|
|
Ideeën rennen als konijnen door je bewustzijn
Creativiteit vraagt om een uitdaging die een ideeënstroom op gang brengt. Als die stroom op gang is, is het een kwestie van de ideeën grijpen en vasthouden. Geen mystiek, geen talent: gewoon doen, want iedereen is creatief.
Als we het over creativiteit hebben, is er goed nieuws en heel goed nieuws. Het goede nieuws is dat de raadselen van het creatieve proces eindelijk terrein verliezen aan een doortastende wetenschappelijke analyse. Het hele goede nieuws is dat je bij toepassing van de juiste methode je eigen creatieve productie met een factor tien of meer kunt opschroeven. Waardevolle creatieve ideeën zijn bereikbaar voor iedereen - zonder uitzondering. En daarbij komt dat een grotere creativiteit leidt tot een groter levensgeluk. Zelf iets scheppen is op zich voor de meeste mensen al een bron van vreugde. En gewapend met nieuwe creatieve vermogens zijn we beter opgewassen tegen de kleine probleempjes waar we dagelijks tegen oplopen. Er kondigt zich een explosie aan van creatieve energie. Daarbij vergeleken zouden de prestaties van de Renaissance wel eens in het niets kunnen vallen.
Waar blijft die vloedgolf als creativiteit zo makkelijk bereikbaar is? Als ik tegen een groep van honderd mensen zeg: 'Wil iedereen die zichzelf creatief vindt, zijn of haar hand opsteken', waarom gaan er dan maar tien handen de lucht in? Waarom zitten topmanagers, hoge ambtenaren, politici, misdaadbestrijders, docenten en ouders allemaal zo verlegen om nieuwe ideeën? Waarom zijn beeldende kunst, muziek en literatuur in handen van een miniem deel van de bevolking - terwijl wij met z'n allen alleen maar toekijken? Er dringen zich twee antwoorden op en die zijn beide nogal verontrustend. Ten eerste wordt ons creatieve potentieel zo goed als uitgeschakeld in de eerste schooljaren. Leraren zijn de eersten om dit toe te geven. Ik hoorde onlangs van een crècheleider: 'Ongelooflijk dat ik betaald word om elke dag zoveel lol te hebben - voordat de kinderen worden verpest.' Verpest? 'Nou ja,' zei hij, 'in groep 1 moeten de kinderen de hele tijd werken. Er is geen tijd meer om te dollen omdat ze zoveel moeten leren. Ze mogen tegenwoordig niet eens meer dagdromen. Het is nog een wonder dat er een paar later toch nog kunstenaar of uitvinder worden. Terwijl op de crèche alle kinderen kunstenaar en uitvinder zijn.'
En er is nog een reden waarom creativiteit zo dun gezaaid is: de mythen omtrent creativiteit zijn diep in onze cultuur verankerd. Mythen hebben een enorm sterke uitwerking op ons dagelijks gedrag, vaak op een voor mensen nadelige manier. Als mensen bijvoorbeeld geloven dat de aarde plat is, zullen ze zich niet zo snel erg ver op zee wagen, en dus blijven 'verre kusten' onontdekt. Ook in het geval van creativiteit houden mythen de meeste mensen veilig aan de wal. 'Alleen kunstenaars zijn creatief', en 'creativiteit is een zeldzaamheid', krijgen we te horen. 'Creativiteit is een mysterie, een wonder en iets goddelijks', zeggen de mensen. 'Het zit in de rechter hersenhelft', weten de krantenkoppen zeker.
Geen van deze opvattingen is juist, niet eens een beetje. In de praktijk is de mythe van de rechter hersenhelft onzin, aangezien vrijwel niemand een gespleten brein bezit. De twee helften van onze hersenen worden verbonden door een zeer omvangrijke structuur en de helften communiceren ook met elkaar via de zintuigen. Creativiteit kan binnen de hersenen niet precies worden gelocaliseerd en mensen die beloven om je 'creatieve hersenzones' te reactiveren, proberen je alleen maar lekker te maken.
Genoeg gepraat over mythen. Hoe zit het met de wetenschap? In de jaren '70 begon ik aan onderzoek met dieren in samenwerking met de gedragswetenschapper B.F. Skinner, en raakte geboeid - geobsedeerd is een rakere omschrijving - door het verschijnsel dat veel interessant gedrag dat we bij onze proefdieren waarnamen, nooit was aangeleerd. Soms gaven we ze een bepaald soort training en kwam er vervolgens een heel nieuw soort, vaak zeer complex gedrag te voorschijn. Ik besefte uiteindelijk dat het nieuwe gedrag niet willekeurig was maar op een ordelijke manier gekoppeld was aan het wèl aangeleerde gedrag. In de loop van de tijd werden mijn studenten, collega's en ik steeds behendiger in het aanleveren van een bepaald soort minimale training, die dan onvermijdelijk leidde tot het ontstaan van een specifieke, veelzijdige, nieuwe gedragsvorm - die met recht 'creatief' mocht heten. Onze slotconclusie luidde: 'eerder ontstaan gedrag neemt in nieuwe situaties nieuwe maar geordende vormen aan.' Niet eerder vertoond gedrag is werkelijk nieuw maar het specifieke soort onbekend gedrag dat in een nieuwe situatie opduikt, is afhankelijk van de afzonderlijke gedragsvormen die al eerder zijn ontstaan - dat wil zeggen: van vroeger opgedane kennis. Kort samengevat is creativiteit geen mysterieus verschijnsel: het is een uitvloeisel van wat je al weet.
