korreltjes. Maar ik wilde per se achterhalen of homeopathie een echte geneeswijze is, die in staat is snel en goed te werken - ook als er sprake is van spoedgevallen. Zelf ben ik een beginneling, die de methode alleen heeft gebruikt voor zelfmedicatie uit de losse hand, bij mezelf en mijn familie - met soms verbazende, maar weinig wetenschappelijke resultaten. Bij 'echte' ziekten wordt er thuis uiteindelijk altijd een 'normale' dokter bij gehaald - een allopaat, die symptomen aanpakt door middel van antibiotica. Ik was benieuwd wat een eerlijk en serieus onderzoek zou opleveren in Afrika - het werelddeel van de echte zware ziekten, verwoestende bacteriële of virale epidemieën. Ik hoopte dat de ervaring van Homeopaten Zonder Grenzen mij een inzicht zou bieden in de werkelijke waarde van de homeopathie.

Ik kwam in Benin aan in gezelschap van professor Jean-François Masson, een homeopathische gynaecoloog uit Parijs die werkt voor Homeopaten Zonder Grenzen. De toestand van de volksgezondheid in Benin is schrijnend. De levensverwachting bedraagt nauwelijks achtenveertig jaar, het sterftecijfer is gemiddeld 15,6 promille en 162 promille bij kinderen van onder de vijf jaar. Ten minste tien procent van de bevolking lijdt aan ondervoeding, overal duikt dodelijke malaria op (dat 38 procent van de infectieziekten vertegenwoordigt), gebrek aan schoon water heeft talrijke maagdarmstoornissen tot gevolg en het land kampt met een stijging van het aantal acute luchtweginfecties. En om iedere romantische voorstelling van de tropen ten slotte de kop in te drukken, komen er ook nog steeds meer moderne ziekten, die te wijten zijn aan vervuiling (vergiftigd water, door uitlaatgassen vervuilde lucht) en aan stress (een stadsleven zoals overal ter wereld, in toenemende armoede): steeds meer zweren en kankergezwellen.

Na aankomst werden we direct meegenomen naar het slagveld in het centrum van de arbeiderswijken: het Saint-Luc ziekenhuis, een particuliere instelling zonder winstoogmerk, gefinancierd door het aartsbisdom van de stad Cotonou. In dat ziekenhuis werkt Gisèle Egounlety, de arts die aan het hoofd staat van de homeopathie in Benin.
Egounlety begon tijdens haar medische studie vragen te stellen over de westerse geneeskunde: 'De gedachte dat die geneeskunde door haar buitensporige kosten negentig procent van de bevolking van mijn land uitsloot, vond ik erg verontrustend.' In 1992 maakte ze in het buurland Togo kennis met de homeopathie tijdens de eerste missie van Homeopaten Zonder Grenzen in Afrika. 'Het was de eerste keer dat ik vanuit een moderne wetenschap eenvoudige principes hoorde uiten over natuurgeneesmiddelen. De homeopathie gebruikt plantaardige, dierlijke en minerale producten, net als onze genezers. En de kosten daarvan waren voor ons volk betaalbaar. Eindelijk!'
Een paar dagen later behoorde ze tot de eerste vier artsen uit Benin die zich opgaven voor de opleiding. Een vierjarige opleiding. Zoals aan het Institut National Homéopathique de France - hoewel ieder 'jaar' hier bij gebrek aan middelen wordt ingekort tot een collegecyclus van enkele weken gedurende de zomer. In de loop van deze uiterst beknopte serie worden de leerlingen, artsen of vroedvrouwen, zowel in theoretisch als praktisch opzicht tijdens avondcolleges getraind door uit Frankrijk afkomstige opleiders. 'Na een dag hard werken in het ziekenhuis', vertelt Gisèle Egounlety, 'moet je serieus gemotiveerd zijn om weer student te worden. Maar het was uiterst boeiend. Het college begon altijd met het bespreken van de klinische gevallen waarmee we die dag te maken hadden gehad. We bekeken vervolgens welke homeopathische oplossingen er mogelijk waren, waarna we die meteen na het college uittestten wanneer we tegen middernacht, voordat we thuis gingen slapen, nog een ronde maakten door het ziekenhuis. De volgende ochtend waren de resultaten vaak spectaculair.'
Het vertrouwen in de homeopathie van Egounlety neemt sterk toe, wanneer haar vierjarige zoon ten gevolge van een allergie voor kinine bijna sterft aan een intravasculaire hemolyse. Het kind wordt met spoed opgenomen en aan een infuus gelegd. Maar zijn toestand verslechtert, zijn hemoglobinegehalte gaat omlaag, zijn urine lijkt op cola. Hij heeft een bloedtransfusie nodig, maar het lichaam van het jongetje verzet zich en ontwikkelt antilichamen tegen zijn eigen bloedlichaampjes. Een transfusie is onmogelijk. Een drama. In de slaapzaal verkeren verschillende kinderen in dezelfde staat. Dan denkt Egounlety aan een homeopathisch middel.
Ze vertelt: 'Een collega sprak over "verlies aan levenskracht". Die woorden brachten mij op het spoor. Dat is een van de indicaties voor China. Ik greep naar mijn handboek en bij het woord China las ik, als eerste van de lijst symptomen, "allergie voor kinine". Ook de rest klopte allemaal met de toestand van mijn kind. Het probleem was, dat ik maar een klein buisje China had. Ik volgde de adviezen van mijn docent op en loste het op in een glas water - waarmee ik zelf een extra verdunning teweegbracht - en daarvan gaf ik mijn zoon ieder kwartier een lepel. Vijf dagen later was de urine weer normaal en verliet het kind het ziekenhuis - terwijl de andere kindertjes nog steeds in dezelfde toestand verkeerden en sommigen van hen op sterven lagen.'
Veel homeopathische roepingen beginnen zo: door een ongewoon klinisch geval. Moeilijke bevallingen, chronische bekkenpijn, malaria-aanvallen, acute hepatitis, hemolytische geelzucht, ernstige bloedarmoede, neuropathie ten gevolge van toxoplasmose, psychiatrische stoornissen…

