|
|
Wijsheid voor de dommen
Wijsheid is tegenwoordig te koop - er bestaat een overvloed aan boeken en workshops - maar de dwalende mens zoekt inwijding.
E.F. Schumacher schreef in A guide for the perplexed, zijn grandioze poging om de verzamelde wijsheid van de vroegere wereld samen te vatten en de wetmatigheden ervan begrijpelijk te maken voor hedendaagse lezers: 'Je kunt je voorstellen dat het mogelijk moet zijn om zonder de kerk te leven. Maar het is onmogelijk om te leven zonder religie. Dat wil zeggen zonder de systematische inspanning om contact te houden met en te streven naar een Hoger Niveau dan dat van het "dagelijks leven"; met al zijn plezier en pijn, sensatie, bevrediging, verfijning of grofheid - wat het ook moge zijn. Het moderne experiment om zonder religie te leven is mislukt en zodra we dit begrijpen, weten we wat ons "postmoderne" pakket aan taken precies inhoudt.'
Schumacher legde uit, dat het onze eerste taak is om een reeks originele routekaarten-voor-een-andersoortig-leven terug te vinden: kaarten die mensen van vandaag in staat stellen - vooral jonge mensen - om zichzelf op een diepgaande en blijvende manier te laten veranderen. Schumacher schreef A guide for the perplexed in de late jaren zeventig en sinds die tijd zijn de spirituele plattegronden met pakken tegelijk binnengekomen. Er circuleren er nu zelfs misschien wel meer dan op enig ander moment in de geschiedenis. Niet alleen zijn de moderne - zij het wat twijfelachtige - meesters van de omwenteling zeker niet dun gezaaid, maar opgelapte versies van transformerende kaarten uit een ver verleden zijn voorradig in gelijke of wellicht zelfs grotere hoeveelheden.
Van Nag Hammadi tot Tikal, van Tibetaanse tantra's tot de soefi's in Iran, van Japans zenboeddhisme tot sjamanen in Amerika zijn de diepzinnige, vaak moeilijk begrijpelijke bespiegelingen van reeds lang verdwenen culturen over de ware aard van het menselijk bestaan in nog nimmer vertoonde aantallen opnieuw onder de aandacht gekomen. Daarbij komt wat hedendaagse denkers hebben te bieden. Maar hoe kolossaal en overstelpend de hoeveelheid mentale kaarten en nieuwe dimensies van inzicht ook is, de allesbepalende belofte in het hart van de wijze tradities op deze aarde is tegenwoordig vaak krachtelozer dan ooit tevoren. Waarachtige wijsheid - van het soort dat ooit hele beschavingen samenbond en aan individuele mensen verklaarde wie zij waren en wat zij eventueel konden worden - lijkt ons net zo snel te ontglippen als hij volgens sommigen naderbij komt.
De eerste eruptie van dergelijk materiaal had pas plaats in de vroege jaren zestig, rond de tijd dat ik werd geboren. In de late jaren zeventig was het hele mechanisme in volle gang en ik maakte deel uit van de eerste generatie verwarde tieners die deze wonderbaarlijke supermarkt vol exotische inzichten in de verte zag glinsteren, klaar om hulp te bieden als ik dat wilde..
En ik wilde het graag.
Iedereen die zoveel boeken over wijsheid las als ik, merkte op dat in vele ervan hetzelfde karakter voorkwam: een persoon die op niemand lijkt. Dit kon een man of een vrouw zijn, maar laten we even aannemen dat het een man is. In tegenstelling tot de meeste mensen die worstelen en duelleren met een wereld die maar al te vaak afwijkt van hun liefste wensen, lijkt deze persoon een geheime afspraak te hebben met het leven en derhalve gaat alles precies zoals hij het graag heeft. Hij begeert vrijwel niets en ontvangt daarom alles.
Een flink deel van mijn leven als jonge volwassene koesterde ik de onuitgesproken hoop, dat ik ooit tegen een van deze magische types zou oplopen. In mijn fantasie zou ik op een gewone doordeweekse dag plotseling oog in oog met hem staan. We raakten op een of andere manier aan de praat en dan zou deze man me dingen gaan uitleggen - dingen die ik altijd wilde weten, maar die niemand me ooit eerder had kunnen verklaren.
Hoe langer het duurde voor ik tegen deze figuur aanbotste, hoe gewichtiger hij werd. Hij werd de ontbrekende spil, het stukje van de puzzel dat nog mist. Als ik hem eenmaal had gevonden en hij me de dingen had geleerd die ik werkelijk moest weten, zou mijn leven - dat tot dan toe zo frustrerend, vormeloos en vaag was geweest - eindelijk betekenis krijgen.