Gedrag is generatief. Net als het oppervlak van een snelstromende rivier is gedrag van nature en onophoudelijk nieuw. We herhalen nooit dezelfde handeling en hebben nimmer dezelfde gedachte nogmaals - althans niet als je goed genoeg oplet. Elke ochtend poetsen we op een net iets andere manier onze tanden en we dromen elke nacht nieuwe dromen. Als je tweemaal het woord 'hond' uitspreekt, kan een spectograaf met gemak de beide geluidspatronen onderscheiden. Gedrag is iets vloeiends en het blijft altijd veranderen. Onderzoek rond generativiteit leverde vier aparte strategieën op waarmee je je creatieve productie kunt verhogen.
Tussenkop: Vasthouden
Nieuwe ideeën rennen als konijnen door je bewustzijn: ze zijn vluchtig. Als je ze niet snel bij hun nekvel grijpt, zijn ze er meestal voor altijd vandoor. Toen ik een paar minuten geleden even de natuur haar gang liet gaan - waarover later meer - vonkte er door mijn brein ineens een pakkende titel voor een artikel over onze behoefte aan lichte stressfactoren - iets als 'Wat moet mijn hond zonder haar vlooien?'. Maar tegen de tijd dat ik bij mijn bureau terugkwam, was de titel helaas verdwenen en ik kan hem niet meer oproepen. Het belangrijkste onderscheid tussen 'creatieve' mensen en ons met z'n allen, is dat de creatievelingen hebben geleerd om een aantal van hun nieuwe invallen hun aandacht te schenken en ze vervolgens op te slaan. Ze zijn behendig in het 'vasthouden'.
Wetenschapper Otto Loewi had jarenlang geworsteld met een vraagstuk in de celbiologie. Terwijl hij 's nachts lag te slapen, deed zich een nieuwe aanpak van het vraagstuk aan hem voor. Hij greep in het donker een pen en schrijfblokje, noteerde zijn nieuwe ideeën en ging weer slapen. De volgende morgen kon hij zijn eigen handschrift niet lezen! Had hij zich deze geweldige doorbraak alleen maar verbeeld of was die echt? De nacht daarop werd hij gezegend met hetzelfde stralende inzicht. Ditmaal nam hij geen risico meer. Hij trok zijn kleren aan en ging naar zijn laboratorium. Hij ontving later de Nobelprijs voor het onderzoek dat in die nacht begon.
Mensen die werkelijk hun creatieve kanten willen aftasten, ontwikkelen en oefenen allerlei methoden om nieuwe ideeën vast te houden. Kunstenaars hebben een schetsboekje bij zich. Schrijvers en reclamemensen hebben een notitieblok of zakcomputertje. Uitvinders maken aantekeningen op servetjes of de wikkel van een reep. Salvador Dalí, de grote surrealist, onttrok ideeën voor zijn schilderijen aan de uitermate vruchtbare half-slapende toestand die we de 'hypnagogische toestand' noemen. Hij ging liggen op een bank met in zijn ene hand een lepel, die hij liet balanceren op de rand van een glas dat op de grond stond. Op het moment dat de slaap hem overmande, liet hij de lepel los en dan wekte het geluid van de lepel tegen het glas hem weer. Vervolgens maakte hij onmiddellijk een schets van de hypnagogische beelden die hij voor zich zag. Dit kan iedereen. We hebben allemaal bizarre zintuigelijke ervaringen voor we volledig in slaap vallen. Dalí had alleen maar een manier bedacht om er een paar vast te houden.
Ervaring in het vasthouden kan worden ontwikkeld door jonge kinderen, volwassenen en topmanagers. Leraren, ouders en bedrijfsleiders kunnen de creatieve productie van een groep mensen vele malen opschroeven door wat eenvoudige training en de juiste materialen te verschaffen. Vasthouden is gemakkelijker in bepaalde situaties en op bepaalde momenten, dus zorgen we voor een hogere opbrengst door ons de situaties en momenten te realiseren die bij ons het beste werken. Voor sommige mensen zijn de drie B's van de creativiteit - het Bed, het Bad en de Bus - bijzonder vruchtbaar, vooral als je op die plekken schrijfmateriaal bij de hand houdt. Anderen moeten aan de rand van het zwembad zitten of op een oceaanstomer of in een eenzaam hutje in het woud.
