Email   Print

Een rampencultus

De wereld moet zich concentreren op haar succes, niet op haar falen.

Marco Visscher | 27 juli/augustus 1999 issue

Wegkwijnende kranten met vergrijzende lezers? Televisiezenders met louter amusement? De mediadeskundigen zaten er helemaal naast. Nieuws is een exploderende industrie geworden. Toegegeven, de tijd zit mee. Oorlog in Kosovo, de Bijlmer-enquête, de val van het kabinet. Dagelijks biedt de Nederlandse televisie zo'n zestien uur nieuws en actualiteiten, in de zomer verschijnen Metro en Spits, en steeds meer kranten worden ook elektronisch gepubliceerd. Dat zal nog wat worden, als de oorlog voorbij is, als er weer een nieuw kabinet is aangetreden. Waarmee verdienen al die nieuwsjagers dan hun brood? Ongetwijfeld nog steeds met het brengen van onheilspellend nieuws. Journalisten hebben gekozen voor ongeluk, schandaal en catastrofe, schrijft de Duitse filosoof Peter Sloterdijk in zijn essaybundel Mediatijd, die binnenkort verschijnt en een voorpublicatie beleefde in Filosofie Magazine (mei 1999). Een buitenaardse bezoeker zou, volgens Sloterdijk, kunnen denken, dat onze religie bestaat uit 'een rampencultus waaraan de leden van de soort zich eenmaal of meermalen per dag thuis voor hun flikkerend rechthoekig huisaltaar overgeven'. De mensheid zou zich hebben verenigd in een 'gemeenschappelijke, bezorgde extase bij het zien van de openbaringen van het erge, gewelddadige en mislukte'. Zo'n bewustzijnsvorming van de massa moet wel gevolgen hebben, meent Sloterdijk. Een dagelijkse dosis slecht nieuws is ongezond en heeft een nog onbekend effect, maar Sloterdijk vreest voor een cultuur met een voortdurende dreiging van mondiale paniek. In zijn eigen woorden: 'In een synchrone wereld, waarvan de coherentie door de betrokkenheid van reusachtige populaties bij actualiteiten verregaand wordt gegarandeerd, is te voorzien dat een bepaald type van uitgesproken slecht nieuws juist deze populaties met angstaanjagend gemak tot panische reacties zal kunnen brengen'.

Schrijver en filosoof Umberto Eco ziet een andere beweging in de nieuwsmedia: roddel is de belangrijkste interesse van de pers geworden. Natuurlijk, schrijft Eco in New Statesman (18 december 1998), heeft hij wel het televisienieuws gezien met 'de dood van bekende mensen, milieurampen, broeinesten van oorlogen', maar de krant van de volgende dag heeft toch vooral roddels te brengen. Dat is niet alleen zo in Italië - zoals Eco aanvankelijk dacht - het is een westers verschijnsel. Te meten aan de aandacht voor de buitenechtelijke slippertjes van Bill Clinton geen schokkende waarneming. Volgens Eco is dit een groot probleem met gevolgen voor de democratie. 'Als de media zich toespitsen op roddel, betekent het, dat de samenleving ziek is.' Tot eenzelfde conclusie komt The Washington Monthly (december 1998), dat tevens bij het grote publiek een opmerkelijk inzicht in de eigen dubbelzinnigheid signaleert. Immers, nog geen twintig procent van de krantenlezers en televisiekijkers schat de ethische waarden van nieuwsjagers hoog in, maar intussen verdubbelde de losse verkoop van 'serieuze' tijdschriften waarvan Monica Lewinsky het voorblad sierde.

De weg naar een betere (media)wereld lijkt zo eenvoudig: breng meer goed nieuws. Wanneer de nieuwsindustrie de zienswijze van de wereldsamenleving omvormt in een succesverhaal, filosofeert Sloterdijk verder, zal dat mensen stimuleren de tegenslagen te overwinnen op weg naar de uiteindelijke triomf voor alles waarvoor wij staan. 'De moderne wereld moet zozeer in de ban raken van haar eigen succes, dat ze voldoende stimulerende motieven ingeblazen krijgt om met haar onderneming verder te gaan.' Daar ligt een schone taak voor ons te wachten.



Tools: Bespreken | Email | Print | RSS | Nieuwsbrief
Save/Share:
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google
  • Facebook
  • YahooMyWeb
  • StumbleUpon
  • Blue Dot
  • Technorati
  • Reddit
Comments
Post a comment

You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.