Ergens rond mijn zeventiende werd ik een toegewijd lid van de cultus rond de handboekjes vol wijsheid voor de gewone man - de dunne, recht voor zijn raap formulerende pockets met bladzijden vol adviezen hoe ik waarachtig en blijvend kon ontsnappen aan een saaie volwassenheid en alle glansloze teleurstellingen die daarbij horen. En op de krakkemikkige manier die bij tieners hoort, probeerde ik dit materiaal op mijn dagelijks leven toe te passen. In de uren dat ik moest studeren, oefende ik 'zitten in vergetelheid' - de oeroude taoïstische techniek waarbij je de geest leeg laat stromen, zodat slechts de zuivere witte ruis van het universum erdoor dwarrelt, als sneeuw op een televisiescherm nadat de programma's uit de lucht zijn gegaan. Tijdens de afwas na het eten piekerde ik over de vermaningen van Alan Watts, die hij overnam van zenmeesters en taoïsten en een beetje omwerkte, dat ik die afwas moest zijn - dat ik me moest overgeven aan de revolutionaire stelling dat in de grond van de zaak een vuil bord en mijn ego hetzelfde waren.
Maar tot mijn verrassing - en teleurstelling - veranderde ik niet werkelijk in een van die hogere, wijzere schepsels. Ik werd gewoon langzamerhand iemand met een onstilbare honger naar nog meer van zulke boeken. Zoals zovele anderen werd ik een verbruiker van recepten voor wijsheid, in plaats van een genieter van het ware, alles veranderende voedsel dat deze recepten zo welluidend beschreven. Verliefd op een genre dat beloofde mij om te zetten in een ongebruikelijk soort volwassene, nam die belofte me uiteindelijk zo op sleeptouw, dat het me extra tijd kostte om een normaal mens te worden.
Hoe kwam dat? Lag het aan de boeken die ik las, of aan hoe ik ze las, of misschien aan een mysterieuze andere invloed?
Ik heb het vermoeden gekregen dat mijn verprutste kennismaking met de wijsheid deel uitmaakte van een grootschaliger tendens - dezelfde tendens die ik vandaag de dag zie heersen. Ik vermoed eveneens, dat het kernprobleem dat voortkomt uit onze hedendaagse zucht naar wijsheid, draait om risico en opoffering: wat wij bereid zijn aan de wijsheid te schenken ten einde er iets van terug te ontvangen. Alle besnijdenis en inkervingen, de gedwongen uithongering en uitputting, de piercings en tatoeages, het bloed en gebroken tanden waarmee zovele primitieve rituelen rond het verwerven van wijsheid gepaard gingen, zijn in ieder geval een illustratie van het feit, dat als we wijsheid met succes willen benaderen, wij degenen zijn die ons er geschikt voor moeten maken en niet andersom. Juist die oproep tot een onvoorwaardelijke inzet - toewijding aan het complete spectrum van inspanningen om wijsheid te verwerven - is verloren gegaan in de moderne wijsheid-mallemolen.
Een nieuw bataljon aan stemmen der wijsheid heeft de plaats ingenomen van Watts, Castaneda en hun soortgenoten en de harde, aardverschuivende woorden van de waarachtige wijsheid hebben plaatsgemaakt voor een zacht, troostend gepruttel - de slaapliedjes van wijsheid als commercieel product. Dit proces kent zeker zijn interessante bijverschijnselen. Nu de handboeken vol wijsheid zijn vervangen door zalfjes die het gevoelige huidje van ons innerlijke zelf moeten oliën en geen venijnige prikkels meer zijn om dat zelf achter ons te laten, komt de behoefte aan een diepgaande, ingrijpende omwenteling elders weer naar boven, op onverwachte plekken en soms op onaangename manieren. Jonge mensen verslinden tegenwoordig misschien met botte pen geschreven boeken die stellen dat alles dik in orde is, maar ze zijn ook gretig op zoek naar signalen die het leven kunnen klieven. Als ze niet in de rij staan voor films als Scream of Nightmare on Elm Street, laten ze aan de andere kant van de winkelpromenade hun vel piercen en imiteren zo op onbeholpen wijze de lichamelijke schade waar in andere tijden het verkrijgen van wijsheid als initiatie mee gepaard ging.
De duistere types met een sinistere capuchon en een flitsend mes die de films bevolken waarop jongeren zo dol zijn, symboliseren een figuur die verloren is gegaan: de persoon die hen kan inwijden - de volwassene die thuishoort in het randgebied van de rauwe werkelijkheid en komt vertellen dat bij de grote mensen het leven toch niet zo volmaakt is. Dat de andere, verborgen kant van het bestaan meer van ons kan eisen dan waarop we hadden gerekend.
Dit is een mededeling die compromisloos, kernachtig en ernstig is. Hoe meer we die aan onze smaak aanpassen of hem vermenigvuldigen en manipuleren om aan onze wanhopige hang naar nieuwigheidjes te voldoen, des te meer lopen we het risico dat we verdwalen in de talrijke varianten aan waarachtige wijsheid die we inmiddels hebben verzameld - waarmee we de belofte ervan dan totaal voorbijlopen.
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.