Email   Print

Oefening in plichtsbesef

Het communitarisme is geen ideologie maar een signaal

Jurriaan Kamp | 10 september/oktober 1996 issue

Wie het gesprek rond de falende, afbrokkelende verzorgingsstaat beluistert, komt steeds vaker het woord 'gemeenschap' tegen. De gemeenschap als medicijn tegen criminaliteit. De gemeenschap als bezuiniging voor de dure gezondheidszorg. De gemeenschap als basis voor de nieuwe welvaartsstaat. Je krijgt al gauw de indruk dat de gemeenschap voor alle kwalen van de samenleving de uitkomst kan bieden. Rondom dit gemeenschapsdenken is in de Verenigde Staten onder leiding van de socioloog Amitai Etzioni een beweging ontstaan, het communitaristische netwerk. Etzioni vindt ook in Europa gretig gehoor bij politici als de Britse Labour-leider Tony Blair en Bondskanselier Helmut Kohl. In juli was het communitaristische netwerk bijeen in Genève. Doel van de conferentie waaraan zo'n 200 wetenschappers (voornamelijk) en politici deelnamen: opstellen van een politieke agenda voor het communitarisme.

Dat bleek geen eenvoudige opdracht. Al was het maar omdat - zoals één van de deelnemers opmerkte - om te beginnen het woord 'communitarisme' politiek onbruikbaar is. Daarbij komt dat als het communitarisme zichzelf ten doel stelt het conflict tussen het individu en de organisatie van meer individuen te regelen. Maar dat conflict is zo oud als de mensheid. Wat is er dan nieuw aan het communitarisme? Voorganger Etzioni stelt centraal dat het individu niet alleen rechten heeft in de samenleving maar ook plichten. Met andere woorden: er zijn situaties waarin van het individu wordt gevraagd zijn eigen belang ten gunste van een algemeen belang te overstijgen. Dat is een lastige boodschap voor de westerse samenleving die voor een belangrijk deel is voortgekomen uit revoluties waarin juist voor rechten is gestreden. Een samenleving die bovendien de verzorgingsstaat met al zijn rechten als een verworvenheid beschouwt. Welke kan de basis voor die plichten dan zijn? De Britse rabbi Jonathan Sacks wees erop dat succesvol communitarisme eigenlijk niet zonder religie kan. Religie bood van oudsher de beginselen waaruit plichten konden voortvloeien: heb uw naaste lief... Maar het ziet er niet goed uit voor het communitarisme als de beweging het van religie moet hebben.

De ster van de conferentie Francis Fukuyama zocht de basis voor het gemeenschapsdenken ergens anders. Hij stelde dat het kapitalisme sterk afhankelijk is van - wat hij noemde - 'sociaal kapitaal'. Dat is meer dan een verzameling van waarden en normen, het is kapitaal. Dat wil zeggen het moet worden onderhouden en er moet in worden geïnvesteerd. Soms kan de overheid dat goed doen. Fukuyama noemde het louterende effect van dienstplicht op jongeren die van huis uit geen plichtsgevoel hebben meegekregen -sprak voormalig premier Ruud Lubbers niet ook eens over werkkampen? Het bedrijfsleven kan - in Fukuyama's visie - verder de gemeenschapszin bevorderen door teamwerk in bedrijven te stimuleren.

Maar juist bedrijven zullen dat alleen doen als de economie teamwerk beloont. Soms werken teams doelmatiger maar dat is niet altijd het geval. Het communitarisme heeft dus meer economische argumenten nodig. Maar het bleek niet mee te vallen een duidelijke communitaristische economische visie onder woorden te brengen. In het algemeen werd het eenzijdige individualistische kapitalisme veroordeeld. De beweging slingert tussen de individuele verantwoordelijkheid van laisser-faire en de collectieve verantwoordelijkheid van de sterk centraal geleide economie. Tussen rechten en plichten. En dan is het vastklampen aan de oprukkende stakeholder-filosofie die stelt dat een bedrijf met meer belanghebbenden dan alleen aandeelhouders heeft te maken, te mager. Bovendien was er de ontnuchterende bijdrage van de econoom John Kay van de London Business School. Hij wees erop dat de markt altijd binnen een sociale contekst werkt en dat het succes van een onderneming afhangt van het begrip van die contekst. En individualisme is, volgens Kay, maar één van de factoren die de sociale contekst bepalen. Zwitserland heeft een zeer succesvolle economie maar dat succes voltrekt zich in zeer sociale omgeving. Aan de andere kant is 'Nigeria waarschijnlijk de meest individualistische economie ter wereld. Maar die economie werkt niet.'

Het verhaal van Kay maakt duidelijk dat communitarisme niet een algemene nieuwe politieke filosofie kan zijn. De rol van de gemeenschap varieert van land tot land. Zo lieten Spaanse vertegenwoordigers weten dat Spanje helemaal geen behoefte heeft aan communitaristische idealen. In dat land werkt de gemeenschap prima. Zo goed zelfs dat de Spanjaarden na Zwitserland en Duitsland op de derde plaats staan op een lijst van The Economist van landen waar het leven kwalitatief het best is. Ondanks het feit dat de Spaanse werkloosheid thans 24 procent bedraagt, tweemaal het gemiddelde van de Europese Unie.

Misschien kan het communitarisme ook wel niet doorstoten als politieke stroming omdat - zoals Fukuyama heeft uitgezet in zijn The end of history - er geen plaats meer is voor grote maatschappelijke ideologieën. De waarde van de communitaristische beweging is dat zij een vacuüm signaleert waarmee tal van westerse samenlevingen hebben te kampen - waar zijn de plichten gebleven? Maar de beweging biedt geen leidraad voor het definiëren van die plichten. Alomvattende definities bestaan ook niet. Een gemeenschap is gebonden aan plaats en tijd. En een gemeenschap is - zoals een deelnemer treffend formuleerde - 'niet een wezen maar een oefening'.



Tools: Bespreken | Email | Print | RSS | Nieuwsbrief
Save/Share:
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google
  • Facebook
  • YahooMyWeb
  • StumbleUpon
  • Blue Dot
  • Technorati
  • Reddit
Comments
Post a comment

You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.

   
LaScuola, Nederland
riapool, Nederland