|
|
Over mannen en de dingen die voorbijgaan...
De moderne samenleving hunkert naar veiligheid.
De westerse samenleving is wanhopig op zoek naar veiligheid en geborgenheid. Ofschoon het verschijnsel van toenemende misdaad vooral ook een gevoel blijkt dat lang niet altijd door feiten en cijfers wordt gedekt, boezemen vreselijke uitwassen van criminaliteit steeds meer angst in. Wie in Ode's bronnen zoekt naar de schuldigen vindt twee categorieën: domme mannen en verloren relaties. Opzij (november 1996) herinnert er fijntjes aan dat pedofilie twintig jaar geleden meelifte op de homoseksuele emancipatiegolf. In die tijd wilde men niet preuts zijn en pedofielen werden niet langer over een kam geschoren met kinderlokkers. Bovendien boden pedofielen kinderen de warmte die zij thuis moesten ontberen. Met die nonsens wordt nu gelukkig afgerekend: 'In plaats van culturele bagage lijkt een kind bij een pedofiel door het vele snoepen vooral slechte tanden op te lopen.' De Duitse collega van Opzij Emma (november/december 1996) zet naar aanleiding van alle Dutroux-commotie al evenzeer de hakken in het zand en eist levenslange gevangenisstraf voor mannen die herhaaldelijk vrouwen of kinderen misbruiken. Een begrijpelijk geluid. Maar daarmee is het verschijnsel van ontspoorde mannen nog niet verklaard.
The Economist (28 september 1996) wijst naar de domme man.
Terwijl goed opgeleide vrouwen oprukken in het arbeidsproces, raken slecht geschoolde mannen achterop. De overbodige man is een gevaar voor de samenleving. The Economist betoogt: 'Met het uitzicht op werk verliezen mannen ook het zicht op een huwelijk, want wie wil zich verbinden met een werkloze man zonder perspectieven? Daarbij verliest iedereen want al heel lang zijn werk en huwelijk met elkaar verbonden: zij vormen de dubbele verantwoordelijkheid die mannen ervan hebben overtuigd bij vrouw en kinderen te blijven, de wet te gehoorzamen en zich maatschappelijk te gedragen.' Zonder deze banden dreigen mannen te verworden tot losse moleculen: 'niet opgeleid, zonder vakbekaamheid, ongetrouwd, werkloos'. The Economist provoceert: 'Maatschappijen die op kennis zijn gebaseerd, zouden wel eens in veiliger handen kunnen zijn bij vrouwen.'
De tragische man die de richting kwijt is, is ook het onderwerp van Psychologie Heute (oktober 1996). De psychogram van de moderne man na de emancipatiegolf: van dominant familiehoofd is hij geworden tot keurige vent, met begrip voor het emancipatiestreven van zijn vrouwelijke partner. Maar behagelijk voelen mannen zich niet in hun nieuwe rol, vertwijfeld vragen ze zich af wat vrouwen nog meer van hen zullen vergen. Hun vrouwen worden steeds ontevredener, ook al omdat mannen hen wel ruimte geven maar zich niet willen verdiepen in wat de vrouwen eigenlijk beweegt. Vrouwen willen dat de verhouding met hun man persoonlijker wordt, de relatie intenser. Mannen boezemt dat angst in. De macho is wel op de terugtocht maar dat heeft bij mannen niet duidelijk geleid tot echt begrip voor een veranderd rolpatroon. Vooral goedwillende mannen zijn vaak in het defensief gedrongen: ze zijn bang dat als ze offensief optreden, worden beschuldigd van een terugval in hun oude rol waar ze overigens geen raad meer mee weten. Bij veel moderne mannen is de onzekerheid zo groot geworden dat zij bereid zich te laten ontmannelijken en zich het prettigst voelen als androguyne types. Veel vrouwen noemen mannen relatiebarbaren, met wie niet valt te praten. Bij die klacht valt op dat voor vrouwen in hun relatie het gesprek van het grootste belang is, het gesprek over innerlijk en het intermenselijke, dus over gevoelens, stemmingen en over de relatie zelf. Mannen zijn eerder geneigd de kwaliteiten van een relatie te verstoppen; bij hen staan zakelijke thema's, feiten, doelstellingen en resultaten veel meer voorop. Wat kunnen mannen er aan doen om een brug te slaan naar vrouwen? Psychologie Heute geeft aan dat mannen nooit mogen aannemen dat relaties zich vanzelf ontwikkelen zoals zij vaak denken. Beschadigde relaties zijn voor New Statesman (20 september 1996) de voornaamste oorzaak van de toename van de misdaad. Mensen komen niet meer aan elkaar toe door lange werkuren, antimaatschappelijke ploegendiensten, werk voor de korte termijn of voortdurende overplaatsingen. Maar het blad komt ook weer bij de verdwaalde man uit: 'Eigenlijk zouden de uren die een vader met zijn kinderen moet doorbrengen, wettelijk moeten worden vastgelegd.' New Statesman hekelt de eenzijdige nadruk die de afgelopen twintig jaar is gelegd op economische prioriteiten, op welvaart in plaats van op welzijn.
Nederland heeft zijn Commissie Dagindeling maar het is even illustratief dat er in Groot-Brittannië thans een Relationships Foundation nodig is die - naar Australisch voorbeeld - de effecten toetst van nieuwe wetten voor gezinsbudgetten, verhoudingen binnen een gezin en het welzijn van families. De uitdaging is een hervinden van de balans in menselijke waarden, concludeert New Statesman.
In een andere uitgave van New Statesman (1 november 1996) zoekt de Poolse filosoof Zygmunt Bauman, die in Groot-Brittannië doceert, naar de contouren van een veiliger samenleving. Hij betoogt: 'We voelen ons ontheemd; er is ons iets ontnomen dat ons recht was.' Die 'roof' voedt angst en verwarring. We begrijpen de wereld niet en weten niet hoe we verder moeten, meent Bauman. Daarom komt onthulling van een nieuw gevaar als een bevrijding. Gekke koeien, vervuilde lucht, zakkenrollers, verkrachters en pedofielen maken de bedreiging grijpbaar en zichtbaar: nu weten we waarover we ons kwaad moeten maken. Maar, zo schrijft Bauman, wat ons beroert, is nieuw en dus moet het medicijn ervoor ook nieuw zijn. De gevoelens die de echte oorzaak zijn van onze onvrede en angsten moeten nog steeds worden benoemd. Die benoeming is de eerste beslissende stap op 'die belangrijkste weg die van woord naar vlees leidt'. Bauman: 'In het grootste deel van de moderne geschiedenis hebben we gedaan alsof we het einde van de weg kenden voordat we die hadden afgelegd.' Dat is steeds een illusie gebleken. De geschiedenis kiest zijn eigen weg. We voelen dat we op een keerpunt staan. Daarom constateert Bauman dat de restauratie van oude waarden geen antwoord biedt op vragen die nog niet zijn gesteld. Noch kunnen we van te voren vaststellen hoe een moreel programma moet worden uitgewerkt. Zonder een duidelijke koers blijft alleen het feit over dat wij wel verantwoordelijk zijn voor de veranderingen die op handen zijn. Met alle daarmee gepaard gaande onzekerheden en angsten, biedt dat besef misschien de veiligste en effectiefste weg naar een waardiger leven en rechtvaardiger wereld.
| Tools:
Bespreken
| Email
| Print
| RSS
| Nieuwsbrief Save/Share: |


You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.