Email   Print

Dat eeuwige geruzie

'Dat eeuwige geruzie, je wordt er gek van! Wanneer ouders gevraagd wordt waarmee ze het als opvoeders het moeilijkst hebben, dan blijkt het ruziën van de kinderen hoog te scoren. De meeste ouders weten heus wel dat ruziën tussen broers en zusters een algemeen verschijnsel is, maar dat doet maar weinig af aan de ergernis die het geeft.

Frits Boer | 2 mei/juni 1995 issue

Broers en zusters gaan onbevangen met elkaar om. Ze zien in het algemeen geen reden elkaar met complimenten te overladen en hebben er weinig problemen mee elkaar ongezouten de waarheid te zeggen. Doordat hun belangen dicht in elkaars buurt liggen, ontstaan er snel botsingen. De conflicten die kinderen met elkaar hebben, zijn daardoor heftiger en emotioneler dan de conflicten die kinderen met hun ouders hebben. Broers en zusters maken op een primitievere manier ruzie met elkaar dan met hun ouders of met leeftijdgenoten. Kinderen die al heel goed in staat zijn om tegenover moeder of een vriendin een standpunt uiteen te zetten en te reageren op wat de ander zegt, kunnen een kwartier later in een ruzie met een broer of zus nog volstaan met een simpel 'welles-nietes', of met slaan, schoppen en huilen. En terwijl onder leeftijdgenoten jongens veel vaker ruziemaken dan meisjes, bestaat er binnen het gezinsverband nauwelijks verschil tussen zussen en broers. Wanneer ouders hun ruziënde kinderen verwijten dat ze wel baby's lijken, hebben ze waarschijnlijk gelijk. De kwestie is dat het de kinderen op dat moment niet zoveel kan schelen.

Als we onder ruzie ook de mildere vorm rekenen die sommige mensen liever als 'kibbelen' aanduiden, dan blijkt dat in Nederlandse gezinnen met twee kinderen die beiden in de basisschoolleeftijd zijn, ongeveer in de helft van de gevallen de kinderen gemiddeld zo'n twee keer per dag ruziemaken, een kwart van hen drie of meer keer en een kwart van hen niet elke dag, maar een of twee keer in de week. Die ruzies duren meestal maar een paar minuten. In de loop van de basisschoolleeftijd doen zich verschuivingen voor in de patronen van het ruzie maken. Hoe ouder kinderen worden, des te langer zullen ze last houden van ruzie. Peuters en kleuters kunnen wanneer ze nog maar net van een ruzie bekomen zijn, vrijwel direct met elkaar aan iets nieuws beginnen. Oudere kinderen hebben daarvoor iets meer tijd nodig, al geldt ook voor hen dat ze meestal niet lang kwaad blijven.

Wanneer de betrokken kinderen beiden tegen de tien jaar zijn, zullen ze vaker ruziemaken door middel van woorden dan door te slaan, aan haren te trekken of te knijpen. Ook is de aanleiding nu soms een andere. Het gaat niet meer zo vaak om het betwisten van iets concreets als speelgoed of een fiets, maar om de aantasting van het persoonlijke domein. Vooral in de adolescentie is dit heel uitgesproken. Het aan andermans spullen komen of het binnenkomen in andermans kamer is dan vaak de aanleiding tot het conflict. We zien briefjes op de deur van de tienerkamer verschijnen met boodschappen als: 'Eerst drie keer kloppen!' (eventueel aangevuld met de boodschap dat zelfs dan toegang tot de kamer absoluut verboden is voor een met name genoemde broer of zus.

