|
|
Van dark rooms naar sekstempels
Het leven op aarde is aanzienlijk ouder dan seks. Lang geleden smolten twee celkernen gewoon samen om nog meer cellen te maken. Simpel. Niks geen voorspel, meervoudige orgasmes of impotente celkernen. Op de evolutie gezien is seks een tamelijk nieuw verschijnsel, vandaar misschien dat we het nog niet helemaal onder de knie hebben. Beginnersproblemen? Niet helemaal, want er schijnen evolutionaire fasen te zijn geweest waarin seks, spiritualiteit en liefde vanzelfsprekend samengingen. Ode gaat op zoek naar de liefde achter de lust.
In het Indiase stadje Khajuraho werd in de tiende en elfde eeuw een opmerkelijke serie 'sekstempels' gebouwd. Tempels met de meest expliciete voorstellingen van erotische ontmoetingen. Mannen en vrouwen in allerlei standen. Zelfs mensen met dieren. En dat alles in bouwwerken die omhoog reiken naar God. Want seks was de weg naar spiritualiteit en Khajuraho was een poging om het geheim van seks naar buiten te brengen. De westerse samenleving deed in deze tijd haar uiterste best de zaak zoveel mogelijk te onderdrukken en binnenskamers te houden. Eeuwenlang heeft zij zich geen raad geweten met seks. Taboes moesten de grote, overrompelende kracht beteugelen. Seks was van de nacht, seks was mysterieus - en daarom ook vies - en speelde zich stiekem af in het donker. Het keerpunt kwam in de jaren zestig. Ineens moesten taboes worden doorbroken, ineens moest alles open. Seks kwam niet alleen van het donker in het licht; nee, er werd een schijnwerper opgezet! Vanaf nu moest alles kunnen. Leve de vrijheid!
Maar de nieuwe vrijheid voerde niet - zoals in Khajuraho - 'omhoog'. Vrije seks werd gekoppeld aan het oprukkende individualisme en materialisme. Seks werd mechanisch, fysiek. De dark room - waarin je niet eens meer kunt zien met wie je wat doet - verandert het laatste stukje intimiteit in anonimiteit. De mens werd een (neuk)machine, slechts instrument voor een anders genot. De taal past zich aan: machines voelen niet, ze presteren. Hulpstukken, glijmiddelen en vervangbare onderdelen - zoals siliconenimplantaten - moeten 'performance' en 'potentie' verhogen. Het is, alsof je een accountant hoort praten. Liefde wordt niet meer gedeeld, maar geconsumeerd. We hebben geen echtgenoot of vriendin, maar een sekspartner.
De bejubelde vrije seks is bezig de samenleving te slopen. Seks is overal. Expliciet in steeds meer programma's op steeds meer zenders. Impliciet in vrijwel elke reclame, advertentie, poster of elk billboard. Zelfs het ministerie van verkeer weet niet beter dan automobilisten met seks - 'wisselende contacten', 'ongewenste intimiteiten' - tot beter rijgedrag te bewegen. Tien jaar geleden was seksverslaving voor organisaties als de Rutgers Stichting en de NVSH nog geen erkend verschijnsel. Thans spreken medewerkers van deze organisaties openlijk hun zorg uit over de opmars van seks op televisie. Want: prostitutie en seksfilms kosten geld, waardoor gebrek aan geld een seksverslaving nog kan beteugelen. Als seks gratis op de televisie wordt vertoond, is ook die laatste rem weg.
In de nieuwe vrijheid komen mensen steeds meer angstig alleen te staan. We blijken minder in staat emotionele en spirituele verbindingen te maken en grijpen naar seks als de laatste prikkel die ons leven betekenis geeft. Seks wordt van levensbelang. We raken geobsedeerd als kleine kinderen die steeds meer willen hebben, hebben, hebben... We stoppen ons vol, maar verteren niet. In de woorden van Freud: we spreiden op een gewelddadige en obsessieve manier datgene ten toon wat we niet volledig bezitten of ten diepste tot onze beschikking hebben. Als we seks met overdrijving en vol preoccupatie naar buiten brengen, hebben we het hart van seks niet gevonden, en hebben we seks niet tot een volledig geïntegreerd deel van het individuele en sociale leven gemaakt. Gezien de overweldigende stortvloed van seksuele beelden in alle media is het duidelijk, dat we ons met seks geen raad weten. Hij die weet, praat niet. Hij die praat, weet niet. In een wanhopig verlangen om seks te doorgronden, gooien we alles open. Alle remmen los. Maar op deze manier zullen we de kern van seks - intimiteit - nooit doorgronden. Integendeel: intimiteit kan zich niet in het openbaar afspelen.
