Email   Print
Share  

Ondertonen

Muziekbespreking Astor Piazzolla: The Late Masterpieces (American Clavé/Choice).

Ton Maas | 13 maart/april 1997 issue

Ooit kwam hij bij Hilversum de grens over - om precies te zijn via de tune van het radioprogramma van Germaine Groenier - en is sindsdien niet meer weg te denken uit ons muzikale landschap: de Argentijn Astor Piazzolla. Hoewel hij tegenwoordig geldt als de vleesgeworden verpersoonlijking van de tango, een dansvorm die eind negentiende eeuw ontstond in de bordelen en bars van Buenos Aires, onttrekt zijn muziek zich in allerlei opzichten aan de regels van de traditie. Pas nadat hij in Parijs bij Nadia Boulanger een vergeefse gooi had gedaan naar de status van 'eigentijds' componist, werd duidelijk wat zijn ware roeping was: het creëren van een volstrekt originele muziekvorm die trouw bleef aan de 'ziel' van de tango maar die de dansvloer verruilde voor het concertpodium. Gedreven door perfectionisme ontwikkelde hij zich echter steeds verder in de richting van de eigentijdse kunstmuziek. Deze 'late meesterwerken' mogen dan zwaardere kost zijn dan de muziek waarmee hij eind jaren zeventig wereldberoemd werd maar voor liefhebbers is dit echt het neusje van de zalm. De cassette bevat onder meer het album dat de meester zelf als zijn beste beschouwde: Tango Zero Hour. Drie CD's vol sensuele, bijna erotische, geraffineerd gearrangeerde en vlekkeloos vertolkte composities waarin - zoals altijd - een hoofdrol is weggelegd voor Piazzolla en zijn onafscheidelijke bandoneon.

Tussenkop: Ross Daly: Elefthero Simio (Oriente/Music&Words)

Hoe noemen we een in Engeland geboren Ier die opgroeide in Canada, Japan en de Verenigde Staten en vervolgens langdurig verbleef in India, Afghanistan en Turkije en op Kreta? Als iemand het predikaat 'muzikale kosmopoliet' verdient, is het wel Ross Daly want inmiddels beheerst deze duivelskunstenaar tientallen instrumenten en evenzovele muzikale tradities en stijlen. 'Eurazische muziek', noemt hij het zelf. In Griekenland, waar hij tegenwoordig woont, geldt Daly niet alleen als een van de meest virtuoze solisten uit de volksmuziek maar ook als een belangrijk componist. Zijn nieuwe CD Elefthero Simio is geheel geïmproviseerd _ wat de muziek alleen nog maar eigenzinniger maakt. Daly bespeelt hier bijna twintig verschillende instrumenten waaronder de Kretenzische lyra, de Turkse kemençe, de Griekse bouzouki, de Arabische aoud en de Indiase sarangi. Hij wordt bijgestaan door onder meer klarinettist Vassilis Soukas en percussionist Amin Alagabu. Statige, betoverende en meeslepende muziek, afgewisseld met wilde en onstuimige passages maar altijd met een weemoedige inslag. Een bijna twee uur durende muzikale ontdekkingsreis vol muzikale vergezichten.

Tussenkop: Beth Orton: Trailer Park (Heavenly/BMG)

Wonderlijk hoe temidden van het gitaargeweld van groepen als Oasis en Blur opeens een lyrisch talent opduikt dat lijkt terug te grijpen op de singer-songwritertraditie uit de jaren zestig en zeventig. Orton is zevenentwintig en afkomstig uit kringen rond Britpop-projecten als Strange Cargo, Red Snapper en Primal Scream. Trailer Park is Beths eerste solo-album en hoewel haar ambient en techno-verleden onuitwisbare sporen heeft nagelaten, wordt snel duidelijk dat ze zich vooral heeft laten inspireren door artiesten als Neil Young, Nick Drake, Carol King en Rickie Lee Jones. Met enige moeite zou ze kunnen worden opgevat als het Engelse antwoord op Alanis Morissette maar die gelijkenis is toch vooral oppervlakkig. Beth weet haar vocale beperkingen om te buigen tot een zeer persoonlijke stijl die wel eens goed bestand zou kunnen blijken tegen de tand des tijds.

Tussenkop: Oranj Symphonette: Plays Mancini (Grammavision/PIAS/VIA)

Dit vierkoppige Amerikaanse gezelschap waarvan de afzonderlijke leden eerder speelden met onder meer Tom Waits en P.J. Harvey, komt op hun debuutalbum heel verrassend uit de hoek met een twaalftal uiterst oorspronkelijke, ietwat 'anarchistische' maar zeer verfrissende bewerkingen van legendarische filmthema's van Henry Mancini. In een ongebruikelijke bezetting van alt- en bassaxofoon, trombone, slide-klarinet, gitaar, bas, cello, drums en percussie blazen de heren sufgespeelde deuntjes als A Shot in the Dark, The Pink Panther Theme en Baby Elephant Walk met veel toewijding en een ongebreidelde fantasie nieuw leven in. Moon River, bijvoorbeeld, klinkt dankzij een gedurfd duet tussen cello en bassax als nooit tevoren. Fitness voor de oren!

Tussenkop: Mino Cinelu & Kenny Barron: Swamp Sally (Verve/Polygram)

Percussionist en pianist _ beiden oudgedienden uit de jazz _ kozen New Orleans als inspiratie voor een muzikaal pretpark vol attracties. Aanstekelijk en uiterst gevarieerd.

Tussenkop: Medeski, Martin & Wood: Shack Man (Grammavision/PIAS/VIA)

Zwoel, zompig en soepel swingend trio in de onvervalste Hammondorgel-traditie van Jimmy Smith en Jimmy McGriff. En met een dijk van een groove!



Tools: Bespreken | Email | Print | RSS | Nieuwsbrief
Save/Share:
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google
  • Facebook
  • YahooMyWeb
  • StumbleUpon
  • Blue Dot
  • Technorati
  • Reddit

Van onze adverteerders:

   
Abonnement
Geef Ode cadeau
Nieuwsbrief