Als ook de jongste van twee broers of zussen de twaalf jaar is gepasseerd, neemt de frequentie en de hevigheid van de conflicten doorgaans sterk af. Soms doordat de onderlinge relatie positiever is geworden, maar in andere gevallen vooral doordat de broers/zusters nu veel meer contacten buiten de deur hebben en elkaar domweg minder tegenkomen. Kinderen van hetzelfde geslacht (dus twee broers of twee zussen) hebben vaker ruzie met elkaar dan een broer en een zus. En kinderen die niet veel in leeftijd schelen weer vaker dan kinderen met een leeftijdsverschil dat bijvoorbeeld groter is dan een jaar of vier. De reden hiervan is niet dat kinderen van hetzelfde geslacht met een klein leeftijdsverschil een slechtere relatie hebben. Integendeel, ze hebben juist meer ruzie omdat ze meer met elkaar optrekken dan een broer en een zus, of kinderen die meer in leeftijd schelen. We zeiden al dat jongens en meisjes elkaar niet veel ontlopen in het ruziën binnen de kring van het gezin. Dat zou je niet verwachten, omdat jongens over het algemeen agressiever zijn dan meisjes. Er is nog een verschil met vriendjes en vriendinnetjes: kinderen vechten binnenshuis veel meer met elkaar dan kinderen buitenshuis doen. Deze verschillen kunnen een bron van misverstand zijn met vergaande consequenties. Omdat ouders hun idee over wat 'normaal' is vaak ontlenen aan wat ze buiten de deur (op school of op straat) van andere kinderen zien, kunnen ze vooral bij dochters makkelijk de verkeerde indruk krijgen dat hun kinderen veel meer met elkaar ruziën en vechten dan andere kinderen. Ze zouden zich waarschijnlijk opgelucht voelen als ze ook eens bij die andere gezinnen binnen zouden kunnen kijken.

Welke rol speelt het gedrag van de ouders zelf? In gezinnen waarin ouders veel ruzie met elkaar maken, blijkt ook bij de kinderen onderling gemiddeld meer sprake van ruzie. Daarbij kunnen verschillende factoren een rol spelen. Ten eerste het voorbeeld dat deze ouders hun kinderen geven. Wanneer je gewend bent dat mensen tegen elkaar beginnen te schreeuwen wanneer ze onenigheid hebben, ga je dat makkelijker zelf doen. Kinderen vinden het vervelend wanneer hun ouders ruzie hebben. Ze maken zich zorgen en zijn er bijvoorbeeld bang voor dat hun ouders gaan scheiden. Ongeruste kinderen zijn prikkelbaar en dan is de broer of zus een voor de hand liggend doelwit. Bovendien kan het feit dat zowel de ouders als de kinderen veel ruzie met elkaar hebben, het gevolg zijn van moeilijke omstandigheden waaraan het gezin als geheel blootstaat. Tenslotte kan de ruzie tussen de ouders niet zozeer de oorzaak, als wel het gevolg zijn van de problemen die de kinderen onderling met elkaar hebben. We zijn zo gewend om bij problemen van kinderen naar de ouders te kijken en ons af te vragen wat die 'fout' hebben gedaan, dat we makkelijk over het hoofd zien hoe ongerust en geprikkeld ouders kunnen worden door het geruzie van hun kinderen en hoe vaak ouderlijke ruzies ontstaan door onenigheid over de aanpak ervan.

Kinderen gaan meestal minder gebukt onder ruzie dan hun wanhopige ouders, maar echt leuk zullen ze het niet vinden. Toch is al dat geruzie ook ergens goed voor, want de sociale ontwikkeling van kinderen vaart er wel bij wanneer ze conflicten met broers of zussen meemaken. Ten eerste omdat het ze ervaringen verschaft die nuttig kunnen zijn voor het latere sociale verkeer, en ten tweede omdat het hun persoonlijke ontwikkeling ten goede komt. De groep van broers en zusters wordt wel het 'eerste sociale laboratorium' genoemd. Het kind maakt zich in de omgang met broers en zusters allerlei sociale vaardigheden eigen.