Een citaat: 'Uiteindelijk genieten op maandagavond een miljoen mensen van dat programma. Ze vinden het leuk om te kijken, ze vinden het lekker om de 06-lijnen te bellen en ze vinden het prachtig om zich af te trekken op Internet. Ga lekker je gang. En blijf vooral roepen dat ik een ranzige pornoprins ben, ik vind het allemaal best. Aan het einde van de dag rijd ik naar huis en trek de deur achter me dicht. En dan hoor ik niets meer. Helemaal niets.'
Aan het woord is de maker van het televisieprogramma 'Seks voor de Buch', Menno Buch. Hij spreekt als een wapenhandelaar of zelfs als de marketeer die het niets meer kan schelen hoe gemanipuleerd de sojabonen zijn, als hij maar verkoopt. De wapenhandelaar geldt algemeen als een onverantwoorde ondernemer. Ja, er is een markt voor wapens. Maar dat betekent nog niet, dat het - moreel gesproken - een goede zaak is om ze te maken en te verkopen. Het is de vraag of sociologische onderzoekers ooit zullen bewijzen, dat seksprogramma's op de televisie zullen leiden tot meer incest of meer verkrachtingen. Intussen gokken de televisiestations op de morele waardigheid van hun kijkers. En wat dat betreft, voorspelt de ranzigheid van de programma's weinig goeds: hoe denkt de moeder die voor de camera's haar fantasie van een vrijpartij met een agent in uniform heeft uitgeleefd, de volgende dag op het schoolplein van haar dochtertjes te verschijnen? En wat doet die andere agent, die naar het programma keek, en die de vrouw in kwestie een dag later op straat tegenkomt? De televisiemakers spelen met een vuur dat door de commercie is aangestoken en waarin elk moreel kapitaal verbrandt: het geld heeft de liefde gestolen. Menno Buch en zijn televisiebazen zijn als ondernemers even onverantwoord bezig als wapenhandelaren die hun producten gretig verkopen zonder zich te bekommeren om de vraag wie met die wapens wat gaat doen.
Wapens maken samenlevingen kapot. Hoe vaak uiten wij niet kritiek op de Amerikanen, die vrij wapenbezit toestaan en zeggen we, dat het geen wonder is dat het land door criminaliteit wordt geteisterd? Wie wapens vrijgeeft, doorbreekt een morele grens en daarmee worden gevaarlijke krachten losgelaten. Seks is ook gevaarlijk. Slippertjes kunnen huwelijken vernietigen. Seks is een kracht die wij niet beheersen. Sinds de jaren zestig wordt de 'veilige seks' gepredikt. Maar 'veilige seks' is net zoiets als vreedzame kernwapens. Die veiligheid gaat over zwangerschap en geslachtsziekten of aids. Niet over de essentie van seksueel contact - die gaat over gevoelens. Seks is emotioneel uiterst onveilig. In de platte seks op televisie gaan mensen geen relaties aan, ze gebruiken elkaar. En vroeger of later voelt iemand zich dus gebruikt.
Is dit dan een pleidooi voor een terugkeer naar de kuisheid, naar de taboes van vroeger? Nee, de sleutel ligt niet in het verleden. Het antwoord ligt ook niet in regelgeving en opgeheven vingers - ook al kun je je afvragen waarom je de samenleving door de commercie met seks zou laten overspoelen als adverteren voor roken straks niet meer mag en geen weldenkend mens overweegt om reclame te gaan maken voor wapens? De tijd is voorbij dat een of ander hoger gezag vanaf de kansel bepaalt wat wel of niet goed is voor de burger. Het leven - geluk - is een individuele verantwoordelijkheid. Ethiek is een persoonlijke zaak. Het heeft geen zin om met verachting te wijzen naar 'wapenhandelaar' Menno Buch, als wijzelf niet bereid zijn om de televisie uit te zetten. Was het niet John Lennon die zong: What if it was war and no one went?