Het voornaamste probleem van de homeopathie in Europa is het enorme onbegrip van de allopaten: 'hoe kan een dergelijke methode nu werken, aangezien die logischerwijze onmogelijk is wegens de sterke verdunningen waardoor uiteindelijk geen moleculen van de werkzame stof in het middel overblijven?' Dat is in Afrika niet zo belangrijk. Hier kun je - wanneer een behandeling werkt - daar genoegen mee nemen, ook zonder wetenschappelijke verklaring. Een kwestie van gezond verstand: moet de wetenschap de geneeskunde dienen of andersom? Duizenden jaren lang verzorgden de genezers hun stamgenoten op empirische wijze, waarbij ze bijvoorbeeld ontdekten dat de bast van de kinaboom tegen moeraskoorts helpt of wilgenbast tegen hoofdpijn. Dat de wetenschap ten slotte de microscopische processen heeft ontdekt die daarvoor een verklaring geven, is een goede zaak, maar we moeten vooral niet vergeten waar het om gaat - de genezing.

In Benin is er sprake van twee vormen van aarzeling die de jonge homeopathisch opgeleide artsen belemmeren hun kennis in de praktijk te brengen. De eerste is een kwestie van durf: die heb je nodig wanneer je jarenlang bent opgeleid om automatisch zeer krachtige middelen voor te schrijven (antibiotica, corticosteroïden, et cetera) om acute stoornissen te bestrijden en je moet plotseling slechts een paar korrels suiker toedienen, doordrenkt met een of ander sterk verdund scheikundig stofje.
Daarnaast leidt de vorm van ondervragen tot terughoudendheid. Het is boeiend om te kijken naar een homeopaat die bezig is een patiënt te ondervragen. Iedere persoon die tegenover hem plaatsneemt, is een mysterie, waarvan de symptomen slechts grove aanwijzingen zijn. Een boeiend mysterie, dat je moet oplossen door allerlei vragen te stellen. 'Maar wat voor vragen dan precies?' informeert een jonge Beninse arts. Wat is het antwoord? Wat de zieke lekker vindt, waaraan hij een hekel heeft, zijn gedragingen, neigingen, gemoedsaandoeningen, trauma's, zijn hele geschiedenis, van het ontstaan van zijn persoonlijkheid tot zijn meest intieme pijnen, alles telt mee voor de homeopathische geneeskunde. Als je dat achter elkaar zou doen, zouden al die mogelijke vragen bij elkaar een hele dag kosten, en het mysterie alleen maar groter maken in plaats van op te helderen. 'Ook al is een gedegen medische opleiding onontbeerlijk', antwoordt mijn reisgenoot professor Jean-François Masson tijdens een college, 'met name om allopathie en homeopathie goed te combineren en achteraf te controleren of een voorgevoel klopt, toch kan niets het bijna artistieke flair van een goede homeopaat vervangen.'
Dat geldt - of zou moeten gelden - voor iedere arts. Hoe kun je een ander behandelen als je die niet 'aanvoelt'? In bepaalde gevallen komt dat gevoel plotseling. Een vrouw komt de spreekkamer binnen. Ze klaagt over herhaalde keelontstekingen. De arts heeft meteen een indruk. Welke? Dat blijft onzegbaar. De vrouw komt dichterbij, buigt zich voorover, ze praat en praat maar door. Of liever gezegd… nee, jawel! Dat is het: ze blaft! Als door een wesp gestoken stort de arts zich op zijn handboek en opent het op de bladzijde 'hondenmelk'. Het is gek, maar het staat er allemaal, tot aan het kleinste van die talrijke symptomen die de vrouw al tien minuten lang beschrijft! Ze wordt behandeld met Lac Caninum in 30 CH en zal binnen twee weken volledig genezen zijn.
Hoe moet je een dergelijke vaardigheid onderwijzen? Het is gemakkelijker om automatisch bepaalde middelen voor te schrijven zodra een symptoom zich voordoet, los van de menselijke context, dan 'het mysterie te willen oplossen' dat een nieuwe patiënt biedt. Deze karikatuur slaat overigens evenzeer op slechte homeopaten als op slechte allopaten. Maar dat neemt niet weg, dat de homeopaat in opleiding snel beseft wat voor een buitengemeen intuïtief raffinement zijn nieuwe vaardigheid vereist.