Is het dan nodig om te leren vechten en ruziën? In zekere zin wel, want ook wanneer je hoopt, dat iemand als volwassene niet al te veel ruzie zal maken, is het in elk geval nuttig wanneer hij weet hoe het bij een ruzie toegaat, al was het alleen maar om ervoor te kunnen zorgen dat hij zich goed te weer stelt. In dat opzicht bieden broers en zusters een goede leerschool. Doordat je zo dicht in elkaars buurt opgroeit, kun je er goed achter komen waar je sterke en zwakke punten liggen. De een weet dat hij het van zijn postuur moet hebben en de ander van zijn vermogen om er vliegensvlug vandoor te gaan. Wanneer je ouder wordt, zul je merken dat je er meestal niet meer uitkomt met lichamelijke strategieën, maar dat het er nu vooral om gaat hoe je je woordje doet. Ook dat kan op verschillende manieren. Bij een broer of zus kun je er achter komen dat je een ander met succes in de hoek kunt praten of door een plotselinge gevatte opmerking uit balans kunt brengen.

Kinderen ontwikkelen binnen deze relatie ook hun strategieën om problemen in de omgang met anderen op te lossen. Die kunnen variëren van goed overleg tot botte chantage. Ook hier geldt dat het voor het volwassen leven goed is in elk geval met deze strategieën vertrouwd te zijn, ook wanneer je ze niet zelf zou willen toepassen. Je moet weten hoe chantage 'ruikt' om er alert op te kunnen zijn. Je moet weten dat iemand je soms glashard dingen vertelt die absoluut niet kloppen, enzovoort. Ouders zullen hier misschien weleens op wijzen, maar zelf doorgaans in de omgang met hun kinderen niet van dit soort antisociale tactieken gebruikmaken. Als kind leer je die vooral kennen in de omgang met leeftijdgenoten. Conflicten leveren nog een andere bijdrage aan de ontwikkeling van kinderen. Wanneer je je ergens druk over maakt, ben je gemotiveerder om je af te vragen wat de ander beweegt om iets te doen dat jou niet bevalt. Als een meisje zich bij moeder beklaagt over het feit dat haar zusje steeds op de schommel gaat, net wanneer ze erop wil, zal ze misschien daarbij de opmerking maken: 'Ze doet het om me dwars te zitten.' Of: 'Ze zegt dat ze zo graag wil schommelen, maar dat is alleen omdat ik het wil. Ze moet me altijd nadoen.' In alle eenvoud getuigt dit soort uitspraken van een poging zich in de motieven en gevoelens van een ander te verplaatsen.

Conflicten in het algemeen, maar zeker die met broers en zussen en andere leeftijdgenoten, kunnen tenslotte een nuttige rol vervullen in het bereiken van het besef van individualiteit. Elk mens staat in de loop van zijn ontwikkeling voor de opgave om een balans te vinden tussen het verwerven van een persoonlijke identiteit enerzijds en het functioneren binnen het grotere geheel, met betrokkenheid bij anderen, anderzijds. Bij deze complexe opgave speelt de ervaring met conflicten een belangrijke rol. Juist in de botsing met de ander voel je hoe je je onderscheidt van de omgeving, terwijl er bij ruzie tegelijk sprake is van betrokkenheid bij de ander (in plaats van onverschilligheid). Bij een conflict leer je discussiëren, argumenteren, onderhandelen en eventueel hoe tot een compromis te komen. In de context van het conflict leer je de verschillen tussen jezelf en anderen kennen, maar ook de manier om toch in relatie met de ander te blijven. Als het gaat om deze functie voor de persoonlijke ontwikkeling, kunnen we weer aan het 'sociale laboratorium' denken. Juist de relatie tussen broers en zussen leent zich zo goed voor deze interactie, omdat de relatie zelf nauwelijks in het geding is bij een conflict. Je komt elkaar dezelfde dag weer tegen en je moet met elkaar verder, of je wilt of niet. En de meeste broers en zussen willen dat best.