Er staat veel op het spel. De moderne sekscultuur is een uiting van verveling, van decadentie. 'Het ziet er hartstikke gezellig uit', zei de Amsterdamse burgemeester Patijn onlangs tijdens een rondwandeling over de Wallen. Het is een uitspraak waaruit vooral onmacht spreekt. En wat er ook over het circus van de Gay Games te zeggen is, met decadentie heeft het zeker te maken. Snelle, vrije seks staat - voor de samenleving essentiële - duurzame verbintenissen in de weg. Als je liefde devalueert tot individueel genot, dan devalueer je ook de bijbehorende waarden. Je maakt de samenleving 'waardeloos'. Een samenleving zonder waarden als zorg, saamhorigheid en verantwoordelijkheid valt uit elkaar, desintegreert. Decadentie is een kenmerk van een neergaande cultuur, zoals beroemde 'beschavings-watchers', als Oswald Spengler en Arnold Toynbee, vaststelden bij hun historische studies van beschavingen. Als de verveling toeslaat en er geen doel meer is om voor te leven, valt het doek van een cultuur. Zo is het gegaan met de Chinezen, met de Egyptenaren, de Grieken en de Romeinen.
Seks is niet een geïsoleerd verschijnsel. Je kunt seks niet loskoppelen van liefde, huwelijk, gezin en samenleving. Het is de energie die mannen en vrouwen samenbrengt. Uit dat samenzijn wordt de toekomst geboren. Als geliefden alleen met elkaar te maken hadden, hoefden ze niet te trouwen. Trouwen doen ze voor de gemeenschap. Een huwelijk bezegelt, dat liefde en trouw voorgaan boven begeerte en profijt. En die liefdesvlam wordt gevoed door seks. Thomas Moore schrijft in zijn zojuist verschenen boek 'De ziel van seks' (Ambo, 1998): 'Echtelijke seks is in feite een vorm van ecologie - een manier om in de wereld verantwoordelijkheid te nemen voor onszelf, bij te dragen aan de totstandkoming en ontwikkeling van de gemeenschap en het zaad van de liefde te zaaien in een wereld die hunkert naar harmonie.'
Het is een kunst om de liefdesvlam brandend te houden. Om te voorkomen dat seks in een huwelijk saai wordt. Maar die kunst beoefenen is meer dan zinnelijk genot nastreven - het is meer dan de laatste tips van Cosmopolitain in praktijk brengen - het is je eigen leven betekenis geven in het samenvloeien met een ander. Juist seks wijst naar een nieuw levensdoel. Eros is een tiran die de mens in zijn greep neemt, schreef Plato. Maar eros is ook de scheppende levensenergie waaruit alles voortkomt. Zoals de hindoes in Khajuraho al ontdekten: seks heeft te maken met spiritualiteit. Met hogere waarden. De uitdaging is om seksualiteit en seksuele energie werkelijk te doorgronden. Om een weg te vinden voor eros, zodat die overweldigende energie de mens niet in driften meesleurt - daarin ligt het geheim van seks. Die zoektocht voor minnaars is dezelfde als die voor de consument die ontdekt dat méér kopen niet gelijk staat aan méér geluk. Het gaat om kwaliteit, niet om kwantiteit. Het gaat erom seks en liefde bij elkaar te brengen. Daartoe moeten we seks meer toelaten, onszelf meer blootgeven: jezelf echt geven aan een ander in plaats van die ander te 'gebruiken' als een instrument voor eigen genot. Met je eigen ziel een andere ziel ontmoeten op een ontastbaar niveau. Die ander kennen en eren, je aan haar of hem toewijden. In die ontmoeting ligt de betekenis van het menszijn verborgen. Daar ligt de vervulling, het ultieme 'plezier' dat elk mens zoekt. De paradox is, dat juist seks naar dat doel kan voeren - niet in een dark room, wel in een tempel.
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.