Er komt weer een patiënte de spreekkamer van Gisèle Egounlety binnen. Ze ziet er vreselijk treurig uit. Ze is marskramer. Sinds haar man haar in de steek liet, heeft ze een onregelmatige menstruatie en voortdurend buikpijn. Ze wordt ondervraagd. Is haar menstruatiebloed dik, vezelig, donker, gaat de menstruatie gepaard met hoofdpijn, rugpijn, buikpijn of pijn in haar dijbenen? Heeft ze 's nachts dorst? Steekt ze haar voeten graag uit bed? Beweegt ze graag? Danst ze graag? Wat voor contact heeft ze nog met haar man? En met haar familie? Heeft ze een nieuwe liefde? Ten slotte krijgt ze Pulsatilla voorgeschreven.

In het gezelschap van Gisèle Egounlety en professor Masson maak ik nog talrijke behandelingen mee. Van het weeskind dat pyromaan is geworden tot de vroegere diplomaat die, sinds hij uit een raam is gevallen, in staat van verdoving verkeert, via het meisje dat overdekt is met eczeem naar de prostituee met een geslachtsziekte. Het gebeurt nooit dat er geweigerd wordt samen te werken met andere geneeskunsten, welke dat ook zijn. Maar wel vaak, concludeer ik, dat homeopathie op zich de kwaal verzacht en zelfs opheft.

Mijn laatste verrassing is die van een domkop. Ik had me voorgesteld dat er voor het maken van werkzame homeopathische verdunningen een industriële logistiek nodig was die een arm land zich niet kan veroorloven. Dat is een vergissing! Alle homeopaten aan wie ik die vraag heb gesteld, zijn het met elkaar eens: de beste potentiëringen (het langdurig schudden van de verdunde oplossingen om ze werkzaam te maken) worden met de hand, op ambachtelijke wijze tot stand gebracht. Dat is trouwens een strategisch argument van Homeopaten Zonder Grenzen: de ontwikkelingslanden maken hun geneesmiddelen zelfstandig. Met 300 of 400 flessen 'moedertincturen' (onverdunde basisoplossingen) kun je tienduizenden mensen behandelen. Zo beschikt het Saint-Luc ziekenhuis in Cotonou over zijn eigen verdunningsafdeling. 'Daarom kunnen we onze patiënten direct de middelen geven die we hun voorschrijven', vertelt Gisèle Egounlety verheugd. Alleen die moedertincturen moeten vaak nog in het buitenland worden gekocht. Daarmee is homeopathie niet alleen in vele gevallen effectief, maar ook goedkoop.
Is homeopathie een geneeskunde voor de 21ste eeuw? Na mijn ervaring in Benin denk ik van wel.



Tools: Bespreken | Email | Print | RSS | Nieuwsbrief
Save/Share:
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google
  • Facebook
  • YahooMyWeb
  • StumbleUpon
  • Blue Dot
  • Technorati
  • Reddit
Comments
Post a comment

You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.