|
|
Als het eten gast aan tafel is
Bij een Italiaanse maaltijd merk je pas echt dat eten niet alleen goed is voor het lichaam, maar ook voor het sociale leven.
Een paar maanden geleden kreeg ik twee uitnodigingen voor de lunch, de ene in Italië en de andere in Engeland. De uitnodiging in Italië nam ik aan, die in Engeland niet. Dat was ook eigenlijk geen uitnodiging, maar een 'aanbieding': vrienden van me nodigden me uit gebruik te maken van een actie van een trendy restaurant dat klanten probeerde te trekken.
Voor de andere lunch, waar ik wel naartoe ging, was ik uitgenodigd door een familie die een kleine Fiat-garage bezit. De familie woont in een klein appartement boven de garage aan de rand van een dorp waarachter zich een door hoge heuvels omzoomde vlakte uitstrekt. In dat middeleeuwse dorp op de top van een van die heuvels kom ik vaak. De oudste zoon van de familie studeert - al eindeloos lang in alle eenzaamheid - Engelse letterkunde. Om hem te helpen, praat ik af en toe met hem over zijn studie. De lunch is dus onderdeel van een handeltje - al is het geen zakelijke handel - want ik ben niet van plan een auto te kopen of te laten repareren. Het is natuurlijk niet helemaal eerlijk om een lunch in een restaurant te vergelijken met een lunch bij iemand thuis. Toch doe ik het, want deze twee gebeurtenissen vertegenwoordigen twee uitersten in de betekenis van eten in het menselijk bestaan.
Iedere dag horen we wel, dat we omwille van de aarde en onze gezondheid terug moeten naar seizoensproducten en naar gezonde wijzen van voedselproductie. Maar voedselconsumptie -eten - kan ook belangrijk zijn voor de sociale en psychische gezondheid. Over dat aspect wordt zelden gesproken.
Het eten bij de garage-lunch bestond inderdaad uit seizoensproducten uit de streek. Maar ten minste zo belangrijk was, dat de makers ervan familieleden en buren waren: de olie was afkomstig van de olijven van de grootvader, de sla en groente kwamen uit de tuin van de familie, de wijn was afkomstig van de wijngaard van een oom een kilometer of vijftig verderop, de kip kwam van het eigen erf en het andere vlees van de plaatselijke veehouder. Aangezien het om een bijzondere lunch ging, waren twee onderdelen in een winkel gekocht: een taart en de mousserende wijn. Maar het belangrijkste is, dat de familie de makers van de ingrediënten goed kende.
Misschien is dat de reden waarom ik bij die lunch - zoals bij alle etentjes die ik ooit in Italië heb meegemaakt - het ondefinieerbare gevoel had, dat het onbeleefd is om niet uitgebreid over het eten te praten, alsof ook dat een gast was. Niet omdat het eten uit originele gerechten van de kok bestond - integendeel, iedereen uit de streek, oud en jong, kent ze, ook de oudste inwoners kennen ze uit hun vroegste herinneringen. Maar als je te snel een gesprekje over andere zaken begint, krijg je het gevoel dat je iets verstoort. Praten over eten is een blijk van waardering en respect - niet voor de kunst van de kok, maar voor het eten zelf. Zoiets als bidden voor het eten, alleen veel genuanceerder en respectvoller. Het is niet louter lof - het basilicum, de cichorei of rucola van deze of gene is veel meer of minder sterk van smaak, de tomaten van dit jaar worden vergeleken met die van vorig jaar, Eloide's gebruik van uien wordt besproken. En het gesprek kan ook verder reiken: iemand heeft gehoord dat in de Veneto radicchio gekookt in plaats van rauw wordt gegeten, dat een vriend zoute koekjes heeft meegebracht, een specialiteit van Apulië.