Het feit dat ruziën ook zijn nuttige kanten heeft, zou tot de conclusie kunnen leiden dat je je er als ouder maar niet mee moet bemoeien, omdat het kennelijk goed is voor je kinderen. Maar zo algemeen kun je dat niet stellen. Om constructief te kunnen omgaan met boosheid en conflicten moet een kind ook leren alternatieven te vinden om van de directe fysieke aanslag te kunnen komen tot andere vormen van 'indruk maken', en om zo nodig de agressie te kunnen uitstellen en beheersen. Zoals gezegd ontwikkelt een kind deze vaardigheden voor een deel in de directe contacten met broer of zus (of andere leeftijdgenoten) door schade en schande en door bij de ander de kunst af te kijken. Maar soms zal de hulp van de volwassene hierbij onontbeerlijk zijn om te voorkomen dat de boosheid zo hoog oploopt dat het kind en/of zijn broer of zus er zo bang van wordt dat het niets meer leert van deze ervaring, maar er alleen maar door wordt overspoeld.

Maar wat doe je nu aan dat alledaagse gekibbel als het je als ouder de keel begint uit te hangen? Er zijn heel wat boeken aan dit onderwerp gewijd. Dat is niet verbazingwekkend gezien de eerder genoemde hoge score van ruziën in de categorie 'grootste problemen van opvoeders'. Vaak is de teneur van de adviezen om de kinderen het zelf maar te laten uitzoeken. Dat zal ouders aanspreken die merken dat het veel beter gaat tussen de kinderen wanneer ze niet in de buurt zijn.

Hoe zou het komen dat kinderen minder ruziemaken wanneer de ouders zich erbuiten houden? Sommige ruzies hebben veel te maken met de behoefte aandacht van een van de ouders te krijgen. Wanneer die aandacht komt, al is het op een negatieve manier door tussenbeide te komen bij een ruzie, wordt in zekere zin voldaan aan de behoefte en zal het patroon zich voortzetten. Er is nog een andere kant. Ook verschillende behandeling van de kinderen door de ouder kan een oorzaak zijn van onderlinge conflicten tussen de kinderen. Wanneer moeder of vader ingrijpt bij een ruzie is de kans groot dat de een meer op de ruzie wordt aangesproken dan de ander (degene die lijkt te zijn begonnen, degene die het meest tekeergegaan is, of degene die geacht wordt de wijste te zijn). Hierdoor doet zich dus makkelijk weer een vorm van verschillende behandeling voor, waardoor het patroon in stand kan worden gehouden. Bij een onderzoek waarbij kinderen in gezinnen met twee kinderen in de peuter- en kleuterperiode een paar jaar gevolgd werden, bleken de kinderen van moeders die weinig bij conflicten tussenbeide kwamen, enkele jaren later minder ruzie met elkaar te hebben dan de kinderen van moeders die dit wel deden. Daar stond echter tegenover dat de kinderen in de laatste groep bij ruzie over een hoger ontwikkelde strategie van probleemoplossing beschikten. Dat wil zeggen dat ze vaker tot verzoening probeerden te komen, elkaar meer uitleg gaven wanneer ze de ander iets wilden verbieden en eerder een beroep deden op bepaalde sociale regels. Met andere woorden: het reageren op ruzies tussen de kinderen leidt er misschien toe dat ze minder snel verdwijnen, maar ook dat kinderen beter in staat zijn met een conflictueuze relatie om te gaan.

Als ouders willen reageren, doen ze er waarschijnlijk het verstandigst aan wanneer ze duidelijke regels stellen en de moeite nemen uit te leggen waarom ze bepaalde dingen niet goed vinden en welke vervelende gevolgen het bewuste gedrag voor een ander zal hebben. Dit heeft natuurlijk de beste uitwerking wanneer de sfeer in het gezin door het kind als warm en ondersteunend wordt ervaren. Het advies om niet te reageren kan dan worden gereserveerd voor die situaties waarin de ouders ontdekken dat ze in een patroon terecht zijn gekomen waarin er teveel vruchteloos achter de ruziënde kinderen wordt aangehold.

Met toestemming bewerkt en overgenomen van Frits Boer: Een gegeven relatie, Prometheus 1994



Tools: Bespreken | Email | Print | RSS | Nieuwsbrief
Save/Share:
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google
  • Facebook
  • YahooMyWeb
  • StumbleUpon
  • Blue Dot
  • Technorati
  • Reddit
Comments
Post a comment

You must be a registered user to comment. If you are already registered Click here to login or Click here for our fast, free registration.