Tussenkop: Uitdagen
Eén manier om nieuwe ideeën op gang te brengen is jezelf voor een uitdaging plaatsen - dat wil zeggen jezelf in een lastig parket brengen waarbij je waarschijnlijk tot op zekere hoogte zult mislukken. Een situatie die een uitdaging vormt is vergelijkbaar met de techniek van 'uitschakeling' in een gedragswetenschappelijk laboratorium. We schakelen gedrag uit als we de prikkels wegnemen die dergelijk gedrag doorgaans in stand houden. In zulke situaties ontbreken de prikkels voor diverse soorten gedrag. Het werkt domweg niet. Wanneer gedrag zijn doel mist, wordt het van nature zwakker. We voelen ons dan gefrustreerd en ontstemd en er treedt een 'opwelling' op van gedragspatronen die vroeger doelmatig zijn gebleken, de belangrijkste stimulans voor creativiteit. We gaan elk ander soort gedrag uitproberen dat in het verleden onder vergelijkbare omstandigheden ooit van nut is geweest. Dit zorgt ervoor dat meerdere gedragspatronen elkaar heftig verdringen, wat het generatieve proces sterk bevordert - onze gevoelens van frustratie en verwarring zijn voornamelijk bijprodukten van deze verwoede worsteling. 'Ultieme vraagstukken' - lastige kwesties waarvoor geen oplossing is - kunnen worden ingeschakeld om de opbrengst aan creativiteit te verhogen. Willen we onszelf echt graag in situaties plaatsen die ons zeer zeker gefrustreerd en verward zullen achterlaten? Ja, absoluut! Als je je gefrustreerd voelt, verkeer je in het gezelschap van de grootste dichters, componisten en uitvinders aller tijden en zit je zeer waarschijnlijk vlak tegen een nieuw idee aan. Mislukken is niet iets om bang voor te zijn. Als je er goed mee omgaat, is het een geweldige voedingsbodem voor creativiteit.
Tussenkop: Verbreden
Hier volgt een bedrieglijk eenvoudig gegeven: om te zorgen dat een verzameling gedragspatronen bijdraagt aan het generatieve proces, moet die eerst bestaan. Met andere woorden: hoe meer training je ontvangt en hoe meer variatie die training vertoont, des te groter zijn de mogelijkheden voor een creatieve opwelling. Kinderen door het klaslokaal laten fladderen van de ene 'werkhoek' naar de andere is geen goede aanpak. Als we op onszelf zijn, kiezen we onwillekeurig voor een zeer beperkt arsenaal aan leermogelijkheden. Het creatieve proces wordt gestimuleerd door een fikse verzameling stevig verankerde gedragpatronen. Traditionele, uitgebalanceerde en confronterende werkwijzen bij onderwijs en training hebben een bijzondere waarde als je een basis voor creativiteit wilt leggen. Spreek ik mezelf tegen? Heb ik niet gesteld dat de juf van groep 1 een monster was dat de creativiteit smoorde door te veel les te geven? De moeilijkheid met het gangbare onderwijs is niet dat het zoveel vakken geeft, of dat sommige vakken geen direct aantoonbaar nut hebben. Het probleem is alleen dat er aan creativiteit als zodanig geen tijd en training wordt besteed. Kinderen moeten dingen leren die ze niet willen leren - niet alleen om een deugdzaam burger te worden, maar ook een creatiever mens.
Wil je je creativiteit opschroeven, ga dan lessen volgen over een onderwerp waarvan je niets afweet. Volg tenminste eenmaal per jaar op de volksuniversiteit een college over het laatste waarvan je ooit verstand wilde krijgen. De ontdekking van klittenband, de moderne theorie van de elektron-spin en talrijke andere doorbraken werden mogelijk doordat de bedenkers ervan in diverse richtingen onderwijs genoten.
Tussenkop: Ambiance
Je kunt je creativiteit tenslotte ook nog opvoeren door voor jezelf een ambiance te scheppen met allerhande inspirerende voorwerpen - en wat nog belangrijker is, door die zaken regelmatig te vervangen. Uiteenlopende en veranderende bronnen van inspiratie bevorderen de creativiteit omdat ze - net als bij een 'opwelling' - ervoor zorgen dat meerdere gedragspatronen om voorrang strijden. Als je 's morgens een Mickey Mouse-pet en een pincet op je bureau legt, zullen je gedachten in de loop van de dag naar onlogische gebieden afdwalen. Je mag stellen dat je wordt afgeleid, als je wilt. Maar het zijn geweldige schatkamers voor je creativiteit.
En nu het beste nieuws: uit onderzoek blijkt dat iedereen creatieve mogelijkheden bezit. Het generatieve mechanisme dat de basis vormt van het creatieve proces is ononderbroken werkzaam in ons allemaal. Wij bezitten stuk voor stuk het creatieve potentieel van Mozart, Picasso, Edison of Einstein. Wil je je creatieve prestaties op een hoger plan brengen, leg dan je nieuwe ideeën vast op het moment dat ze voorbij komen, maak het jezelf lastig zodat de ideeën op elkaar gaan inwerken, verbreed je scholing zodat vele nieuwe gedragspatronen beschikbaar komen om met elkaar de strijd aan te gaan, en omgeef jezelf zoveel mogelijk met allerhande steeds wisselende inspiratiebronnen. Iedereen kan zich deze creatieve strategieën eigen maken. Ze zijn het enige dat jou nog scheidt van de meest creatieve mensen in de geschiedenis.
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.