Je hoeft niet 'geïnteresseerd' te zijn om een plaats aan tafel te verdienen. Als je maar aandacht hebt voor het eten. De kok hoeft ook geen 'interessante' gerechten te bereiden. Tutta roba buona, tutta roba nostra - allemaal goed eten, allemaal van onszelf - zei de moeder steeds maar weer vol trots. En 'handigheid' met eten of 'ingenieus' koken zijn ongewone begrippen. Eten is hier niet alleen voedsel voor het lichaam, het voedt op een onuitgesproken, eenvoudige wijze ook de familie en de sociale contacten. Iedereen - uit alle inkomensklassen - kan over dezelfde bronnen van voedsel en dezelfde keukentradities beschikken. De mensen komen nog steeds tussen de middag thuis eten. Het middageten duurt lang en fungeert als een rem op het werk. Het middageten herinnert de familieleden aan hun familie.
Voedsel staat centraal als er iets te vieren valt: aan nationale feesten komen vaak traditionele gerechten te pas, familiefeesten bestaan onder andere uit uitgebreide maaltijden met seizoensproducten, de meeste streken kennen een eetfestijn van een week of langer wanneer de eerste producten van het seizoen zich aandienen: asperges, kastanjes of paddestoelen. Mensen van alle leeftijden, ook tieners, doen zich eraan te goed. En er zijn bijzondere gelegenheden zoals mijn lunch. Die was ter ere van mij. En het was ook aan mij om de maaltijd eer aan te doen.
De actielunch die ik afwees, was een onderdeel van de januari-uitverkoop. Een bon uit de Financial Times bood de mogelijkheid om voor weinig geld te lunchen in een aantal restaurants waaraan aandacht was besteed in de media. Het eten zou 'goed' zijn - misschien wel beter dan bij mijn garage-lunch - bereid door een rijzende ster aan het kookfirmament. En de wijn zou speciaal bij het gerecht worden gekozen. De design-inrichting zou aantrekkelijk en interessant zijn. Dat alles is - ik erken het zonder hatelijkheid - een eerbewijs aan talent en fantasie. Het probleem is de gelegenheid zelf. Er is iets willekeurigs en intimiderends aan. We worden uitgedaagd tot een wedstrijdje in 'smaakontwikkeling', zoals de koks moeten meedoen aan een soort Olympische Spelen voor voedselconsumenten. Waarna er vooral veel wordt opgesneden en weinig gevierd. Zorgelijke stelletjes gaan vergelijken wat ze hebben 'gekregen' met wat ze hadden kunnen 'krijgen' en wat kennissen van hen 'kregen'. Het zijn allemaal vreemden. Het uitje heeft niets te maken met het seizoen, het verbouwen van voedsel, de verbouwers en makers, andere generaties, een gemeenschappelijke aanleiding om iets te vieren, de woonplaats van de aanwezigen en het brengt de aanwezigen ook niet nader tot elkaar. Ik ben niet gegaan, omdat ik zulke uitjes niet meer leuk vind.
Begrijp me niet verkeerd: de grote herwaardering van de kookkunst in onze openbare gelegenheden is een loffelijke zaak, want nergens is de aandacht voor eten en koken tegelijk met andere huiselijke aspecten zo verloren gegaan als in Groot-Brittannië. En misschien zal er mede dankzij die herwaardering weer meer aandacht komen voor voedsel en eten. Maar in Groot-Brittannië is eten iets wat sociale klassen en milieus en de verschillende generaties van elkaar scheidt in plaats van verenigt. En om de waarheid te zeggen, ook Italië wordt al lang bedreigd door de baronnen van de voedingsmiddelenindustrie: 'gemaksvoedsel' en massaproductie houden de ongedurige jongeren weg van de familiedis en moedigen hen aan de hele dag te 'grazen' in plaats van te eten, er is sprake van continue bevordering van eetverslaving op de televisie, McDonald's staat voor de poort van elke historische stad, noem maar op. Maar Italië - hoe modernissima ook - is een sterker bolwerk dan Groot-Brittannië tot nu toe was. Daardoor kun je daar nog steeds de rol van voedsel, de levenscyclus, het verstrijken van de seizoenen en andere jaarlijkse gemeenschappelijke gebeurtenissen in menselijke relaties zien en je kunt er echt merken, dat voedsel niet alleen goed is voor het lichaam, maar ook voor het sociale leven.
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.