|
|
Liefde voor de auto en zijn weg
Het bestaan als een aaneenschakeling van brillen die op en af worden gezet. Opzetten gaat sluipend, ongemerkt, het resultaat van jarenlang de paplepel krijgen. Waarom zou een rimpelige huid lelijk moeten zijn? Dat is maar aangepraat. Op grond waarvan zou de ene vrouw aantrekkelijker moeten zijn dan de andere? Lijkt alleen maar zo. Verliefd worden, die onverklaarbare fixatie, het summum van brildragen. Ik haat verliefdheid, liever nog verzwik ik een enkel dan door die roze kijkglazen te moeten kijken. De strijd is ongelijk, er is weinig verweer, zonder dat je er erg in hebt schiet het erin. Verliefdheid, de sluipende bril. Hoe krijg je dat ding weer af. Niet zo makkelijk. Knokken, hergroeperen, streng zijn, zachte heelmeesters maken stinkende wonden. Na een paar maanden is de bril weg. Maar opgepast. Jarenlang kan hij akelig vlakbij blijven. Een moment van onoplettendheid en daar, slapjanus die je bent, zit hij weer op je neus. Blijf concentreren, niet verslappen.
Ik zet liever een bril af dan op. Op gaat vanzelf, af nooit, af is moeite doen. De dag dat mijn vader van zijn voetstuk viel. Ik kan me niet herinneren dat ik daar moeite voor heb gedaan. Onbewust misschien omdat een jongeman niet volwassen kan worden als hij blijft denken dat zijn vader de sterkste en de beste is. Mijn vader, die zijn rijbewijs haalde in 1929 toen in Amsterdam amper duizend auto's rondreden. Dat is nog geen auto per straat. Met medeweggebruikers heeft hij nooit rekening leren houden. In 1965 - toen ik veertien was - begon het echt druk te worden op de wegen. Vooral Õs zondags, we reden vooral Õs zondags. Het begon op te vallen hoe hij zijn spiegels niet gebruikte bij het inhalen. Toen hij weer zonder te kijken en nu vlak voor een vrachtwagen de linkerbaan op wilde duiken, gaf ik een ruk aan het stuur. Dat moment. Sorry pa, het moet even, ik kom er niet onderuit. Autorijden kon je niet. Maar je hebt me de liefde voor de auto bijgebracht, dat is veel belangrijker, daar ben ik je eeuwig dankbaar voor. Wie niet van verkeer kan houden, heeft het zwaar in een land waar meer auto's zijn dan volwassen mannen. Daarom moet iedere generatie die fascinatie doorgeven voor alles wat zich op de openbare weg voortbeweegt. Anders wordt het ondraaglijk hier, erger je je dood aan dat blik op straat. Soms lijkt het zo moeiteloos te gaan, alsof een paplepel er helemaal niet bij nodig is, alsof bij de mens de liefde voor alles waar een stuur aan zit, al in de genen van de ongeboren vrucht ligt opgesloten.
Ik ken een alleenstaande moeder. Haar zoontje is twee. Het zoontje heet toevallig ook Hans. Hans zijn moeder heeft niets met auto's, en er komt niet dagelijks een man over de vloer die wel iets met auto's heeft. En toch was het tweede woord dat hij zei 'auto'. Het eerste was, beweert zijn moeder opgelucht: 'mamma'.
's Morgens als Hans uit zijn ledikant wordt gehaald, is zijn eerste gang naar de plek waar zijn auto's geparkeerd staan. Hij pakt er een en legt er een denkbeeldig parcours mee af langs plinten, kastranden en om tafelpoten heen. Tot een eindpunt, meestal een drempel. Een tweede auto maakte dezelfde rit tot het eindpunt, waar hij naast de eerste wordt geparkeerd. Zo versleept Hans het hele wagenpark van de ene drempel naar de andere. Hij is nog geen twee. Zijn moeder vind het allemaal best, sommige kinderen houden van iets zachts, zegt ze, en andere willen juist iets hards. Zij heeft hem nooit op auto's gewezen, hij kwam er zelf mee.
Als ze ergens naar toe gaan, pakt hij zelf een tas en stopt zijn auto's daarin. Zo gingen ze een keer naar een bevriend echtpaar waarvan de man net voor zichzelf een speelgoedauto had gekocht. Een grote, rode speelgoedauto. De deurtjes konden open, de kofferdeksel, de motorkap. Je kon de motor zien zitten, de versnellingspook, de snelheidsmeter. De fout is geweest, dat de grote man de auto heeft uitgepakt waar de kleine man bij was. Op een of andere manier moet de kleine gedacht hebben dat de rode auto een cadeau was, voor hem. Zolang ze daar waren heeft hij met dat ding langs plinten en kastranden gereden. Zijn eigen meegebrachte autootjes zijn niet uit de tas geweest. Toen het tijd werd om op te stappen, klemde hij het ding met man en macht vast. Zijn moeder op hem inpraten dat hij het terug moest geven. Toen ze beneden aan de trap stonden en hij al in de kinderwagen zat, hield hij het ding nog steeds in zijn armpjes geklemd. Nu moest er worden opgetreden, moeder pakte de auto met enig geweld af, gaf hem terug aan de rechtmatige eigenaar en duwde haar kinderwagen met inhoud de straat op. Meteen zette ze flink de pas erin. Daar begon de kleine Hans te krijsen, zo vreselijk als hij nog nooit had gekrijst. Toen ze wat vaart minderde om een hoek om te slaan, wurmde hij zich uit de kinderwagen, liet zich op de straattegels vallen en rende met zijn kromme kinderbeentjes terug. Hij wist nog waar het was. Door de brievenbus begon hij 'auto, auto' te jammeren. Het einde van het liedje was dat zijn moeder de rode speelgoedauto heeft meegevraagd, ze voorzag anders een helse nacht.
v Maar mèt auto was het ook geen pretje. Hans was niet in slaap te krijgen, alsof hij zijn ogen niet meer durfde te sluiten uit angst dat het ding hem opnieuw zou worden opgepakt. Als zijn moeder polshoogte kwam nemen, trok hij met een verwilderde blik de motorkap open en riep: 'motor, motor'. Ook scheen hij gebiologeerd door de deurtjes die open en dicht konden. Daarbij riep hij steeds 'open, dicht, open, dicht'. Naar binnen kijken, naar het dashboard, het stuur en de stoelen. En parkeren de volgende dag en de dagen daarop, om de vertrouwde tafelpoten rijden, de plinten en de kastranden. Het was duidelijk dat hij onherstelbare geestelijke schade zou oplopen als deze auto alsnog van hem werd afgepakt. Een van de deurtjes had het trouwens al begeven. Moeder is naar de speelgoedwinkel gegaan en heeft precies dezelfde grote rode auto gehaald. Die heeft ze aan de grote man gegeven die voor zichzelf een speelgoedauto had gekocht.
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.